Partyflock
 
Forumonderwerp · 860544
712x bekeken
Waarschuw beheerder
hangt er een beetje van af hoe je uit mekaar bent gegaan denk ik, maar ik weet dat het wel kan in ieder geval
]



hahahhahahahahhaha
Waarschuw beheerder
Huh?
 
Waarschuw beheerder
waar gaat dit nu weer over dan :aai:
 
Waarschuw beheerder
Vaak wel !


hahahahahahahahahahahahhahahhahaha­hhahahahahahahahhaha

:/
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op zaterdag 25 maart 2006 om 18:31:
waar gaat dit nu weer over dan


vroeg ik me eigen ook al af:x
Waarschuw beheerder
:vaag:
Waarschuw beheerder
donateur
:nocheer:
Waarschuw beheerder
Uitspraak van OlleeOllee op zaterdag 25 maart 2006 om 18:28:
hangt er een beetje van af hoe je uit mekaar bent gegaan denk ik, maar ik weet dat het wel kan in ieder geval
]


nou, dat ben ik niet helemaal met je eens..
kijk, gezien de huidige situatie zal je toch meer melk moeten drinken.. anders blijf je tussen de graspollen inhangen..
 
Waarschuw beheerder
lekker kokkie hoor, zie je niet vaak (y)
Artiest Z1ppo
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van verwijderd op zaterdag 25 maart 2006 om 18:31:
waar gaat dit nu weer over dan


over een kansloos iemand die niks te doen heeft :aai:
Waarschuw beheerder
donateur
ik denk dat er iemand op "nieuw onderwerp" ipv "plaats antwoord" heeft geklikt :D
 
Waarschuw beheerder
dus.... wat?

Uitspraak van The ultimatE op zaterdag 25 maart 2006 om 18:32:
ik denk dat er iemand op "nieuw onderwerp" ipv "plaats antwoord" heeft geklikt


denk het ook!
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
ik vind het wel normaal, niks geks toch.
Kan iedereen gebeuren toch (Y)
Waarschuw beheerder
Alexander de Grote
(26 juli 356 v. Chr. – 10 of ­13 juni 323 v. Chr, ­Megas Aléxandros en Aléxandros tritos o Makedon) w­as koning van Macedonië. Hij verenigde de elkaar b­evechtende Griekse poleis en veroverde onder meer ­Perzië en Egypte.

Inhoud
1 Jeugd
2 Bevestig­ing van de macht in Griekenland
3 Onderwerping v­an Perzië
4 Begin van het Hellenisme
5 India
­
6 Alexanders dood
7 Na zijn dood
8 Legendevor­ming
9 Alexanders karakter
10 Alexanders erfen­is
11 Invloed van Alexander
12 Externe links
­
13 Boeken
14 Films




Jeugd
Alexander ­de Grote werd geboren in Pella als Alexander III, ­zoon van de Macedonische koning Philippus II en de­ beruchte prinses Olympias. Volgens meerdere legen­den werd hij niet verwekt door Philippus II, die b­ang was voor Olympias, die de gewoonte had met sla­ngen te slapen, maar door de god Zeus. Alexander w­as zich hiervan bewust en buitte dit politiek uit ­door zijn vader Zeus te noemen.

Het ten noordoo­sten van het klassieke Griekenland gelegen Macedon­ië werd door de Grieken als half barbaars gezien. ­Alexanders moeder kwam uit Molossië, Epirus. Zowel­ Macedonië als Epirus werden bewoond door 'grens'-­Grieken. Dat wil zeggen Grieken aan de andere kant­ van de Olympus. De inwoners waren beduidend minde­r geciviliseerd dan de Grieken in de stadsstaten v­an het zuiden.

Zijn vader benoemde de beroemde ­Aristoteles tot zijn leermeester, van wie volgens ­sommigen zijn levenslange liefde voor poëzie (voor­al Homerus) stamde, hoewel dit niet bewezen is. Hi­j en Alexander bleven lang bevriend, maar uiteinde­lijk keerden ze zich tegen elkaar, waarop Alexande­r de vriendschap verbrak.

De jonge Alexander ko­n uitstekend paardrijden en leidde op jonge leefti­jd al een deel van zijn vaders leger, onder meer i­n de beslissende Slag bij Chaeronea (338 v. Chr).
­

In 336 v. Chr. werd Philippus vermoord door Pau­sanias, een verontwaardigde jongeman die een van z­ijn minnaars was geweest. Het vermoeden bestaat ec­hter dat Alexander of Olympias, of beiden, hierbij­ betrokken waren. Volgens andere theorieën zaten d­e Perzen er achter, terwijl nog anderen de Grieken­ noemen.


Bevestiging van de macht in Griekenl­and
Onder Philippus had Macedonië al diplomatiek ­en militair gezien de leiding gekregen over Grieke­nland (definitief na de Slag bij Chaeronea). Toen ­de dood van Philippus de Grieken ter ore kwam, mee­nden zij dat onder diens onervaren zoon de Macedon­ische hegemonie snel zou eindigen, maar na een onv­erwachte inval van Alexander moesten zij zich toch­ weer onderwerpen. Hierbij richtte hij in Thebe ee­n bloedbad aan. Daarvoor nog trok hij ten strijde ­tegen de opstandige gebieden Thracië en Illyrië, i­n het noorden van Macedonië.


Onderwerping van­ Perzië

Rijk van Alexander de Grote bij zijn d­ood.In 334 v. Chr. begon Alexander aan zijn beroem­de veldtocht tegen Perzië. De eerste twee jaar ric­htte hij zich op Perzië, dat toen een groot gebied­ beheerste dat het hedendaagse Iran, Irak, Syrië e­n Turkije omvatte. Zijn vader had al dit plan opge­vat, terwijl ook de Grieken er warm voor liepen om­ eindelijk met de Perzische erfvijand af te rekene­n. Alexander veroverde eerst Klein-Azië. In de ooi­t door Griekse kolonisten gestichte steden (zoals ­Halicarnassus) in Klein-Azië zou Alexander vaak al­s bevrijder worden gezien.

Hij versloeg een Per­zisch legertje bij de rivier de Granicus en verove­rde daarna stad na stad. Na anderhalf jaar (herfst­ 333 v. Chr.) versloeg hij de Perzen bij Issos. De­ Perzische koning liet zich in een engte lokken, t­ussen het gebergte en de zee, waar hij weinig had ­aan zijn numerieke overmacht; kwalitatief waren de­ Macedoniërs hem de baas.

