Magic Mushrooms
Het plan om paddo’s te gebruiken bestond al heel lang. In eerste instantie zou ik het samen doen met Rijn en Piet. Maar Raúl kwam daar al snel bij.
Na veel problemen om de juiste dag te vinden besloten we het uiteindelijk te doen in het nieuwe jaar bij Raúl thuis. Er zou een huisgenoot aanwezig zijn om ons eventueel te helpen, maar verder zouden we lekker alleen zijn. Raúl zou voor de paddo’s zorgen, Rijn voor het eten en drinken en ik voor de films.
Het was 22:00 uur en zaten allemaal bij Raúl thuis. We keken allemaal naar ons bakje paddo’s.. ‘Wat is dit veel! Moeten we dat helemaal opeten?!’. Raúl had voor ons allemaal een heel portie gekocht. Het waren dunne lange paddestoelen, met schimmel op de steel en een kleine bruine kop. Het zag er werkelijk heel onsmakelijk uit… maar het idee om straks lekker te trippen maakte alles goed. Dus begonnen we langzaam met de paddo’s.
(Even voor de duidelijkheid.. Raúl’s zijn kamer ziet er als volgt uit; wit plafon, witte muren, witte kasten, wit bureau, blauwe bank, blauw vloerkleed en een metaal gekleurd bed.
Weinig speciaals dus en weinig triggers die je trip zou kunnen laten beginnen. Het idee was dan ook om in de trip met z’n allen naar buiten te gaan om te kijken wat er zich daar afspeelt.)
Eenmaal het portie opgegeten kon het wachten beginnen.. wachten op het mooie wat zou gaan komen. Om de tijd te doden hadden we een filmpje opgezet. Maar na nog geen 3(!) minuten naar de film te kijken volgde ik er al helemaal niks meer van. De kleuren spatte van het scherm, en ik besloot om even rustig te gaan liggen en het allemaal over me heen te laten komen. Nog geen vijf minuten daarna begonnen mijn spieren te trillen. Vooral de spieren in mijn benen en armen bleven trillen en golven. De trip was begonnen…
Ik lag daar op mijn matje en kon niet stil liggen. De trillingen werden zo hevig dat ik moest bewegen. Ik rolde van mijn ene zij op de andere.
Ondertussen zaten de jongens nog steeds op de bank, vol bewondering te kijken hoe het bij mij begon te werken. Geen van drieën voelde nog maar iets opkomen… Maar na enkele minuutjes kwam Piet naast me liggen en genoten we beide van allerlei kleuren. Het begon allemaal met onduidelijke kleurpatronen.. zoals geel, oranjeachtige dennentak strepen over het plafon. Maar dat werd duidelijker en groter naarmate ik daar bleef liggen. Ook Piet deelde me mee dat hij kleurpatronen zag.
Ik besloot om op te staan en meer indrukken van de kamer op te doen. Staan ging erg moeilijk en ik wankelde op me voeten… daardoor moest ik leunen tegen de muur. De muur voelde zo lekker aan dat ik met me hele lichaam tegen de muur aan ging staan en met mijn wangen over de muur wreef. Al die oneffenheden voelde aan als een massage. Ook met je vingertoppen over de muur wrijven was een prettig gevoel. De tintelingen die daarbij vrij kwamen gierden door je hele arm. Nadat ik mijn evenwicht had hersteld en de muren had gevoeld wilde ik op de bank zitten bij Rijn en Raúl die beide nog niks voelde. Mijn gevoel werd echter heviger met de minuut. Eenmaal op de bank ging ik door met het betasten van de muur en voelde ik niet alleen tintelingen, maar zag ik ook felle kleuren opkomen als ik over de muur wreef. Het leek alsof ik elektriciteit opwekte. Ik kon de hele baan die ik aflegde met mijn vingers nalezen op de muur. Daar waar mijn vingers contact maakte met de muur zag ik gekleurde afdrukken. Wat was dat prachtig om te zien!
