Den Haag,
VGP/ADT
Ontwerp van een Besluit tot
wijziging van lijst I en II,
behorende bij de Opiumwet, in
verband met plaatsing op lijst I
van oripavine en in verband
met plaatsing op lijst II van
hallucinogene paddenstoelen.
Daartoe gemachtigd door de ministerraad bied ik Uwe Majesteit na overleg met de minister
van Justitie het bovenvermelde ontwerp van een algemene maatregel van bestuur aan. Het
ontwerp gaat vergezeld van een nota van toelichting.
Ik moge U verzoeken het ontwerp aan de Raad van State ter advisering voor te leggen en de
Raad te machtigen zijn advies rechtstreeks aan mij te doen toekomen en een afschrift van
het advies toe te zenden aan bovenvermelde minister.
De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
dr. A. Klink
Besluit van
houdende wijziging van lijst I en
II, behorende bij de Opiumwet, in
verband met plaatsing op lijst I
van oripavine en in verband met
plaatsing op lijst II van
hallucinogene paddenstoelen
Op de voordracht van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport van , VGP/ADT , gedaan na overleg met
Onze Minister van Justitie;
Gelet op artikel 3a, eerste en tweede lid, van de Opiumwet;
De Raad van State gehoord (advies van )
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn
en Sport van VGP/ADT , uitgebracht na overleg met Onze
Minister van Justitie;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I
Aan lijst I, behorende bij de Opiumwet, wordt na “- opium
het gestremde melksap, verkregen van de plant Papapver somniferum L.”
ingevoegd:
“oripavine 3-O-demethylthebaine 6,7,8,14-tetradehydro-4,5-
alpha-epoxy-6-methoxy-17-
methylmorphinan-3-ol”
Artikel II
Aan lijst II, behorende bij de Opiumwet, wordt na “zolpidem - “
ingevoegd:
“
Paddo’s
A: paddenstoelen die van nature de stof psilocine of psilocybine bevatten:
agrocybe farinacea -
conocybe cyanopus blauwvoetbreeksteeltje
conocybe kuehneriana grasbreeksteeltje
conocybe siligineoides -
conocybe smithii -
copelandia affinis -
copelandia anomala -
copelandia bispora -
copelandia cambodginiensis -
copelandia chlorocystis -
copelandia cyanescens -
copelandia lentisporus -
copelandia mexicana -
copelandia tirunelveliensis -
copelandia tropica -
copelandia tropicalis -
copelandia westii -
galerina steglichii -
gerronema fibula -
gerronema solidipes -
gymnopilus aeruginosus -
gymnopilus braendlei -
gymnopilus intermedius -
gymnopilus lateritius -
gymnopilus liquiritiae -
gymnopilus luteofolius -
gymnopilus luteoviridis -
gymnopilus luteus -
gymnopilus purpuratus -
gymnopilus sapineus dennevlamhoed
gymnopilus spectabilis -
gymnopilus subpurpuratus -
gymnopilus validipes -
gymnopilus viridans -
hypholoma gigaspora -
hypholoma guzmanii -
hypholoma naematoliformis -
hypholoma neocaledonica -
hypholoma popperianum -
hypholoma rhombispora -
inocybe aeruginascens groenverkleurende vezelkop
inocybe coelestium -
inocybe corydalina corydalina groenige perevezelkop
inocybe corydalina erinaceomorpha schubbige perevezelkop
inocybe haemacta blozende stinkvezelkop
inocybe tricolor -
mycena cyanorrhiza blauwvoetmycena
panaeolina foenisecii gazonvlekplaat
panaeolina rhombisperma -
panaeolina sagarae -
panaeolina microsperma -
panaeolus africanus -
panaeolus ater zwartbruine vlekplaat
panaeolus castaneifolius -
panaeolus fimicola grauwe vlekplaat
panaeolus microsporus -
panaeolus moellerianus -
panaeolus olivaceus -
panaeolus papilionaceus witte vlekplaat
panaeolus retirugis geaderde vlekplaat
panaeolus rubricaulis -
panaeolus sphinctrinus franjevlekplaat
