Ik zal het eens checken...
http://www.djbroadcast.nl/features/featureitem_id=1629/Dubtechno_de_eeuwig_durende_reverb.html
Dubtechno, de eeuwig durende reverb
Jamaica. Het eiland waar dub zijn oorsprong kent. Als spin-off van reggae begonnen de mensen achter verschillende soundsystems daar nieuwe muziek te maken. Traag, met echo’s en reverbs. Soms met een mc, die wat over de track aan het shouten was. De muziek was diep. De bassen waren lomp, maar de soundsystems wisten er raad mee. Voor de duidelijkheid, een soundsystem is niet slechts een set speakers, maar een crew met een mc, een geluidstechnicus, een dj en een vrachtwagen vol speakers. Het complete plaatje. Zij probeerden elkaar de loef af te steken met het beste geluid, en de nieuwste dubplates. Lacquer platen, die je een keer of 50 kon afspelen.
Door Michael Oudman
Hoe anders is het sinds begin jaren ’90, een dikke twintig jaar na de oorsprong. Basic Channel – Moritz von Oswald en Mark Ernestus, veel blanker en Duitser kun je ze niet vinden – maken lang uitgesponnen trage techno, met reverbs en echo’s. Om de dub-invloeden te horen hoef je geen geoefend oor te hebben. Helemaal als je de releases die ze maakten als Rhythm & Sound beluistert, en daarbij de stem van Paul St. Hilaire hoort. Het had rechtstreeks vanaf het Caribische eiland kunnen komen, maar het kwam uit een zichzelf ontdekkend Berlijn, waar de resten van de gevallen muur nog door autobanden door de stad verspreid werden.
Als we weer een sprong van een jaar of 22 maken, komen we uit in het heden. Deadbeat en Deepchord zijn niet nét begonnen, maar hebben wel allebei net een album af dat vol staat met tracks waarop reverbs een echo’s vechten om aandacht. Alsof je onder water zwemt, en de flarden muziek van een passerende feestboot hoort. Meer dub, dan techno. Maar toch hoor je tracks van beide heren in clubs in Europa. Er wordt op gedanst. En techno liefhebbers worden warm van binnen bij het subtiel horen aanzwellen van een vierkwarts maat, waarbij de reverbs een nieuwe beste vriend lijken te vinden. Is dub de nieuwe minimal, of de nieuwe “ekte house”? Tijd voor een vragenrondje.
“Het is een stroming die komt en gaat” zegt Rod Modell, van Deepchord. “Als het weer opkomt, denk ik dat een zoektocht naar muziek met integriteit de reden is. De populaire muziek van tegenwoordig, zelfs dat wat beschouwd wordt als vernieuwend of underground, is zo een rotzooi. Soms zet ik de radio aan, en wat ik dan hoor is verschrikkelijk. Ik denk dat verhoogde interesse in dub-achtige muziek een verhoogde interesse in alle nichemuziek betekent. Als dubtechno een stijging in interesse ziet, dan profiteren andere artiesten die “unieke muziek” maken ook van die golf, en die golf is op zijn beurt een barometer voor de huidige staat van popmuziek. Dus hoe meer interesse voor underground muziek, hoe slechter de populaire muziek die op dat moment te krijgen is. Daarom zal het nieuwe album van Jennifer Lopez wel kut zijn.”
Hij is van mening dat het recept voor een dansend publiek niet te moeilijk is. “Een vieze 909 vierkwarts maat op 130 tot 135 bpm, een dikke mono-baslijn en een gigantisch audiosysteem. Simpel. Zoals in de Berghain, dus. Bij dub zijn de geluiden minder oer klanken, maar eerder intellectueel. Het valt me op dat mensen met aandacht luisteren, in plaats van helemaal los te gaan. Vaak zit het dub en dubtechno muziek, relaxed absorberen ze de muziek, in plaats van zich over te geven aan de oerdrang om te bewegen. Het is de yin tot de yang, beide manieren van consumeren zijn even belangrijk, ze kunnen niet zonder elkaar bestaan. In de jaren ’90 was het normaal om een chill-out te hebben in een club, waar je even kon zitten na een nacht lang te hebben gedanst op de dansvloer. Dit resulteerde in een hogere beleving van het clubben dan wanneer je direct van de dansvloer naar buiten zou stappen. Tijdens een Deepchord liveset probeer ik wat meer nadruk te leggen op de techno elementen, en schuif ik de ambient en zachtere elementen wat meer naar achter. Ik zoek een nieuwe balans. Er wordt niets toegevoegd of weggelaten. Soms heeft het een dramatisch effect op een liedje. De meeste Deepchord tracks, zijn trouwens vaak twee tracks die over elkaar lopen. Eén atmosferische, die voortkabbelt, en een Detroit- of dubtechno track eroverheen. Op platen ligt de nadruk op de atmosferische track, tijdens een liveset op de techno track.”