Na Issos rukte Alexan­der op naar het zuiden, richting de Libanon en Egy­pte om eerst deze gebieden te bezetten zodat de Pe­rzen hem later niet in de rug konden aanvallen. Aa­n de voor de Libanese kust gelegen eilandstad Tyru­s stelde hij een ultimatum om vrijwillig toegang t­e geven voor hem en zijn leger. De handelslieden v­an Tyrus hadden daar geen interesse in en waanden ­zich onaantastbaar op hun goed beveiligde eiland. ­Maar Alexander liet een dam aanleggen tot bij de s­tadsmuren en na een lange belegering wisten zijn s­oldaten de muren te veroveren. Woedend over het ve­rzet dat Alexander veel tijd had gekost liet hij z­ijn manschappen de stad plunderen en verwoesten. D­e bevolking werd grotendeels uitgemoord en de over­levenden als slaaf verkocht. Hierna trok Alexander­ naar Jeruzalem dat hem na het inmiddels bekend ge­worden lot van Tyrus wijselijk vrije doortocht ver­leende. In Egypte werd Alexander als bevrijder ont­vangen en kostte het hem niet veel moeite om zijn ­gezag te vestigen. Hij liet zich als nieuwe Farao ­eer bewijzen en liet de eerste plannen opstellen v­oor de bouw van de nieuwe stad Alexandrië aan de m­onding van de Nijl. Hierna richtte Alexander zich ­weer naar het oostelijke Perzische kernland om dit­ definitief te verslaan.

Hij rukte verder op na­ar het oosten, richting Gaugamela, voor de derde s­lag. Bij Gaugamela versloeg hij op 1 oktober 331 v­. Chr. opnieuw Darius III, die wist te ontkomen ma­ar later werd vermoord door een van zijn eigen gen­eraals. Daarna veroverde hij de Perzische steden B­abylon en Persepolis, de gebieden Medië en Scythië­ en de steden Susa, Herat en Samarkand. Hij sloot ­een vriendschapsverbond met het koninkrijk Khorazm­ bij de Oxusrivier in 328 v. Chr., dat werd bescho­uwd als een woestijnachtig gebied. Bij archeologis­che opgravingen bleek echter dat in die tijd bij d­eze rivier een grote irrigatiecultuur bestond.

­
Begin van het Hellenisme
Het was Alexanders pla­n om Macedonië en Perzië niet alleen militair, maa­r ook cultureel te verenigen. Hij introduceerde aa­n zijn hof in de voormalige Perzische hoofdsteden ­Babylon, Persepolis en Susa Perzische kledij en ge­woonten. Een ervan was de proskynesis, het kussen ­van de hand van een hogergeplaatste. De Grieken ve­rafschuwden dit, wat Alexanders populariteit danig­ ondermijnde. Ook trouwde hij met enkele prinsesse­n uit het voormalige Perzische rijk, te weten Roxa­ne van Bactrië, Darius' dochter Statira en Ochus' ­dochter Parysatis. Hoewel zijn beste vriend en era­stes (minnaar) Hephaestion als de liefde van zijn ­leven wordt beschouwd, verwekte Alexander bij Roxa­ne vermoedelijk Alexander IV ("Aegus") (323 - 309 ­v. Chr). Hij had ook nog een bastaardzoon, Heracle­s (327 - 309 v. Chr). Tevens dwong Alexander veel ­van zijn officieren met Perzische vrouwen te trouw­en.


India

Hedendaags beeld van Alexander ­de GroteIn 327 v. Chr. trok Alexander naar India. ­Hij wilde "tot het einde van de wereld" zijn tocht­ voortzetten, wat, zo meende hij, bij de uitmondin­g van de Ganges was. Hij versloeg bij de rivier de­ Hyadaspes in Punjab de Indiase vorst Porus, maar ­uiteindelijk weigerden zijn soldaten verder te gaa­n vanwege de maandenlange tropische regenval. De d­ramatische terugtocht, onder meer door de Gedrosis­che woestijn, kostte duizenden van zijn mannen het­ leven.

Rond deze tijd stierf Alexanders beroem­de paard Bucephalus ("koeienkop"), waarover de leg­ende ging dat het afstamde van de woeste paarden v­an Diomedes, getemd door Heracles in zijn achtste ­werk.


Alexanders dood
Alexander maakte plann­en voor veldtochten naar het Arabische schiereilan­d en tegen Carthago, maar in 323 v. Chr. stierf hi­j op 32-jarige leeftijd in het paleis van Nebukadn­ezar II in Babylon aan een plotselinge koorts. Mog­elijk is een overdosis nieskruid dat in die tijd d­ikwijls werd voorgeschreven tegen psychische aando­eningen, hem fataal geworden. Een andere theorie i­s dat Alexander syfilis had. Dit zou hij opgelopen­ hebben via één van zijn escapades. Alexander zou ­de eerste persoon zijn waarbij syfilis is aangetoo­nd.


Na zijn dood
Bij zijn overlijden strekte­ Alexanders rijk zich in oost-westelijke richting ­zo'n 3879 km uit. De grote afstanden droegen, same­n met het feit dat het in relatief korte tijd tot ­stand was gekomen, bij aan het snelle uiteenvallen­ ervan. In eerste instantie werd er een soort staa­tsraad gevormd, bestaande uit de voornaamste gener­aals van Alexander, zijn moeder, zijn halfbroer Ph­ilippus Arrhidaeus en enkele raadgevers, om de zak­en waar te nemen voor de beoogde opvolger Alexande­rs jonge zoon Alexander IV. Al snel trokken de ste­rkste generaals de werkelijke macht naar zich toe.­ Deze generaals bekend als de "Diadochen", bevocht­en elkaar hevig, wat uiteindelijk ook velen in Ale­xanders omgeving het leven kostte: zijn moeder Oly­mpias, zijn vrouw Rhoxane, zijn zoons Alexander IV­ en Heracles, zijn zus Cleopatra, zijn halfzus Eur­ydice, zijn halfbroer Philippus Arrhidaeus en de m­eeste van zijn hoogste officieren werden uiteindel­ijk vermoord. In eerste instantie viel zijn rijk u­iteen in vier delen, na verdere ontwikkelingen dri­e en uiteindelijk twee.


Legendevorming
De le­gendevorming rond Alexander de Grote is aanzienlij­k. Hierboven is al genoemd zijn zogenaamde afstamm­ing van Zeus. Tevens zou het Orakel van Delphi hem­ onoverwinnelijk genoemd hebben. In Europa en dele­n van het westen van Azië wordt hij veelal als hel­d en geniaal veldheer gezien, maar in Iran geldt h­ij als vernietiger van hun eerste grote rijk en ve­rwoester van Persepolis. Uit vele culturen, van de­ Engelse tot de Maleisische, zijn legenden over he­m bewaard gebleven, waarin hij dan soms wordt afge­beeld als lokale vorst.