panaeolus subbalteatus gezoneerde vlekplaat
panaeolus venezolanus -
pluteus atricapillus -
pluteus cyanopus blauwvoethertezwam
pluteus glaucus -
pluteus nigriviridis -
pluteus salicinus grauwgroene hertezwam
pluteus villosus -
psilocybe acutipilea -
psilocybe angustipleurocystidiata -
psilocybe antioquensis -
psilocybe aquamarina -
psilocybe argentipes -
psilocybe armandii -
psilocybe aucklandii -
psilocybe australiana -
psilocybe aztecorum -
psilocybe aztecorum bonetii -
psilocybe azurescens -
psilocybe baeocystis -
psilocybe banderiliensis -
psilocybe barrerae -
psilocybe bohemica -
psilocybe brasiliensis -
psilocybe brunneocystidiata -
psilocybe caeruleoannulata -
psilocybe caerulescens -
psilocybe caerulescens ombrophila -
psilocybe caerulipes -
psilocybe carbonaria -
psilocybe chiapanensis -
psilocybe collybioides -
psilocybe columbiana -
psilocybe coprinifacies -
psilocybe cordispora -
psilocybe cubensis -
psilocybe cyanescens -
psilocybe cyanofibrillosa -
psilocybe dumontii -
psilocybe eucalypta -
psilocybe fagicola -
psilocybe fagicola mesocystidiata -
psilocybe farinacea -
psilocybe fimetaria -
psilocybe fuliginosa -
psilocybe furtadoana -
psilocybe galindoi -
psilocybe goniospora -
psilocybe graveolens -
psilocybe guatapensis -
psilocybe guilartensis -
psilocybe heimii -
psilocybe heliconiae -
psilocybe herrerae -
psilocybe hispanica -
psilocybe hoogshagenii hoogshagenii -
psilocybe hoogshagenii convexa -
psilocybe inconspicua -
psilocybe indica -
psilocybe isabelae -
psilocybe jacobsii -
psilocybe jaliscana -
psilocybe kumaenorum -
psilocybe laurae -
psilocybe lazoi -
psilocybe liniformans -
psilocybe liniformans americana -
psilocybe mairei -
psilocybe makarorae -
psilocybe mammillata -
psilocybe meridensis -
psilocybe mexicana -
psilocybe moseri -
psilocybe muliercula -
psilocybe natalensis -
psilocybe natarajanii -
psilocybe ochreata -
psilocybe papuana -
psilocybe paulensis -
psilocybe pelliculosa -
psilocybe pericystis -
psilocybe pintonii -
psilocybe pleurocystidiosa -
psilocybe plutonia -
psilocybe portoricensis -
psilocybe pseudoaztecorum -
psilocybe puberula -
psilocybe quebecensis -
psilocybe ramulosa -
psilocybe rostrata -
psilocybe rzedowskii -
psilocybe samuiensis -
psilocybe sanctorum -
psilocybe schultesii -
psilocybe semilanceata puntig kaalkopje
psilocybe septentrionalis -
psilocybe serbica -
psilocybe sierrae -
psilocybe silvatica -
psilocybe singerii -
psilocybe strictipes -
psilocybe stuntzii -
psilocybe subacutipilea -
psilocybe subaeruginascens -
psilocybe subaeruginosa -
psilocybe subcaerulipes -
psilocybe subcubensis -
psilocybe subtropicalis -
psilocybe subyungensis -
psilocybe subzapotecorum -
psilocybe tampanensis -
psilocybe tasmaniana -
psilocybe uruguayensis -
psilocybe uxpanapensis -
psilocybe venenata -
psilocybe veraecrucis -
psilocybe villarrealii -
psilocybe wassoniorum -
psilocybe weilii -
psilocybe weldenii -
psilocybe wrightii -
psilocybe xalapensis -
psilocybe yungensis -
psilocybe zapotecorum -
B: paddenstoelen die van nature muscimol en iboteenzuur bevatten:
amanita muscaria muscaria vliegenzwam
amanita pantherina panteramaniet
Artikel III
Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum
van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van
toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
Nota van toelichting
Het in artikel I van dit besluit genoemde middel oripavine is een substantie die verwant is aan de
opiumalkaloïden. Het wordt, voor zover bekend, niet in Nederland gebruikt of toegepast.
