
Bedum al langer in gesprek met probleemjongeren
Gepubliceerd op 23 april 2007, 08:21
Bedum -
Het gemeentebestuur van Bedum maakt zich al langer zorgen over het gedrag van groepen opgeschoten jongeren. De aanslag op het politiebureau in het dorp Bedum is tot dusver echter met voorsprong het dieptepunt. "Ik ben hier van geschrokken. Het is onbegrijpelijk dat mensen zo ver kunnen gaan. Dit is triest", zegt loco-burgemeester Henri te Velde (CDA).
Hij denkt dat de diehards onder de moeilijke jeugd verantwoordelijk zijn voor het smijten met de molotovcocktails. "Maar dit gaat twee stappen te ver. Wat hier is gebeurd, is extreem. Wij zullen dit niet zomaar laten passeren. Om te beginnen moeten wij het hier dinsdag over hebben in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders."
Te Velde heeft nog geen pasklaar antwoord op de problemen, maar vindt wel dat hier voor het gemeentebestuur een taak ligt. Er moet zijns inziens meer worden gedaan dan de kwestie op het bord van de politie leggen. De gemeente heeft in Bedum te maken met diverse jongerengroepen (de leden zijn 14 tot 20 jaar, red.). Enkele maanden geleden is met één daarvan al een gesprek geweest, stelt Te Velde.
Geen vrijstaat
"De leden van die groep willen graag een eigen plek. Daar willen ze afgezien van elkaar niemand gedogen, ook de politie niet. Wij hebben toen benadrukt dat wij zo'n vrijstaat in Bedum niet kunnen tolereren. Bovendien is gezegd dat ze een eigen plek moeten verdienen. 'Laat zien dat jullie je aan afspraken kunnen houden', was onze boodschap. Ze waren het gemeentehuis nog niet uit of ze lieten het tegenovergestelde zien. Ze gristen stickers mee die ze overal op plakten en op straat gooiden", vertelt de loco?burgemeester.
Of de brandbommenwerper deel uitmaakt van deze groep, weet Te Velde niet. De CDA'er, die tevens wethouder sociale zaken is, wil wel kwijt dat hij de indruk heeft dat de jongeren die zich hinderlijk gedragen in Bedum, geen 'startkwalificatie' hebben (zonder diploma's van school zijn gekomen en weinig tot geen kansen hebben op de arbeidsmarkt, red.). Hen meer perspectief bieden zou wellicht een manier kunnen zijn om de overlast in te dammen, oppert Te Velde.