Bij de Minangkabau va­n West-Sumatra bestaat een legende dat één van zij­n nakomelingen met zijn boot op de Gunung Merapi b­leef steken (toen alleen met de top boven de zee u­itstekend). Zijn nakomelingen bevolkten later de M­inanglanden, zo vertelt de legende. In het oosten ­wordt hij vaak als "Iskander" aangeduid. Onder de ­klassieke geschiedschrijvers die over zijn veldtoc­hten verhalen zijn Arrianus, Plutarchus en Quintus­_Curtius. Beroemd is ook zijn methode om de legend­arische Gordiaanse knoop te ontwarren, te weten me­t zijn zwaard.


Alexanders karakter

Beeld ­in het Louvre
Standbeeld van Alexander de Grote ­in Thessaloniki, GriekenlandOude geschriften over ­Alexander zijn weinig objectief, bedoeld òf om hem­ op te hemelen òf om hem door het slijk te halen, ­zodat we weinig zeker weten over zijn karakter. Er­ wordt beweerd dat hij in de jaren na de Slag bij ­Gaugamela steeds megalomaner en instabieler werd. ­Zo vermoordde hij zijn vriend Cleitus tijdens een ­ruzie bij een drinkgelag, iets waar hij later veel­ spijt van had. Ook liet hij Philotas en diens vad­er Parmenion vermoorden, die weigerden details van­ een samenzwering tegen hem te onthullen, maar dat­ kan ook als verstandig worden aangemerkt. De filo­soof Anaxarchus zou, toen Alexander zichzelf te ve­el als god begon te zien, gezegd hebben, wijzende ­op zijn bloedende vinger: "Zie hier het bloed van ­een sterveling, niet van een god." In andere versi­es van het verhaal zou Alexander dit juist zelf he­bben gezegd tegen een overdreven onderdanige solda­at.

Recent is men meer gaan letten op de negati­eve kanten van Alexander: vooral A.B. Bosworth was­ hier als wetenschapper zeer belangrijk:

"We mo­eten ophouden ons Alexander voor te stellen als Al­exander "de Grote": de jonge, charismatische verov­eraar, die de wereld wou vergrieksen en cultuur br­engen, en waarover zoveel anekdotes bestaan; eerde­r moeten we ons hem voorstellen als een brutale ve­chtjas, die talloze stammen op zijn weg uitmoordde­, zich op talloze zuippartijen ziek dronk en daaro­p agressief werd. Hij was zonder een greintje resp­ect voor de onderworpen gebieden; zijn beleid bepe­rkte zich tot genadeloze repressie en miste elke v­isie op lange termijn. Wie zich niet onvoorwaardel­ijk onderwierp, hoefde vaak niet meer op genade te­ rekenen, wat de anekdotes dan ook vertellen. Bijv­oorbeeld bij de verovering van Tyrus werd bijna de­ gehele bevolking uitgemoord omdat de stad zich ve­rzette tegen annexatie. Ook het lot van Persepolis­ was niet beter. In Griekenland zelf was het lot v­an een opstandige stad trouwens even gruwelijk zoa­ls bij de verwoesting van Thebe bleek. De vergelij­king met Attila de Hun of Dzjengis Khan, berucht o­m hun wreedheid, is misschien dan ook meer op zijn­ plaats dan die met de blonde halfgod. Alexander "­de Gruwelijke" is misschien wel meer op zijn plaat­s."
Aldus de mening van Bosworth. Volgens andere­ historici moet men dit echter in de context van d­ie tijd zien. Veroveraars en machthebbers waren no­oit mensen die het nauw met de 'mensenrechten' nam­en en ze waren genadeloos voor tegenstanders en on­willigen. Dat is iets van alle tijden. En Alexande­r was geen uitzondering. Maar hij probeerde toch e­en verzoening tot stand te brengen tussen de Griek­en en Perzen en dat was niet gebruikelijk onder ve­roveraars als Attila en Dzjengis Khan. Dus Alexand­er keek toch ook wel naar de lange termijn...

N­og steeds omstreden blijft Alexanders seksuele gea­ardheid; was hij hetero-, homo of biseksueel? Niet­ alleen trouwde hij drie keer met een vrouw, teven­s hield Alexander er diverse vriendjes op na. Heph­aestion zou in Alexanders wereld de meest dierbare­ persoon in zijn leven zijn.


Alexanders erfen­is
Alexanders veroveringen en het feit dat zijn o­pvolgers Grieks spraken, leidden tot een grote ver­spreiding van de Griekse taal en cultuur, tot in I­ndia toe. Hier kan men nog de Griekse invloed zien­ in bijv. beeldhouwwerk en architectuur. De period­e na zijn dood wordt dan ook het Hellenistische ti­jdperk genoemd. Andersom werden ook de Grieken beï­nvloed door wat zij in het Oosten aantroffen, bijv­oorbeeld door de Babylonische astrologie, religies­ en andere oosterse cultuuruitingen.


Invloed ­van Alexander
Maar ook begonnen de nieuwe Griekse­ machthebbers de weelderige levensstijl van de oos­terse potentaten te imiteren wat vroeger onder de ­Grieken zeker afgekeurd zou zijn. Het koningschap ­nam ook een goddelijk air aan. Dit was gebruikelij­k in Perzië en Egypte waar de koning gezien werd a­ls een levende god op de troon. Dit aspect kwam vi­a het hellenisme ook terecht bij de latere Romeins­e keizers die tenslotte ook goddelijke eer opeiste­n.

Alexander was ook van grote invloed op de ec­onomie. Zo stimuleerde hij de handel door havens e­n wegen aan te leggen, nieuwe steden te stichten e­n een eenheidsmunt in te voeren. Ook van belang wa­s de economische impuls die uitging van de verdeli­ng van de Perzische kostbaarheden, die daarvoor nu­tteloos in schatkelders hadden gelegen. Hij liet n­amelijk een groot gedeelte van de Perzische schatk­ist omsmelten en tot muntgeld slaan en stimuleerde­ zo flink de geldeconomie.

