Hmpf Even denken!
Wat vind jij?
Dat is de zin. Als ik me de spellingsregels goed onthouden heb begin je bij het zoeken van de persoonsvorm.
De persoonsvorm vind je door de zin in een andere tijd te zetten.
Wat vond jij?
Je ziet het, 'vind' is de persoonsvorm.
NB. Als het dus om een werkwoord gaat wat NIET de persoonsvorm is, dan schrijf je het zo simpel mogelijk, twijfel je dan over een 'd' of een 't'? Maak het dan langer.
Goed, terug naar 'vind'.
Daarna gaan we kijken of het in de tegenwoordige tijd staat of de verleden tijd. Nou ik denk niet dat het een probleem is om dat uit te vogelen. Tegenwoordige tijd.
Moet er nou een 't' achter of niet?
NB. ER KOMT NOOIT EEN 'd' BIJ!!!!! Heel belangrijk!! HET IS ALTIJD +t! NOOIT +d!!
Goed, moet er nu een 't' achter of niet?
In dit geval is het niet zo moeilijk. Pak een werkwoord waarbij je het WEL hoort!
'Werken' bijvoorbeeld, of om het leuk te houden het werkwoord 'Smurfen'.
Wat smurf jij?
Wat werk jij?
Je ziet geen 't', je hoort hem ook niet.
Ik vind
Jij vindt
Vind jij?
Hij vindt
Ik smurf
Jij smurfT
Smurf jij?
Hij smurfT
Zie je?
Nu wel overtuigd?
Ik weet nou al weer precies waarom ik een schijthekel aan Nederlands had, dankjewel