Gelet op artikel 3a, eerste lid, van de Opiumwet, worden bij algemene maatregel van bestuur aan
de bij deze wet behorende lijst I of II middelen toegevoegd, indien deze middelen onder de werking
van het Enkelvoudig Verdrag zijn gebracht. Bij besluit van 14 maart 2007 van de Commission on
Narcotic Drugs van de Verenigde Naties (Decision 50/1, vindplaats: E/2007/28-E/CN.7/2007/16)
is bepaald dat het middel oripavine wordt toegevoegd aan lijst I van het Enkelvoudig Verdrag.
Middelen die op lijst I van dit verdrag worden opgenomen, worden tevens op lijst I, behorende bij
de Opiumwet, geplaatst.
Door oripavine op lijst I van de Opiumwet te plaatsen geeft het onderhavige besluit uitvoering aan
artikel 3a, eerste lid, van de wet.
Ten aanzien van het middel oripavine verwacht de Inspectie voor de Gezondheidszorg geen
aanvraag om een ontheffing voor een in artikel 2 van de Opiumwet bedoelde toepassing. Mocht er
toch een aanvraag komen, dan betreft het hooguit een ontheffinghouder die een eerder verleende
ontheffing wil wijzigen. Eventueel zouden er dan ook verzoeken om in- of uitvoer kunnen komen.
In artikel II van dit besluit zijn alle paddenstoelen opgenomen die een hallucinogene werking
hebben. Dergelijke paddenstoelen worden ook wel aangeduid als “magic mushrooms” of
“paddo’s”.
Gebleken is dat het gebruik van paddo’s hallucinogene effecten heeft. Deze effecten kunnen leiden
tot onvoorspelbaar en daarmee risicovol gedrag. Het is niet doenlijk een zodanige veilige
gebruikssituatie te garanderen dat de gevolgen van een eventuele ‘bad trip’ kunnen worden
beperkt. Vanuit het perspectief van de gezondheidsbescherming is er geen reden om gedroogde
paddo’s wel te verbieden en verse paddo’s niet, mede gelet op het toegenomen aantal incidenten
met voornamelijk buitenlandse toeristen die in Nederland paddo’s hebben gebruikt. Het is van
belang de maatschappelijke schade die hiermee verband houdt tegen te gaan.
Middels dit besluit worden de paddo’s toegevoegd aan lijst II van de Opiumwet. De paddo’s zijn
een substantie in de zin van artikel 1, onder b, van de Opiumwet. De Hoge Raad (LJN: AE2095,
Hoge Raad, 01030/01) heeft in 2002 geoordeeld dat gedroogde, gestampte, gemalen of in
etenswaren verwerkte paddo’s zijn aan te merken als preparaten in de zin van artikel 1, onder c,
van de Opiumwet. Zodoende werden de bewerkte paddo’s door de Hoge Raad onder de reikwijdte
van lijst I gebracht, omdat bewerkte paddo’s werden beschouwd als preparaten die de substantie
psilocine of psilocybine bevatten. Deze substanties staan op lijst I en onder lijst I vallen naast de
substanties ook de preparaten die deze substanties bevatten. Doordat de paddenstoelen nu op lijst
II worden geplaatst, komen straks zowel de bewerkte als de onbewerkte paddo’s onder de
reikwijdte van lijst II te vallen, omdat ook in dit geval geldt dat preparaten die substanties bevatten
die op lijst II staan onder de reikwijdte van lijst II vallen. Dat deze paddenstoelen psilocine of
psilocybine bevatten doet daar niet aan af, aangezien het de paddenstoel zelf is die wordt
gedroogd, gestampt, gemalen of in etenswaren wordt verwerkt.
Plaatsing op lijst II betekent niet dat de AHOJG-criteria op enigerlei wijze op paddo’s van
toepassing zullen zijn.
De paddo’s kunnen worden onderverdeeld in twee groepen, te weten: 1) paddenstoelen die van
nature de stof psilocine of psilocybine bevatten of waarvan wordt aangenomen dat ze deze stof
bevatten, en 2) paddenstoelen die van nature muscimol en iboteenzuur bevatten.