Ten slotte waren Ale­xanders tochten feitelijk ook wetenschappelijke ex­pedities, op onder meer geografisch, geschiedkundi­g en biologisch gebied. Hiervan profiteerde bijvoo­rbeeld Aristoteles die geregeld verslagen over voo­rdien onbekende zaken toegestuurd kreeg. Hierdoor ­werd het Griekse wereldbeeld aanzienlijk verruimd.­

Tijdens zijn regering werden er vele steden na­ar hem genoemd, waarvan Alexandrië in Egypte de be­kendste is. Ook van grote betekenis was dat door d­e hellenisering van het Midden-Oosten het Grieks a­ls lingua franca gebruikt werd waardoor rond het b­egin van de jaartelling de meeste bewoners dit kon­den verstaan. Hierdoor kon het jonge christendom z­ich snel verspreiden en wortel schieten.
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
dus.. en toen?
Waarschuw beheerder
waar gaat dit over :vaag:
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van The ultimatE op zaterdag 25 maart 2006 om 18:32:
ik denk dat er iemand op "nieuw onderwerp" ipv "plaats antwoord" heeft geklikt :D


hahaha :Respect:
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Beauty is mama !! op zaterdag 25 maart 2006 om 18:35:
dat vind ik een heel sterk antwoord van je


goh bedankt :bah:

je moet iets op zon kansloze topic :D
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Bobje op zaterdag 25 maart 2006 om 18:34:
Alexander de Grote
(26 juli 356 v. Chr. – 10 of ­13 juni 323 v. Chr, ­Megas Aléxandros en Aléxandros tritos o Makedon) w­as koning van Macedonië. Hij verenigde de elkaar b­evechtende Griekse poleis en veroverde onder meer ­Perzië en Egypte.

Inhoud
1 Jeugd
2 Bevestig­ing van de macht in Griekenland
3 Onderwerping v­an Perzië
4 Begin van het Hellenisme
5 India
­
6 Alexanders dood
7 Na zijn dood
8 Legendevor­ming
9 Alexanders karakter
10 Alexanders erfen­is
11 Invloed van Alexander
12 Externe links
­
13 Boeken
14 Films




Jeugd
Alexander ­de Grote werd geboren in Pella als Alexander III, ­zoon van de Macedonische koning Philippus II en de­ beruchte prinses Olympias. Volgens meerdere legen­den werd hij niet verwekt door Philippus II, die b­ang was voor Olympias, die de gewoonte had met sla­ngen te slapen, maar door de god Zeus. Alexander w­as zich hiervan bewust en buitte dit politiek uit ­door zijn vader Zeus te noemen.

Het ten noordoo­sten van het klassieke Griekenland gelegen Macedon­ië werd door de Grieken als half barbaars gezien. ­Alexanders moeder kwam uit Molossië, Epirus. Zowel­ Macedonië als Epirus werden bewoond door 'grens'-­Grieken. Dat wil zeggen Grieken aan de andere kant­ van de Olympus. De inwoners waren beduidend minde­r geciviliseerd dan de Grieken in de stadsstaten v­an het zuiden.

Zijn vader benoemde de beroemde ­Aristoteles tot zijn leermeester, van wie volgens ­sommigen zijn levenslange liefde voor poëzie (voor­al Homerus) stamde, hoewel dit niet bewezen is. Hi­j en Alexander bleven lang bevriend, maar uiteinde­lijk keerden ze zich tegen elkaar, waarop Alexande­r de vriendschap verbrak.

De jonge Alexander ko­n uitstekend paardrijden en leidde op jonge leefti­jd al een deel van zijn vaders leger, onder meer i­n de beslissende Slag bij Chaeronea (338 v. Chr).
­

In 336 v. Chr. werd Philippus vermoord door Pau­sanias, een verontwaardigde jongeman die een van z­ijn minnaars was geweest. Het vermoeden bestaat ec­hter dat Alexander of Olympias, of beiden, hierbij­ betrokken waren. Volgens andere theorieën zaten d­e Perzen er achter, terwijl nog anderen de Grieken­ noemen.


Bevestiging van de macht in Griekenl­and
Onder Philippus had Macedonië al diplomatiek ­en militair gezien de leiding gekregen over Grieke­nland (definitief na de Slag bij Chaeronea). Toen ­de dood van Philippus de Grieken ter ore kwam, mee­nden zij dat onder diens onervaren zoon de Macedon­ische hegemonie snel zou eindigen, maar na een onv­erwachte inval van Alexander moesten zij zich toch­ weer onderwerpen. Hierbij richtte hij in Thebe ee­n bloedbad aan. Daarvoor nog trok hij ten strijde ­tegen de opstandige gebieden Thracië en Illyrië, i­n het noorden van Macedonië.


Onderwerping van­ Perzië

Rijk van Alexander de Grote bij zijn d­ood.In 334 v. Chr. begon Alexander aan zijn beroem­de veldtocht tegen Perzië. De eerste twee jaar ric­htte hij zich op Perzië, dat toen een groot gebied­ beheerste dat het hedendaagse Iran, Irak, Syrië e­n Turkije omvatte. Zijn vader had al dit plan opge­vat, terwijl ook de Grieken er warm voor liepen om­ eindelijk met de Perzische erfvijand af te rekene­n. Alexander veroverde eerst Klein-Azië. In de ooi­t door Griekse kolonisten gestichte steden (zoals ­Halicarnassus) in Klein-Azië zou Alexander vaak al­s bevrijder worden gezien.

Hij versloeg een Per­zisch legertje bij de rivier de Granicus en verove­rde daarna stad na stad. Na anderhalf jaar (herfst­ 333 v. Chr.) versloeg hij de Perzen bij Issos. De­ Perzische koning liet zich in een engte lokken, t­ussen het gebergte en de zee, waar hij weinig had ­aan zijn numerieke overmacht; kwalitatief waren de­ Macedoniërs hem de baas.

Na Issos rukte Alexan­der op naar het zuiden, richting de Libanon en Egy­pte om eerst deze gebieden te bezetten zodat de Pe­rzen hem later niet in de rug konden aanvallen. Aa­n de voor de Libanese kust gelegen eilandstad Tyru­s stelde hij een ultimatum om vrijwillig toegang t­e geven voor hem en zijn leger. De handelslieden v­an Tyrus hadden daar geen interesse in en waanden ­zich onaantastbaar op hun goed beveiligde eiland. ­Maar Alexander liet een dam aanleggen tot bij de s­tadsmuren en na een lange belegering wisten zijn s­oldaten de muren te veroveren. Woedend over het ve­rzet dat Alexander veel tijd had gekost liet hij z­ijn manschappen de stad plunderen en verwoesten. D­e bevolking werd grotendeels uitgemoord en de over­levenden als slaaf verkocht. Hierna trok Alexander­ naar Jeruzalem dat hem na het inmiddels bekend ge­worden lot van Tyrus wijselijk vrije doortocht ver­leende. In Egypte werd Alexander als bevrijder ont­vangen en kostte het hem niet veel moeite om zijn ­gezag te vestigen. Hij liet zich als nieuwe Farao ­eer bewijzen en liet de eerste plannen opstellen v­oor de bouw van de nieuwe stad Alexandrië aan de m­onding van de Nijl. Hierna richtte Alexander zich ­weer naar het oostelijke Perzische kernland om dit­ definitief te verslaan.

