Voorbereiding op een presentatie
- wat is het onderwerp? (heb ik alle informatie, hoe ga ik de informatie brengen...)
- wat is je doel? (wat wil ik met de presentatie bereiken? Puur informeren, iets verkopen...)
- de accomodatie (wat heb ik nodig, wat staat er aan apparatuur, werkt deze apparatuur, hoeveel publiek past er, hoe is het ingericht (stopcontacten voor je apparatuur), kom ik op een podium te staan...)
- aantekeningen, sheets, powerpointpresentatie klaar
- datum
- tijdstip
- tijdsduur van je presentatie
Publieksanalyse vooraf:
- algemeen ontwikkelingsniveau
- de kennis van het publiek over het onderwerp
- wat wil het publiek weten?
- welke vragen heeft het publiek?
- hoe staat het publiek tegenover het onderwerp?
- wat weet het publiek van mij?
- zijn er bepaalde gevoeligheden?
- groepssamenstelling (de grootte, culturele achtergrond...)
Belangrijk tijdens een presentatie
non-verbale aspecten van de presentatie:
- houding (een ontspannen maar zelfverzekerde houding: rechtop, voeten iets uit elkaar, je staat op beide benen maar knieen niet op slot...)
- geen houterige bewegingen/gebaren, wel jezelf blijven in de gebaren
- constant oogcontact met het publiek maken
- uiterlijk/kleding (geen opvallende felle kleuren die kunnen afleiden, de kleding moet afgestemd zijn op het onderwerp...)
- enthousiasme/uitstraling
- spreektempo
- spreekvolume
verbale aspecten:
- woordkeus (vakjargon, uitdrukkingen...)
- uitdrukkingen
Algemene opzet van een presentatie
aandachtstrekker: dit is een manier om de aandacht van je publiek te trekken (bijvoorbeeld: vragen of het publiek ongeveer compleet is, een korte opmerking over het weer maken, een confronterende vraag stellen of beginnen met een grapje over je onderwerp) --> geeft eerste indruk op je publiek
Kop (duurt hooguit 2 minuten) --> leidt de presentatie in, neemt voortijdige vragen bij het publiek weg:
voorstellen: wie ben ik, waar ben ik van (van welk bedrijf, welke instelling...)
doel: wat wil ik met de presentatie bereiken (puur informeren, iets verkopen...)
belang: waarom kom ik dit vertellen
inhoud: wat is de globale inhoud van deze
presentatie: wat komt aan bod
tijdsduur: hoe lang gaat de presentatie ongeveer duren
hand-out: wat deel ik nog uit tijdens of na de presentatie (extra informatie ter illustratie, foldermateriaal...)
hulpmiddelen: gebruik ik een flip-over, een bord, een powerpointpresentatie, laat ik nog een video zien of gebruik ik een overheadprojector tijdens de presentatie
vragenprocedure: stel je het prijs als men de vragen achteraf stelt of mogen mensen tussendoor vragen stellen.
Romp --> het onderwerp wordt uitgewerkt:
inhoud:
- spreektaal gebruiken, dus niet té formeel
- logische structuur
- samenvattinkjes tussendoor
- parafraseren (inhoudelijke informatie in eigen woorden weergeven)
- voorbeelden en vergelijkingen geven
- niet te veel informatie geven (niet meer dan nodig, dus niet met lappen cijfertjes aankomen)
aantrekkelijkheid van de inhoud:
- enthousiasme
- overtuigingskracht
- contact met het publiek
- illustraties, voorbeelden, anekdotes, citaten, etc...
vragenprocedure:
- de vraag parafraseren (in eigen woorden herhalen)
- het antwoord op het hele publiek richten en niet alleen op de vraagsteller
- check of de vraag voldoende beantwoord is en of de vraagsteller het antwoord goed heeft begrepen
Staart --> korte heldere samenvatting, overtuiging van de slotconclusie:
afsluiting:
- duidelijk aangeven dat je gaat afsluiten
- het publiek bedanken
soorten afsluiting:
- een samenvatting geven van de inhoud
- een blik op de toekomst geven
- een pakkend citaat, een leuke anekdote of een (deel uit een) gedicht
- theoretische bespiegelingen
Gebruik maken van de overheadprojector
- altijd aanwijzen op de projector zelf
- overhead tussendoor uitzetten wanneer je hem niet gebruikt
- niet voor het bord gaan staan zodat je publiek niet meer ziet wat er staat
- niet praten tijdens het neerleggen/goedleggen van de sheets
- lettertype Arial, 26 punten is het duidelijkst
- beknopte maar wel samenvattende informatie
ja, ik studeer communicatie