In Nederland worden de volgende paddo’s het meest verkocht: de copelandia cyanescens, de
psilocybe cubensis en de psilocybe semilanceata. Deze paddo’s behoren tot de groep van 186
verschillende paddenstoelen die van nature de stof psilocine of psilocybine bevatten.
Er is voor gekozen om alle soorten paddenstoelen, waarvan bekend is dat ze van nature psilocine
of psilocybine bevatten toe te voegen aan lijst II van de Opiumwet. Zodoende wordt voorkomen
dat er straks een soort op de markt komt die mogelijk als alternatief zal gaan dienen voor een van
de drie hierboven genoemde soorten.
De werkzame bestanddelen van deze paddo’s, psilocine en psilocybine, staan op lijst I van de
Opiumwet. Deze stoffen zijn onder controle gebracht door plaatsing onder het Psychotrope
Stoffenverdrag uit 1971. De paddo’s zelf zijn niet in dit verdrag opgenomen.
De thans vrij verkrijgbare verse paddo’s verschillen wat betreft effecten en risico’s niet of
nauwelijks van de gedroogde paddo’s, die door de uitspraak van de Hoge Raad in 2002 onder de
werking van de Opiumwet zijn gebracht. Er is echter wel een duidelijk verschil in risico tussen
substanties waarin de werkzame stoffen psilocine of psilocybine zijn verwerkt en paddenstoelen
waarin deze stoffen van nature voorkomen. Vandaar dat er voor is gekozen de paddenstoelen die
van nature de stof psilocine of psilocybine bevatten of waarvan wordt aangenomen dat ze deze
stof bevatten op lijst II van de Opiumwet te plaatsen.
In Nederland komen ook paddenstoelen voor die van nature muscimol en iboteenzuur bevatten.
Deze werkzame stoffen staan niet op lijst I van de Opiumwet vermeld, maar van muscimol is
bekend dat het een hallucinogeen is, dat prikkelend werkt op het centrale zenuwstelsel.
Iboteenzuur geeft een dromerig, slaperig gevoel.
Het bekendste voorbeeld van paddenstoelen die van nature muscimol en iboteenzuur bevatten is
de vliegenzwam. Niet alleen heeft deze paddenstoel een hallucinogene werking, hij is ook nog eens
giftig. Dit brengt extra risico’s voor de volksgezondheid met zich mee, zeker in die gevallen dat de
vliegenzwam als alternatief wordt aangeboden voor paddenstoelen die van nature de stof psilocine
of psilocybine bevatten. Vandaar dat er specifiek voor is gekozen ook deze paddenstoelen onder
de werking van de Opiumwet te brengen, ondanks het feit dat er geen risicobeoordeling heeft
plaatsgevonden ten aanzien van paddenstoelen die van nature muscimol en iboteenzuur bevatten.
Dit onderdeel van het besluit geeft uitvoering aan artikel 3a, tweede lid, van de Opiumwet. Dit
heeft tot gevolg dat de verkoop van paddo’s wordt verboden, alsmede andere handelingen op
grond van artikel 3 van de Opiumwet. Een dergelijk verbod heeft economische gevolgen. De
verwachting is dat de smartshops ongeveer een derde tot de helft van hun omzet kwijt zullen
raken. Daarnaast heeft de Vereniging Landelijk Overleg Smartshops aangegeven dat er vier
kwekers in Nederland actief zijn. Deze kwekers zullen de teelt van paddo’s moeten staken,
hetgeen een omzetderving tot gevolg heeft.
De handhaving zal zich richten op de smartshops met behulp van primair de bestuurlijke
bevoegdheden op grond van artikel 13b Opiumwet. De handhaving wordt binnen de bestaande
kaders meegenomen.
Een ontwerp van dit besluit is ter toetsing voorgelegd aan het Adviescollege van toetsing
administratieve lasten. Het college heeft besloten het ontwerpbesluit niet te selecteren voor een
toets op de gevolgen voor de administratieve lasten voor het bedrijfsleven.
De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
dr. A. Klink
Zelfs de amanita muscaria staat erbij. Vraag me af hoe ze in godsnaam wilde paddo's gaan verbieden.