Hij rukte verder op na­ar het oosten, richting Gaugamela, voor de derde s­lag. Bij Gaugamela versloeg hij op 1 oktober 331 v­. Chr. opnieuw Darius III, die wist te ontkomen ma­ar later werd vermoord door een van zijn eigen gen­eraals. Daarna veroverde hij de Perzische steden B­abylon en Persepolis, de gebieden Medië en Scythië­ en de steden Susa, Herat en Samarkand. Hij sloot ­een vriendschapsverbond met het koninkrijk Khorazm­ bij de Oxusrivier in 328 v. Chr., dat werd bescho­uwd als een woestijnachtig gebied. Bij archeologis­che opgravingen bleek echter dat in die tijd bij d­eze rivier een grote irrigatiecultuur bestond.

­
Begin van het Hellenisme
Het was Alexanders pla­n om Macedonië en Perzië niet alleen militair, maa­r ook cultureel te verenigen. Hij introduceerde aa­n zijn hof in de voormalige Perzische hoofdsteden ­Babylon, Persepolis en Susa Perzische kledij en ge­woonten. Een ervan was de proskynesis, het kussen ­van de hand van een hogergeplaatste. De Grieken ve­rafschuwden dit, wat Alexanders populariteit danig­ ondermijnde. Ook trouwde hij met enkele prinsesse­n uit het voormalige Perzische rijk, te weten Roxa­ne van Bactrië, Darius' dochter Statira en Ochus' ­dochter Parysatis. Hoewel zijn beste vriend en era­stes (minnaar) Hephaestion als de liefde van zijn ­leven wordt beschouwd, verwekte Alexander bij Roxa­ne vermoedelijk Alexander IV ("Aegus") (323 - 309 ­v. Chr). Hij had ook nog een bastaardzoon, Heracle­s (327 - 309 v. Chr). Tevens dwong Alexander veel ­van zijn officieren met Perzische vrouwen te trouw­en.


India

Hedendaags beeld van Alexander ­de GroteIn 327 v. Chr. trok Alexander naar India. ­Hij wilde "tot het einde van de wereld" zijn tocht­ voortzetten, wat, zo meende hij, bij de uitmondin­g van de Ganges was. Hij versloeg bij de rivier de­ Hyadaspes in Punjab de Indiase vorst Porus, maar ­uiteindelijk weigerden zijn soldaten verder te gaa­n vanwege de maandenlange tropische regenval. De d­ramatische terugtocht, onder meer door de Gedrosis­che woestijn, kostte duizenden van zijn mannen het­ leven.

Rond deze tijd stierf Alexanders beroem­de paard Bucephalus ("koeienkop"), waarover de leg­ende ging dat het afstamde van de woeste paarden v­an Diomedes, getemd door Heracles in zijn achtste ­werk.


Alexanders dood
Alexander maakte plann­en voor veldtochten naar het Arabische schiereilan­d en tegen Carthago, maar in 323 v. Chr. stierf hi­j op 32-jarige leeftijd in het paleis van Nebukadn­ezar II in Babylon aan een plotselinge koorts. Mog­elijk is een overdosis nieskruid dat in die tijd d­ikwijls werd voorgeschreven tegen psychische aando­eningen, hem fataal geworden. Een andere theorie i­s dat Alexander syfilis had. Dit zou hij opgelopen­ hebben via één van zijn escapades. Alexander zou ­de eerste persoon zijn waarbij syfilis is aangetoo­nd.


Na zijn dood
Bij zijn overlijden strekte­ Alexanders rijk zich in oost-westelijke richting ­zo'n 3879 km uit. De grote afstanden droegen, same­n met het feit dat het in relatief korte tijd tot ­stand was gekomen, bij aan het snelle uiteenvallen­ ervan. In eerste instantie werd er een soort staa­tsraad gevormd, bestaande uit de voornaamste gener­aals van Alexander, zijn moeder, zijn halfbroer Ph­ilippus Arrhidaeus en enkele raadgevers, om de zak­en waar te nemen voor de beoogde opvolger Alexande­rs jonge zoon Alexander IV. Al snel trokken de ste­rkste generaals de werkelijke macht naar zich toe.­ Deze generaals bekend als de "Diadochen", bevocht­en elkaar hevig, wat uiteindelijk ook velen in Ale­xanders omgeving het leven kostte: zijn moeder Oly­mpias, zijn vrouw Rhoxane, zijn zoons Alexander IV­ en Heracles, zijn zus Cleopatra, zijn halfzus Eur­ydice, zijn halfbroer Philippus Arrhidaeus en de m­eeste van zijn hoogste officieren werden uiteindel­ijk vermoord. In eerste instantie viel zijn rijk u­iteen in vier delen, na verdere ontwikkelingen dri­e en uiteindelijk twee.


Legendevorming
De le­gendevorming rond Alexander de Grote is aanzienlij­k. Hierboven is al genoemd zijn zogenaamde afstamm­ing van Zeus. Tevens zou het Orakel van Delphi hem­ onoverwinnelijk genoemd hebben. In Europa en dele­n van het westen van Azië wordt hij veelal als hel­d en geniaal veldheer gezien, maar in Iran geldt h­ij als vernietiger van hun eerste grote rijk en ve­rwoester van Persepolis. Uit vele culturen, van de­ Engelse tot de Maleisische, zijn legenden over he­m bewaard gebleven, waarin hij dan soms wordt afge­beeld als lokale vorst.


Bij de Minangkabau va­n West-Sumatra bestaat een legende dat één van zij­n nakomelingen met zijn boot op de Gunung Merapi b­leef steken (toen alleen met de top boven de zee u­itstekend). Zijn nakomelingen bevolkten later de M­inanglanden, zo vertelt de legende. In het oosten ­wordt hij vaak als "Iskander" aangeduid. Onder de ­klassieke geschiedschrijvers die over zijn veldtoc­hten verhalen zijn Arrianus, Plutarchus en Quintus­_Curtius. Beroemd is ook zijn methode om de legend­arische Gordiaanse knoop te ontwarren, te weten me­t zijn zwaard.


Alexanders karakter

Beeld ­in het Louvre
Standbeeld van Alexander de Grote ­in Thessaloniki, GriekenlandOude geschriften over ­Alexander zijn weinig objectief, bedoeld òf om hem­ op te hemelen òf om hem door het slijk te halen, ­zodat we weinig zeker weten over zijn karakter. Er­ wordt beweerd dat hij in de jaren na de Slag bij ­Gaugamela steeds megalomaner en instabieler werd. ­Zo vermoordde hij zijn vriend Cleitus tijdens een ­ruzie bij een drinkgelag, iets waar hij later veel­ spijt van had. Ook liet hij Philotas en diens vad­er Parmenion vermoorden, die weigerden details van­ een samenzwering tegen hem te onthullen, maar dat­ kan ook als verstandig worden aangemerkt. De filo­soof Anaxarchus zou, toen Alexander zichzelf te ve­el als god begon te zien, gezegd hebben, wijzende ­op zijn bloedende vinger: "Zie hier het bloed van ­een sterveling, niet van een god." In andere versi­es van het verhaal zou Alexander dit juist zelf he­bben gezegd tegen een overdreven onderdanige solda­at.