Enige tijd daarna voelde Rijn eindelijk ook iets opkomen. Hij ging liggen op de plaats waar ik lag en genoot van de nog jonge trip. Piet nam mijn plek op de bank over en ik besloot om naast Rijn te liggen. Het zag er namelijk zo mooi en vredig uit hoe Rijn genoot.
Vanaf het moment dat ik weer ging liggen kon ik bijna alleen nog maar met mezelf bezig zijn. En het werd steeds moeilijker om te beseffen wat er allemaal om me heen gebeurde.
Mijn gevoel werd nog steeds heftiger en de kleuren feller. Ik rolde van mijn ene zij op de andere.. Rijn deed precies hetzelfde en telkens wanneer ik naar de kant van Rijn draaide raakte we elkaar even aan. De uitdrukking op zijn gezicht was prachtig. De uitdrukking van iemand die immens gelukkig is.
Ik merkte dat ik schreeuwde.. niet alleen ik, maar Rijn schreeuwde met mij. Zonder enige remming schreeuwde ik wat er op dat moment mijn gedachtes kruisde.
____
Opeens hoorde ik meiden op de deur kloppen… Het waren de huisgenoten van Raúl die wilde weten hoe het met ons ging. Ze riepen vanuit de hal: “Gaat het goed daar?” Ik schrok me dood.. het kloppen en roepen voelde aan als een bedreiging! “Mogen we binnenkomen?”
Alles schoot door me heen… “Ze willen binnenkomen.., Hebben ze wel goede bedoelingen? Wat willen ze van me?” De kamer voelde als een veilige ruimte en ik wilde dat er niemand binnenkwam. Plots ging de deur heel langzaam open… op dat moment kreeg ik een beklemmend gevoel op me borst. Ik schreeuwde: “NEE! Blijf buiten!!”
Gelukkig.. gelukkig luisterde ze en ging de deur weer dicht. Nu kon ik ongerust verder genieten van de trip.
Tijdens de trip hoorde ik Piet telkens dezelfde zinnen herhalen: ‘Ey ik zit hier op een bank!’. En steeds ging ik er op in. ‘Ja Piet! Je zit godverdomme op een bank! Hou toch eens op’. Het was dus duidelijk dat Piet steeds in verschillende fases zat. Het ene moment was hij diep weg in een fase van onwerkelijkheid.. en het andere moment kreeg hij een fase van realiteit.
Die zin zou Piet uiteindelijk vele malen herhalen.
Plots kreeg in het gevoel dat ik moest blijven drinken. Ik was een meter verwijderd van de koelkast, maar het leek buiten mijn bereik. Na veel gestoei met mezelf heb ik half kruipend de koelkast bereikt. Eindelijk had ik de fles Fanta in mijn handen. Maar nu was mijn grootste probleem het openen van de fles…
Ik werd constant afgeleid door de grote hoeveelheid prikkels die ik kreeg van binnen –en buitenaf. Rijn die gilde, Piet die bleef zeuren over de bank en Raúl die constant heen en weer liep. En ik lag op me zij.. nog steeds kronkelend, met een fles Fanta. Aan het openen van de fles dacht ik niet.
Ik wreef met mijn handen over het tapijt en zag de zelfde opgewekte elektriciteit als van de wrijvingen op de muur. Ik bleef naar mijn handen kijken en tot mijn grote verbazing waren ze enorm groot. Als ik me handen voor me ogen bewoog zag ik grote golvende vingers, met zwarte puntige uiteinden. Het waren joekels van handen.. ze waren van mij.
