
Nou op zich is het gigantisch anders dan de onze, maar het is meer wennen dan dat het moeilijk is.
Eigenlijk bestaat alles uit 3 woordsoorten:
-veranderlijke woorden
-onveranderlijke woorden
-partikels
Onder veranderlijke woorden vallen dan woorden die in onze taal werkwoord zijn of bijvoeglijke naamwoorden. Her verschil met onze taal is dat daar alles draait om uitgangen, waar je hier nog weleens een tijd/vorm kunt aangeven door extra woorden te gebruiken. De tijden waar zij onderscheid in maken zijn eigenlijk alleen 1 toekomstige tijd 2 afgesloten tijd. En door toevoeging van het werkwoord zijn kan je dan nog aangeven dat je ergens nu mee bezig bent. (bijvoorbeeld doenende zijn (rechtstreeks vertaald)
Onveranderlijke woorden zijn dan zelfstandige naamwoorden en onvervoegbare bijvoeglijke naamwoorden. Dit zijn dus gewoon woorden die je moet leren.
Partikels zijn kleine stukjes die achter meestal onveranderlijke woorden worden geplaatst, zoals ne, yo, wa en dit zegt dan iets over het woord dat ervoor staat. Bepaald onderwerp, lijdend voorwerp, extra nadruk etc.
Dus zinnen worden eigenijk meestal zo opgebouwd:
onver. woord + partikel, onver. woord + partikel, onver. woord + partikel, werkwoord.
Regel is dat werkwoord altijd achteraan staat, zowel in de bijzin als de hoofdzin. De rest van de combinaties kan je dan plaatsen in de zin waar je wilt. Al is er wel een voorkeur voor wat beter klinkt, maar op zich ben je vrij om alles te plaatsen.
Voorbeeld:
Kyou wa Andy-san to densha de Toukyou no kissaten ni ikimasu.
(Letterlijk vertaald: kyou (vandaag) wa (wat betreft, partikel geeft onderwerp) Andy-san to (to = met) densha (trein) de (per) Toukyou (tokyo) no (partikel geeft verband aan tussen tokyo en kissaten) kissaten (theehuis in tokyo) ikimasu (zal gaan).
1 Zo zie je dat al die woorden samen zijn met een partikel (al moet ik wel zeggen dat hoe meer casual je gaat praten hoe meer partikels weg kunnen vallen, japanners zeggen bijv. ook vaak kyou ipv kyou wa).
2 Dit is de meest lekker klinkende volgorde, maar het volgende kan bijvoorbeeld ook.
Kyou wa toukyou no kissaten ni andy to densha de ikimasu.
Nu heb je dus eigenlijk het verkorte basisprincipe van grammatica. Wat je dan nog moet leren zijn de vormen van veranderlijke woorden, betekenis van onveranderlijke woorden en het allerbelangrijkste: wennen aan deze manier van praten. Later natuurlijk ook nuanceringen per moment, voorkeursplaatsen van woorden etc. etc, maar dat is met iedere taal zo.