Verwacht Modell een verschraling van de muziek doordat veel mensen zonder al te veel na te denken op de dub-bandwagon springen? “Natuurlijk zijn er mensen die op de bandwagon zullen gaan springen. Maar dat is goed. Het is prima om vanaf daar jezelf te gaan ontwikkelen. Veel briljante artiesten sprongen ooit op de bandwagon, waaruit een eigen, bijzonder geluid tot bloei kwam. Er zijn veel artiesten met een eerste release die een kopie was van deze of gene artiest, maar vijf jaar later maakten ze onvoorstelbaar mooie muziek. Zelfs Sun-Ra sprong ooit op de boogie-woogie bandwagon. Iedereen moet ergens beginnen. Mensen winden zich er teveel over op, en realiseren zich niet dat het een natuurlijk proces is voor muzikanten. Op de bandwagon springen toont een passie voor muziek, en is het vertrekpunt voor mooie dingen. Ik denk dus dat het gebeurt. Godzijdank, misschien is het de volgende stap naar iets beters. Salvador Dali kopieerde ooit Joan Miro en Pablo Picasso…”
Olaf Boswijk, van TrouwAmsterdam ziet de groeiende populariteit in elk geval niet aan de gevulde vloeren in de clubs. “Eerlijk gezegd zie ik dezelfde trend eens in de zoveel tijd weer op duiken, maar nu niet. Dubtechno heeft altijd trouwe volgelingen, maar echt veel publiek heeft het volgens mij nooit getrokken. Alle keren dat ik Rhythm & Sound/Moritz von Oswald heb geboekt (3x) trok dat max 300 betalende bezoekers. Als wij het doen zoeken we altijd de combi tussen dubtechno en iets anders voor de variatie/dansvloer/contrast. De hele avond dubtechno is als dansavond eigenlijk gewoon saai, maar in de combi met dubstep of techno kan het wel goed werken.”
De aanwas aan nieuwe releases zegt volgens Boswijk niets over de populariteit op de dansvloer. “Het kan best zijn dat er meer releases uitkomen, maar het verschil tussen de tracks die uitkomen en wat er leeft op de dansvloer is groter dan ooit. Wanneer ben jij voor het laatst op een legendarische dubtechno avond geweest?”
En daar heeft hij een punt. Daar komt bij dat het nieuwe album van Scott Monteith, Deadbeat, niet gericht is op de clubs. “Ik had er echt zin in om de studio in te duiken met de bedoeling muziek te maken specifiek om naar te luisteren. Er is tegenwoordig al genoeg electronische muziek met zo een kleine focus. De muziek is alleen maar gericht op de dansvloer en op dj’s. Of muziek die alleen maar bedoeld is voor commercials of cafés.”
Dat er verhoogde interesse is in dubtechno heeft ook Monteith gemerkt. Maar raken doet het hem niet. “Het is nonsens om je bezig te houden met of wat je doet wel hip is. Als je dat teveel doet, is het alleen maar schadelijk voor de muziek. Als mensen zich verbonden voelen met wat ik doe, of dat nou dj’s, thuis luisteraars of clubbers zijn, heb ik mijn doel bereikt. Het maakt me niet uit hoe ze het noemen, tenzij ze het shit noemen. Dat is nooit leuk.”
Overigens vindt Monteith dubtechno juist prima geschikt voor de dansvloer. “Iemand die vroeg werk van Porter Ricks, Relish van Substance of Phylyps Trak niet hardcore dansvloer materiaal noemt, is niet helemaal lekker.” Als ik vraag of Monteith bang is voor een shitload aan middelmatige releases, zegt hij dat dat 10 tot 15 jaar geleden ook al eens gebeurde. “In de meeste platenzaken kun je in de schappen met goedkope platen nog behoorlijk wat Basic Channel rip-offs vinden. Ook wat pareltjes trouwens, maar ik denk niet dat zich nu de zelfde situatie gaat voordoen als toen. Distributeurs kunnen het zich niet meer veroorloven, om met zoveel oude stock te blijven zitten. Als je digitale releases bekijkt is er wel veel crap te vinden, maar ik zie het over het algemeen positief in. Als je op Soundcloud 10 of 20 ongeïnspireerde rip-offs geluisterd hebt, kom je onverwachts een track tegen die je raakt. Dat maakt al het andere verdovende spul het luisteren meer dan waard.”