Fanta! Ja ik had dorst.. dat was mijn missie! Ik moest drinken…
Ik had de fles ondertussen al gepakt, alleen moest ik hem nu nog open zien te krijgen. Half struikelend, tijgerend en kruipend kom ik uiteindelijk aan de andere kant van de kamer bij Piet. Ik moest hem open zien te krijgen. Aangezien Piet mij niet wilde helpen moest ik het zelf proberen. Pssht na een krachtsexplosie waar ik de kracht uit mijn lichaam voelde vloeien hoorde ik dat de fles openging.. Na veel gepriegel nam ik mijn eerste slok.. het was me dan toch gelukt. Maar omdat mijn spieren trilde morste ik een heleboel en gooide ik de Fanta fles omver. Ik lag er middenin, en voelde mijn hele T-shirt nat en koud worden. Op dat moment wist ik dat ik vies ging worden, en dat ik dit onmogelijk geheim kon houden voor mijn moeder.
Ik hoorde Raúl ook telkens vragen of het goed ging met Rijn. Ik nam uiteindelijk maar de moeite om op te kijken naar Rijn. Ik kon het niet goed plaatsen.. maar aan het geluid te horen wist ik dat Rijn aan het kotsen was…
Ik heb daar nog een tijd in de Fanta gelegen en rondgekeken. Met nog steeds die verschrikkelijk intense kleuren. Nu niet meer op voorwerpen in de kamer.. maar op mijn netvlies gebrand. Ik zag mozaïek vormen over mijn hele netvlies.. zoals sneeuwvlokken onder de microscoop. Ik hoorde het mezelf vele malen herhalen die avond: ‘En ál die kleuren!!’
Niet alleen kleuren.. maar ook hallucinaties begonnen meer en meer te ontstaan.
Bij iedere inademing kwamen de muren op me af. Alles wat ik zag vervormde.
Ik lag nog steeds in de Fanta naast Piet die erg onrustig was. Hij riep telkens rare zinnen zoals: ‘Ey ik heb een smsje’, ‘Wat hebben we gebruikt?’ en ‘Waar ben ik?’. Dat ging zo de hele avond door. Ook Stijn herhaalde enkele zinnen keer op keer. ‘Het houd maar niet op!’ en ‘Kut voor vijf euro, dat is toch geen geld’.
____
Ikzelf wist de trip meer te controleren. Ik kon beter inschatten waar ik was en hoe ik ergens moest komen. Ik wilde op pad gaan om meer dingen te ontdekken. Ik verliet de veilige omgeving en besloot om weg te gaan uit de kamer.. weg uit de stank van kots.. weg van al het geluid en de onrust.
Ik deed de deur open en liep allereerst naar de WC op te plassen. Het licht was onvindbaar en dus moest ik in het donker naar het toilet. Donker was het echter niet.. de kleuren bleven over me netvlies schieten.. als lichtbollen en vallende sterren.
Eenmaal plassend boven de pot, wist ik niet of ik goed raakte, of volledig miste. Hoorde ik mezelf nou op de grond plassen? Of hoor ik dat nou verkeerd. Eigenlijk boeide het me niet…
Ik liep van de trap af naar beneden. Ik wilde een beker water.
Op dat moment waren de kleuren het hevigst.. het huis was donker maar ik keek door een koker van felle kleuren. Alleen het middelste puntje was normaal. Wat was die trap lang.
Gelukkig stond het licht van de keuken aan en wist ik waar de bekers stonden. Ik draaide de kraan open en zag het water er prachtig uitstromen. Het water spatte uiteen in de wasbak en stroomde naar het putje.. Ik deed de kraan uit.. deed mijn beker onder de kraan en zette hem weer aan. Het water golfde in de beker… klotste van de ene kant naar de ander. De beker liet zich vullen met prachtig helder water. Wat was dat mooi om te zien.
De rest van de avond heb ik de beker bij me gedragen.. ik wilde de hele tijd water bij me hebben.
