Een meeloper heeft het volgende te melden:
Tijdens de guerrilla tegen de regering van Batista op Cuba maakte Guevara zeer snel carrière in het revolutionaire leger van Fidel Castro. Hij was toen verantwoordelijk voor de executie van informanten, ongehoorzame soldaten, deserteurs en echte of vermeende spionnen. Hij liet het vuile werk niet alleen aan ondergeschikten over: hij executeerde eigenhandig een man die ervan verdacht werd een informant te zijn. Na de machtsovername werd Guevara president van de Nationale Bank en minister van Industrie. Hij was ook vier jaar lang commandant van het beruchte gevangenisfort La Cabana. In die periode liet hij naar schatting vijfhonderd politieke gevangenen exe-cuteren. Vele getuigenissen bevestigen dat Guevara een bijzondere interesse had voor harde ondervragingen, folteringen en executies.
Raketten en gijzelaars
In 1962 maakte Guevara deel uit van de Cubaanse delegatie die in Moskou de plaatsing van Russische atoomraketten op Cuba goedkeurde. De rakettencrisis die daaruit volgde, bracht de wereld op de rand van een atoomoorlog. De Sowjets bonden in en haalden hun raketten weg, in ruil voor de belofte dat de Amerikanen niet in Cuba zouden binnenvallen. Dat was niet naar de zin van Che Guevara. Hij vertelde een correspondent van de marxistische krant Daily Worker dat de Cubanen de raketten afgevuurd zouden hebben als zij onder hun bevel hadden gestaan. In 1964 leidde hij de eerste Cubaanse interventie in Afrika. Samen met de toen nog onbekende Laurent Kabila nam hij deel aan de bloedige Simba-opstand, waarbij honderden blanken werden gegijzeld. Meer dan zestig daarvan werden vermoord.
"Dozijnen Vietnams"
Volgens de heldenmythe die later rond Che Guevara werd opgebouwd, liet hij in 1967 zijn comfortabele leventje als topman van de Cubaanse nomenclatura in de steek om als guerrillaleider in Bolivië te gaan vechten. Het klinkt heel idealistisch, maar het is niet waar. Jaren tevoren was Guevara al in ongenade gevallen. In april 1965 had hij al zijn officiële functies verloren en hij was zelfs spoorloos verdwenen. De reden daarvoor lag in het groeiende conflict tussen de Sowjetunie en China. Castro had daarin de kant van de Sowjets gekozen, Guevara die van Mao. Guevara's blinde fanatisme bleek duidelijk toen hij in die periode opriep om een dozijn Vietnams te creëren. In het éne Vietnam werden anderhalf tot twee miljoen mensen gedood, en nog eens miljoenen anderen sloegen op de vlucht. Men kan zich voorstellen wat een massaslachting zo'n wereldrevolutie met "een dozijn Vietnams" zou zijn geworden.
Boliviaanse mislukking
De Bolivianen hadden in 1967 slechts een lompenleger. De meeste soldaten hadden nog enkelschotsgeweren uit de Tweede Wereldoorlog. Natuurlijk konden Guevara's mannen met hun moderne automatische wapens de eerste gevechten met gemak winnen. Tijdens de eerste zes maanden sneuvelden er dertig Boliviaanse soldaten en slechts één guerrillero. Dat veranderde pas toen de Bolivianen de hulp kregen van Amerikaanse adviseurs van de Special Forces. Die leidden een elitebataljon rangers op, die gespecialiseerd waren in gevechten in de jungle. Zij konden de groep van Guevara tenslotte omsingelen. Guevara stierf niet met de wapens in de hand. Toen de rangers vlakbij waren, schreeuwde hij heel heldhaftig: "Niet schieten! Ik ben Che Guevara en ik ben levend meer waard dan dood". Hij werd gevangengenomen en kort daarop geëxecuteerd, hoewel de Amerikanen hem zielsgraag levend te pakken hadden gekregen om hem te ondervragen…
Volgens de legende kreeg Guevara massale steun van de plaatselijke bevolking. Maar ook dat is een propagandistische leugen. In zijn dagboek deed Guevara voortdurend zijn beklag over de onverschilligheid en zelfs de vijandigheid van de plaatselijke bevolking, die absoluut geen belangstelling had voor de marxistische revolutie. Dat is niet zo verbazend. Als voorbereiding op hun Boliviaanse expeditie hadden Guevara's mannen met veel moeite de oude Incataal Quechua geleerd. Een verdienstelijke poging… Maar in het deel van Bolivië waar zij hun wereldrevolutie wilden beginnen, werd geen Quechua gesproken.