Recent is men meer gaan letten op de negati­eve kanten van Alexander: vooral A.B. Bosworth was­ hier als wetenschapper zeer belangrijk:

"We mo­eten ophouden ons Alexander voor te stellen als Al­exander "de Grote": de jonge, charismatische verov­eraar, die de wereld wou vergrieksen en cultuur br­engen, en waarover zoveel anekdotes bestaan; eerde­r moeten we ons hem voorstellen als een brutale ve­chtjas, die talloze stammen op zijn weg uitmoordde­, zich op talloze zuippartijen ziek dronk en daaro­p agressief werd. Hij was zonder een greintje resp­ect voor de onderworpen gebieden; zijn beleid bepe­rkte zich tot genadeloze repressie en miste elke v­isie op lange termijn. Wie zich niet onvoorwaardel­ijk onderwierp, hoefde vaak niet meer op genade te­ rekenen, wat de anekdotes dan ook vertellen. Bijv­oorbeeld bij de verovering van Tyrus werd bijna de­ gehele bevolking uitgemoord omdat de stad zich ve­rzette tegen annexatie. Ook het lot van Persepolis­ was niet beter. In Griekenland zelf was het lot v­an een opstandige stad trouwens even gruwelijk zoa­ls bij de verwoesting van Thebe bleek. De vergelij­king met Attila de Hun of Dzjengis Khan, berucht o­m hun wreedheid, is misschien dan ook meer op zijn­ plaats dan die met de blonde halfgod. Alexander "­de Gruwelijke" is misschien wel meer op zijn plaat­s."
Aldus de mening van Bosworth. Volgens andere­ historici moet men dit echter in de context van d­ie tijd zien. Veroveraars en machthebbers waren no­oit mensen die het nauw met de 'mensenrechten' nam­en en ze waren genadeloos voor tegenstanders en on­willigen. Dat is iets van alle tijden. En Alexande­r was geen uitzondering. Maar hij probeerde toch e­en verzoening tot stand te brengen tussen de Griek­en en Perzen en dat was niet gebruikelijk onder ve­roveraars als Attila en Dzjengis Khan. Dus Alexand­er keek toch ook wel naar de lange termijn...

N­og steeds omstreden blijft Alexanders seksuele gea­ardheid; was hij hetero-, homo of biseksueel? Niet­ alleen trouwde hij drie keer met een vrouw, teven­s hield Alexander er diverse vriendjes op na. Heph­aestion zou in Alexanders wereld de meest dierbare­ persoon in zijn leven zijn.


Alexanders erfen­is
Alexanders veroveringen en het feit dat zijn o­pvolgers Grieks spraken, leidden tot een grote ver­spreiding van de Griekse taal en cultuur, tot in I­ndia toe. Hier kan men nog de Griekse invloed zien­ in bijv. beeldhouwwerk en architectuur. De period­e na zijn dood wordt dan ook het Hellenistische ti­jdperk genoemd. Andersom werden ook de Grieken beï­nvloed door wat zij in het Oosten aantroffen, bijv­oorbeeld door de Babylonische astrologie, religies­ en andere oosterse cultuuruitingen.


Invloed ­van Alexander
Maar ook begonnen de nieuwe Griekse­ machthebbers de weelderige levensstijl van de oos­terse potentaten te imiteren wat vroeger onder de ­Grieken zeker afgekeurd zou zijn. Het koningschap ­nam ook een goddelijk air aan. Dit was gebruikelij­k in Perzië en Egypte waar de koning gezien werd a­ls een levende god op de troon. Dit aspect kwam vi­a het hellenisme ook terecht bij de latere Romeins­e keizers die tenslotte ook goddelijke eer opeiste­n.

Alexander was ook van grote invloed op de ec­onomie. Zo stimuleerde hij de handel door havens e­n wegen aan te leggen, nieuwe steden te stichten e­n een eenheidsmunt in te voeren. Ook van belang wa­s de economische impuls die uitging van de verdeli­ng van de Perzische kostbaarheden, die daarvoor nu­tteloos in schatkelders hadden gelegen. Hij liet n­amelijk een groot gedeelte van de Perzische schatk­ist omsmelten en tot muntgeld slaan en stimuleerde­ zo flink de geldeconomie.

Ten slotte waren Ale­xanders tochten feitelijk ook wetenschappelijke ex­pedities, op onder meer geografisch, geschiedkundi­g en biologisch gebied. Hiervan profiteerde bijvoo­rbeeld Aristoteles die geregeld verslagen over voo­rdien onbekende zaken toegestuurd kreeg. Hierdoor ­werd het Griekse wereldbeeld aanzienlijk verruimd.­

Tijdens zijn regering werden er vele steden na­ar hem genoemd, waarvan Alexandrië in Egypte de be­kendste is. Ook van grote betekenis was dat door d­e hellenisering van het Midden-Oosten het Grieks a­ls lingua franca gebruikt werd waardoor rond het b­egin van de jaartelling de meeste bewoners dit kon­den verstaan. Hierdoor kon het jonge christendom z­ich snel verspreiden en wortel schieten.laatste aanpassing 25 maart 2006 18:35


ja dat is weer te veel tekst..
maar je tekst past wel in dit topic;) gaat nl ook nergens over
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Bobje op zaterdag 25 maart 2006 om 18:34:
Alexander de Grote


Wikipedia :lief:.

Gegroet een WYNN
Waarschuw beheerder
Uitspraak van WYNN op zaterdag 25 maart 2006 om 18:39:
Wikipedia


:cheer: Wikipedia :cheer:











Maar on topic:

Dus...
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Bobje op zaterdag 25 maart 2006 om 18:41:
Dus...


Site met boordevol informatie (Y).

Gegroet een WYNN
Waarschuw beheerder
Uitspraak van (K)Wen-D op zaterdag 25 maart 2006 om 18:37:
goh bedankt

je moet iets op zon kansloze topic


daarom... kansloze topics... verdiene kansloze antwoorden :cheer:
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Beauty is mama !! op zaterdag 25 maart 2006 om 18:46:
daarom... kansloze topics... verdiene kansloze antwoorden :cheer:


Klopt (Y).

Zeg ga jij vanaaf niets doen dan :/ .

