Dries Roelvink kan niets anders
't Ging zo goed met Dries Roelvink: het afgelopen jaar bereikten twee van zijn singles de top 10 en ook de kaartverkoop voor z'n concert in Ahoy in januari liep lekker. Genoeg reden voor de Amsterdamse zanger om voor bijna elk denkbaar medium op te draven om zijn verhaal te doen. Dat doet-ie ook nu weer, nu zijn concert wordt uitgesteld. Vooral niét afgelast, want Dries blijft doorgaan.
Eenentwintig interviews heeft-ie de afgelopen twee dagen gegeven. Kranten, televisie, radio: iedereen wil hem spreken. Alleen niet over 'de voorbereiding op Ahoy, maar over 'het uitstel van Ahoy'.
Twee maanden voor zijn optreden trokken twee bedrijven, samen goed voor bijna drieduizend kaarten, zich terug. En op eigen kracht die duizenden kaarten nog verkopen aan particuliere geïnteresseerden, lukt niet. ,,Dat doet ook geen enkele artiest", weet de hoogblonde Amsterdammer.
,,Bij ieder concert, van wie dan ook, worden kaarten door grote bedrijven opgekocht." Alleen gaan die bedrijven niet failliet, zoals het computermerk dat tweeduizend kaarten afnam voor zijn concert, dat 28 januari zou plaatsvinden. Een tegemoetkoming in de gemaakte kosten wordt al voorbereid.
Ooit nog Ahoy
Toch heeft Roelvink er alle vertrouwen in dat hij die Rotterdamse muziektempel ooit vol krijgt. ,,Nee, het was niet te hoog gegrepen. We hoefden nog maar duizend kaarten. En nee, ik ga ook niet op zoek naar een andere locatie: ik wil in Ahoy. Ik heb het ook niet zelf bedacht: de Heeren van Amstel Live hadden nog één dag over in een reeks concerten die zij geven en dat podium stond er toch. Zij hebben mij gevraagd die dag op te vullen. Ik had het zelf niet aangedurfd." En ook collega's hadden er een hard hoofd in en riepen dat het 'm niet zou lukken. ,,Dat maakte me juist sterker." Zucht: ,,Nu ziet het er naar uit dat ze gelijk gaan krijgen".
Hoewel er dagelijks driehonderd mails bij manager André binnenstromen met verzoeken tot (veelal gratis) optredens (,,Mijn gage is € 2400 per half uur, dus dat doen we niet"), het doorknippen van lintjes (,,Doen we ook niet") en verzoeken van vrouwelijke aanbidders om mee uit te gaan (,,...."), blijft Dries bij het grote publiek toch bekend als de gebronsde B-zanger met afgetraind lichaam in felgele zwembroek 'van die reclame'.
Bord voor z'n kop
Hij weet het zelf ook: ,,Ik word gezien als een 'Net-niet'-persoon. Iedereen denkt 'dat is die zanger die het nooit redt'. Vervelend? Mwah, ik heb een redelijk bord voor m'n kop, ik kan wel wat hebben. Bij mij gaat het altijd twee stappen omhoog en één naar beneden. Natuurlijk had ik liever gezien dat het anders was.
Ik ben destijds, 23 jaar geleden, met René Froger in dezelfde kroeg begonnen. En hij ging binnen no time sky high en ik stond nog steeds in diezelfde kroeg. Terwijl ik populairder ben dan René Froger: ik word vaker geboekt. Alleen hij is niet financieel afhankelijk, hij kan keuzes maken. Ik heb geen keus. Ik kan niets anders dan dit. Ik zal me krampachtig vasthouden aan iets wat ik misschien wel nooit zal bereiken."
Kwaliteiten als zanger
Wat hij wil bereiken? ,,Kijk naar een Frans Bauer, met z'n platinaplaten. Ik wil de kans om Nederland te overtuigen van mijn kwaliteiten als zanger. Op mijn singles hoor je niet wat ik echt kan. Dat zijn gezellige Hollandse meezingers, omdat de platenmaatschappij dat wil. Maar ik doe tijdens mijn concerten ook nummers van Robbie Williams en gevoelige Engelstalige ballads, waar je met je stem een bepaald vermogen voor moet hebben. Alleen dat verkoopt niet, denkt de platenmaatschappij." Maar ook hierin is Roelvink vastberaden: ,,Binnenkort komt er iets heel anders van me uit. Zodat ik mijn andere kant kan laten zien. Voor de naamsbekendheid hoeven we het niet meer te doen."
Want inderdaad, Dries Roelvink was het afgelopen jaar niet te missen. Door programma's als Sterren dansen op het ijs en Sterren Boksen, maar ook met tientallen interviews. ,,Ik merk nog geen mediamoeheid. Ze vragen me nog steeds. En zo lang ik nog niet daar ben waar ik wil, blijf ik het doen. Ik moet nog elf jaar, dan gaat mijn manager met pensioen. Het gevecht om er te komen, duurt nu al 23 jaar. Maar ik ben nooit uitgevochten.
wat een held