Ik heb die trap wel honderd keer op en af gelopen. En wilde van alles ondernemen. Ik kreeg het wilde idee om alle deuren van het huis te openen. Er waren immers genoeg deuren te openen in het studentenhuis…
Boven was de kamer van de eerder genoemde huisgenoten die eerder op de avond binnen wilde komen. Ik weet niet wáár de gedachtes vandaan kwamen, maar mijn gevoel was er heilig van overtuigd dat ze bloot waren

. Strompelend loop ik naar boven… vol verwachting wat ik zou aantreffen als ik binnenkwam. Bovenaan de trap kom in een roze oase… alles lijkt groot en meisjesachtig… Ik zie de deur, maar wanneer ik richting de deur loop lijkt deze steeds verder van me af te gaan. Ik zet hem op een loopje en weet uiteindelijk bij de deur te komen. Een gelukzalig gevoel raast door mijn lichaam wanneer ik de deurknop vastpak en de deur opendoe. Maar dat gevoel verdwijnt snel waarneer ik een harde “NEE” hoor. Geschrokken en teleurgesteld doe ik de deur weer dicht…
Ik liep een etage naar beneden en deed de andere deuren open… alle kamers waren leeg (geen huisgenoten) en onderzocht ik grondig. Ik zag allerlei apparatuur zoals tv’s en computers. Ik wilde dolgraag internetten of tv kijken, maar ik kreeg geen één apparaat aan het werk omdat ik me voor niks kon concentreren. Ik wilde erg graag contact met andere mensen… vooral om te kijken hoe we op elkaar zouden reageren.
Zonder enige schaamte en verantwoordelijkheids besef heb van alles uitgevreten.. ik heb op de banken en bedden gelegen… ik heb spullen van de ene kamer naar de andere gesjouwd. Van fotolijstjes tot kleding en fietsen tot stofzuigers, alles werd verplaatst. En dat nog steeds met mijn glas water…
Ik heb de mooiste dingen gezien… elke hal en kamer brachten hun eigen gevoel mee. De ene kamer was donker en koud, terwijl de andere warm en kleurrijk was.
Maar de mooiste kamer was toch wel de kelderkast... Wanneer ik de deur opendeed zag ik allerlei sterren en andere lichtbollen voorbij schieten. Het leek alsof ik in de ruimte was beland! Ik zag een fel verlichtende trap naar de ruimte lopen. Ik weifelde of het slim was om naar binnen te stappen, maar besloot toch niet naar binnen te gaan… Ik wilde naar buiten!
Eenmaal buiten leek het alsof de bomen omringt waren met rook. Alsof ze net geblust waren van een brand. Ook de auto’s zaten onder de rook.. en werden lang, breed en groot. Ik schrok eigenlijk van alles dat ik zag. Ik dacht: “Is het wel verantwoord om buiten te lopen?”. Mijn nieuwsgierigheid was te groot en ik besloot om naar de weg te lopen naast het huis. Het was verassend stil.. de straten leken wel uitgestorven.
Maar toen ik naar links keek kwamen er een paar koplampen dichterbij.. ze schenen van achter de brug mijn richting op. De koplampen werden groter en ik zag een aantal gevaartes over de brug mijn kant op komen. Iedere auto zag eruit als vierkant blik, waarvan de wielen halverwege waren afgesneden. Ik zag de auto’s hobbelend en stuiterend op me af komen.
Ik kneep me ogen nog eens fijn.. maar zag echt een stel hobbelende blikken voorbij komen.
Ik ging snel naar binnen.. nog steeds met mijn beker water. Toen ik de trap op wilde lopen leek het net alsof er zwarte inkt op de treden lag. Het inkt drupte naar benden van tree naar tree. Ik wist dat het nep was, maar toch weifelde ik of ik wel de trap op moest lopen.
Eenmaal boven zag ik dat Piet op de gang lag.. nog steeds vragend wat we hadden gebruikt en waar hij was… dat Rijn psychotische neigingen begon te krijgen en in zijn eigen kots lag te rollen… en dat Raúl hysterisch lag te schreeuwen over homo’s terwijl hij zijn lamp tegen de muur sloeg.
Dit werd nog een hele lange nacht…