Gegroet een WYNN
 
Waarschuw beheerder
Dusss :/
 
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Bobje op zaterdag 25 maart 2006 om 18:41:
Wikipedia











Maar on topic:

Dus...


jesus Bobje, heb je een encyclopedie ingeslikt of zo ?
veel te veel info !
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op zaterdag 25 maart 2006 om 18:48:
jesus Bobje, heb je een encyclopedie ingeslikt of zo ?


Nou...





Microscoop

Een microscoop (oud Grieks, 'klein zien') is een instrument voor het bestuderen van objecten die te klein zijn om goed met het blote oog te zien.

Microscopische technieken zijn tegenwoordig niet meer weg te denken uit de wereld van wetenschap en techniek. Zij worden veel gebruikt voor medisch, biologisch en forensisch onderzoek en bij onderzoek van materialen, om maar een paar toepassingen te noemen.





Twee veel voorkomende typen lichtmicroscoop
zijn de

'gewone' of biologische microscoop en de
stereomicroscoop.
De eerste wordt gebruikt om voorwerpen te bekijken met doorvallend licht en met vergrotingen tussen ca 10× en tot ca 1000×. (De grens voor optische microscopen ligt bij ongeveer 2000×; sterkere vergrotingen zijn wel mogelijk maar laten niet meer details zien). Deze microscopen worden vooral in de geneeskunde en de biologie gebruikt, voor het bekijken van micro-organismen, cellen, en weefsels. Een biologische microscoop heeft wel eens twee oculairen waarmee men tegelijkertijd met beide ogen (binoculair) kan kijken: hiermee ziet men echter geen diepte. Varianten zijn de fasecontrastmicroscoop, de polarisatiemicroscoop en de donkerveldmicroscoop, die vaak als opties bij de betere (lees: duurdere) merken extra te koop zijn. Omdat bij deze microscoop meestal van doorvallend licht gebruik wordt gemaakt, moet het te bekijken preparaat heel dun zijn, en vaak worden gekleurd om details zichtbaar te maken anders niet kunnen worden waargenomen. Dit maakt dit type microscoop minder geschikt voor hobbyisten die niet bereid zijn de vaak langdurige en intensieve bewerkingen uit te voeren die nodig zijn voor het maken van een preparaat. Om van een stukje weefsel dat wordt uitgenomen bij een operatie een microscopisch preparaat te maken moet dit worden gefixeerd, ontwaterd, doordrenkt met paraffine, ingebed, gesneden met een microtoom, op een glaasje gebracht, ontwast, en gekleurd, waarvoor talloze stappen nodig zijn en dure apparaten (microtoom).

De tweede soort, de stereomicroscoop, gebruikt men meestal bij opvallend licht en met vergrotingen tussen 10× en 100×, maar krijgt daarbij wel een stereoscopisch beeld waarbij diepte kan worden waargenomen. Deze is bij uitstek geschikt voor het bestuderen van planten, insecten, edelstenen, fossielen en mineralen. Ook voor horlogemakers en micro-elektronica.


Bouw van een gewone microscoop

De waarnemer kijkt door een oculair dat 5 a 20× vergroot, meestal 7× a 10×. Het oculair zit in de tubus die aan het andere uiteinde voorzien is van een objectief. De meeste microscopen hebben 3 a 5 objectieven die 4 tot 100× vergroten. Ze kunnen worden verwisseld door aan de de revolverkop van de microscoop te draaien. Bij goede microscopen is het beeld van het volgende objectief ook scherp als er eerder met een ander objectief werd scherpgesteld (de objectieven heten dan parfocaal). De totale vergroting wordt berekend door de vergroting van het objectief te vermenigvuldigen met die van het oculair en eventuele andere tussenliggende elementen.

In de tubus zitten tussen objectief en oculair soms nog andere optische elementen, zoals prisma's om de kijkhoek te veranderen zodat men naar een horizontaal liggend preparaat kan kijken zonder boven de microscoop te moeten hangen, splitters die het beeld over twee oculairen verdelen, en correctielenzen om optische gebreken van het objectief te corrigeren, die soms ook nog een kleine vergrotingsfactor toevoegen (b.v. 1,25×).

Voor het objectief bevindt zich het preparaat, bij sterke objectieven op zeer kleine afstand (fracties van een millimeter). Het preparaat kan bij duurdere microscopen met behulp van een kruistafel (niet op de afbeelding) in horizontale X- en Y richting worden verschoven; de afstanden kunnen worden afgelezen door een schaalverdeling met nonius. Verstelling langs de Z-as (scherpstellen) gebeurt door het op en neer draaien van de kruistafel of van de tubus (afbeelding), afhankelijk van het type microscoop. Oudere microscopen deden dit met de tubus, moderne waarbij vaak (zware) foto-apparatuur op de tubus wordt bevestigd bewegen alleen nog de kruistafel.

Achter het preparaat bevindt zich de condensor (niet in de afbeelding) die het licht van de lichtbron concentreert en liefst evenwijdig naar boven straalt. De lichtbron kan ingebouwd onder de preparaattafel zitten of extern zijn; in dat laatste geval wordt het licht via een verstelbaar spiegeltje naar het objectief toe weerkaatst. In het condensorgedeelte zit ook een diafragma om de hoeveelheid licht te kunnen regelen en meestal een of meer filterhouders om met gekleurd licht of polarisatiefilters te kunnen werken.

Voor de scherpstelling zijn er meestal twee knoppen, een grove die een bereik van centimeters heeft, en een fijnscherpstelling die 1 a 2 millimeter verplaatsing verdeelt over een aantal omwentelingen van de knop. De afstand tot het preparaat is bij sterke vergroting zo klein dat men gemakkelijk de lens door het preparaat heen kan draaien. Goede lenzen hebben om dit te voorkomen een veerinrichting. Bij zeer sterke vergrotingen moet om optimale afbeeldingen te krijgen gebruik gemaakt worden van olie-immersie: de lens wordt met het preparaat in olie gedompeld zodat er geen lucht-glas lichtbrekingsovergangen zijn die leiden tot vermindering van de maximaal haalbare nuttige vergroting. (Zie voor uitleg hiervan numerieke apertuur).


Goed of goedkoop?
De verschillen tussen dure onderzoeksmicroscopen en goedkope studentenmicroscopen zitten in de extra's en in de kwaliteit van de aanwezige componenten. Een kruistafel en ingebouwde verlichting maken een microscoop duurder. Solide uitvoering, goede optiek met objectieven die gecorrigeerd zijn voor allerlei soorten optische fouten (chromatische en sferische aberratie, vlakke beeldvelden), en ook de grootte van het te bekijken veld (hoeveel beeld zie je bij die 800× vergroting) maken een microscoop van topkwaliteit een zeer duur instrument. Het is beter een oude goede dan een goedkope nieuwe microscoop aan te schaffen. Speelgoedmicroscopen van enige tientallen euro's zijn vrijwel zonder uitzondering zeer slecht: het is beter voor dit geld een goede inslagloep met 2 of 3 elementen te kopen van 10-20× vergroting.


Typen microscopen

Lichtmicroscoop
De lichtmicroscoop maakt voor de afbeelding gebruik van zichtbaar licht.


Geschiedenis lichtmicroscoop
De eigenlijke uitvinder van de lichtmicroscoop is de Nederlander Cornelis Drebbel 1572-1633 die overigens ook de thermometer uitvond. Zijn instrument vermocht echter nog niet veel. Verbeteringen kwamen van o.a. Christiaan Huygens en Jan Swammerdam. De laatste was ook de eerste die het met succes als een wetenschappelijk instrument ging gebruiken. Zijn opvolger Antoni van Leeuwenhoek ontdekte een goede methode voor het slijpen van sterk vergrotende glazen lenzen en bracht daarmee het instrument op een beduidend hoger plan. Toch was ook zijn microscoop niet veel meer dan een zeer klein lensje in een houder. Deze houder diende vlak bij het oog gehouden te worden.

Van Leeuwenhoeks instrument is een voorbeeld van lichtmicroscopie, waarin gebruik gemaakt wordt van zichtbaar licht, dat wil zeggen dat deel van het elektromagnetische spectrum met een golflengte λ tussen ca 300 en 650 nm. Verder wordt er gebruik gemaakt van het vermogen van lenzen om deze golven te kunnen focusseren (bundelen) in een brandpunt. Lichtmicroscopie is sinds van Leeuwenhoeks tijd uitgegroeid tot een ware familie van verwante technieken en subtechnieken, zoals:

fasecontrastmicroscopie
donkerveld microscopie
fluorescentiemicroscopie
polarisatie microscopie
Andere delen van het lichtspectrum kunnen ook gebruikt worden, zoals ultraviolet licht (UV), maar dat is minder gebruikelijk omdat het technisch moeilijker te verwezenlijken is. Voor Röntgen- of gammastralen is het probleem nog extremer, omdat het moeilijk of onmogelijk is deze golven te focusseren.

Voor langere golven zoals infrarood 🇮🇷, microgolven en radiogolven zijn er ook in toenemende mate beperkingen. Het probleem daar is het oplossend vermogen. Voor grotere golflengtes wordt dat vermogen steeds kleiner. Daarmee gaat het vermogen om kleine voorwerpen zichtbaar te maken verloren.


Op basis van andere golven
Ook andere golven die gefocusseerd kunnen worden zijn bruikbaar voor microscopie. Voorbeelden zijn :

elektronenmicroscopie (materiegolven)
akoestische microscopie (geluidsgolven)
In het eerste geval wordt gebruik gemaakt van de tweeledige aard van alle materie: Golven en deeltjes zijn twee verschijningsvormen van ëën en hetzelfde in de theorie van de kwantummechanica. Met een deeltje van massa m dat zich voortbeweegt met een snelheid v is een golflengte λ= h/(mv) verbonden. De constante h is de constante van Planck.


Op basis van aftasting
Naast het gebruik van focusseerbare golven is er sinds de jaren negentig een nieuwe familie van microscopen ontstaan die op een ander beginsel gegrondvest zijn, namelijk aftasting. Zij danken allemaal hun bestaan aan de eigenschappen van piëzoelektrische materialen. Deze materialen vervormen op een goed voorspelbare wijze wanneer zij blootgesteld worden aan een elektrische spanning. Dit maakt het mogelijk bijzonder kleine bewegingen uit te voeren met uiterste precisie. Daardoor is het mogelijk de oppervlakte af te tasten met een precisie van de grootte van een atoom. Voorbeelden zijn

Scanning tunneling microscopie
Atomic force microscopie

Beeldanalyse
Een andere uitbreiding van de mogelijkheden van microscopische technieken is de beeldanalyse. Het vermogen om beelden in digitale vorm op te slaan in een computer en om de informatie die het beeld bevat te bewerken heeft de weg geopend om microscopische beelden getalsmatig te verwerken. Bijvoorbeeld het aantal deeltjes dat in het beeld zichtbaar is kan nu snel geteld worden. Of er kan een statistiek gemaakt van hun doorsneden. Omdat het beeld meestal een twee-dimensionale doorsnede van een drie-dimensionaal voorwerp is, moeten bij dit laatste de wiskundige eigenschappen van doorsneden in rekening gebracht worden. Deze vorm van wiskunde is bekend als stereologie.
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
:O
 
Waarschuw beheerder
Uh?
Waarschuw beheerder
Uitspraak van WYNN op zaterdag 25 maart 2006 om 18:54:
Nou gewoon O:) .


wou je langkomen dan O:)
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Beauty is mama !! op zaterdag 25 maart 2006 om 18:56:
wou je langkomen dan O:)


Weet jij iets beters te doen dan O:).

Gegroet een WYNN
Waarschuw beheerder
Uitspraak van WYNN op zaterdag 25 maart 2006 om 18:58:
Weet jij iets beters te doen dan O:) .


der zijn genoeg feesies toch O:)
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
dus dat
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Beauty is mama !! op zaterdag 25 maart 2006 om 19:02:
wat had jij in gedachten O:)


Burgelijk op de koffie komen bij jou (Y).

Gegroet een WYNN
Waarschuw beheerder
Maar de groeten uit malta...kisszzz
Waarschuw beheerder
Uitspraak van WYNN op zaterdag 25 maart 2006 om 19:05:
Burgelijk op de koffie komen bij jou (Y).


kan... als je zelf suiker en melk mee neemt 8)
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Beauty is mama !! op zaterdag 25 maart 2006 om 19:07:
kan... als je zelf suiker en melk mee neemt 8)


Alleen de suiker dus :). Drink er geen melk door (Y).

Gegroet een WYNN
Waarschuw beheerder
gaat helemaal nergens over
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Beauty is mama !! op zaterdag 25 maart 2006 om 19:10:
ik wel :devil:


Neem ik dus ook de melk mee (Y).

Hoelaat ongeveer uurtje of 21:00 schikt dat?? Of moet je je nog klaar maken...

Gegroet een WYNN
Waarschuw beheerder
Uitspraak van WYNN op zaterdag 25 maart 2006 om 19:11:
Neem ik dus ook de melk mee .


:knuffel:
Uitspraak van WYNN op zaterdag 25 maart 2006 om 19:11:
Hoelaat ongeveer uurtje of 21:00 schikt dat?? Of moet je je nog klaar maken...


ja moet moe nog klaar maken.... maar dat haal ik wel... :jaja: