Partyflock
 
Profiel · 990

Agenda

Statistieken

± 111908·pagina's bekeken
56Partyflockvrienden
31·favorieten
131·winactie deelnemingen
12×geciteerd
250·opmerkingen
14·waarderingen
47·forumonderwerpen
380·forumberichten (onderwerpenlijst)
2×positieve karma
2·positievelingen
1262·privéberichten verzonden
1237·privéberichten ontvangen
Waarschuw beheerder
Op 16.05.2009 verscheen een artikel over mijn leven in VROUW, een de bijlage van de zaterdag-Telegraaf. Ik wil het artikel meegeven aan degenen die het willen lezen. Temeer als waarschuwing om op te passen met de zon, maar vooral ook om te laten zien dat wat je ook meemaakt in je leven het je altijd iets brengt, je overal uit kunt komen en er nog iets van kunt maken. Ik wens iedereen heel veel partyplezier en vooral heel veel liefde toe. Maak je een dansje extra voor me tijdens de festivals die ik waarschijnlijk dit jaar zal missen? Of gewoon tijdens een ander feestje wat je bezoekt? Ik ben en bijf nl gek van dansen en feesten dus dat blijf ik in gedachten lekker meedoen ;)

Liefs, warmte en kracht voor iedereen,

MoNiQuE X

******************************************

ARTIKEL 16.05.2009

[img width=133 height=200 cacheid=0002f14b0006edbebc56445a1e000003de]http://images2-telegraaf.nl/multimedia/archive/00627/Monique_627978d.jpg[/img]

Ongeneeslijk ziek en toch een toptijd


Een dagje naar het strand was voor Monique Middel (45) het begin van een nachtmerrie. Het rare vlekje dat haar vriendin op haar rug zag zitten, bleek een kwaadaardige vorm van huidkanker.
Een jaar na de diagnose kunnen de artsen niets meer voor Monique doen. Daarom viert ze het leven nu elke dag, voor zo lang het duren mag…


“Mijn vriendin zei: ‘Wat een raar plekje op je rug. Daar moet je naar laten kijken.’ Ik zat dezelfde week nog bij de huisarts. Het was niets bijzonders, zei hij. Ik vertrouwde hem blind. Huisartsen weten waar ze het over hebben, toch?

Ongeveer een jaar later voelde ik tijdens het douchen een raar knobbeltje in mijn borst. Dit keer stuurde de huisarts me wel door naar het ziekenhuis. Er kwam een batterij specialisten aan te pas. Iedereen dacht dat het om een cyste ging. Totdat er een punctie werd gemaakt.
Toen bleek het heel erg mis. ‘Het is waarschijnlijk een uitzaaiing van een melanoom,’ zei de arts. Hij wees op dat plekje dat eerder was afgedaan als onschuldig: ‘En ik denk dat dit de boosdoener is.’ Het melanoom en knobbeltje in mijn borst werden weggesneden om onderzocht te worden in het laboratorium.
Ik ben thuis op internet op zoek gegaan naar informatie. Zo ben ik, ik wil graag alles weten. Ik schrok van wat ik las. Het was ernstig. Mijn twee zoons, toen vijftien en achttien, heb ik meteen alles verteld. Ik heb ze vanaf het begin bij het ziekteproces betrokken.
Eerst kreeg ik nog te horen dat er niks aan de hand was. Pas dagen later kwam het telefoontje: het zat toch fout. Er werd een scan van mijn lichaam gemaakt en er bleken nog veel meer uitzaaiingen te zijn. Meer dan ze hadden gedacht. Ze werden verwijderd, maar er ontstonden nieuwe… Foute boel.
Maar in plaats van in te storten, kwam er een soort oerkracht over me. Ik was heel zeker van mijn zaak: dit gevecht durf en ga ik aan!


Schouders eronder

Toen er melanoomkanker bij mij werd geconstateerd, kwam ik net uit een zware periode. Ik was al jaren depressief, mijn huwelijk was misgelopen. Ik leek even weer overeind te krabbelen, maar eigenlijk stond ik op de rand van een nieuwe burn-out.
Psychisch zat ik heel diep. Je zou denken dat ik door de diagnose alleen maar verder in de put zou raken, dat ik op de bank zou gaan zitten. Maar daar was ik wel klaar mee. Dat had ik in mijn depressieve periode al vaak genoeg gedaan en dat had me geen steek verder geholpen.
Ik deed juist het tegenovergestelde. Ik zette mijn schouders eronder. Ook al wist ik dat de kans tachtig tot negentig procent was dat de kankercellen mijn lichaam zouden verwoesten, ik was vastbesloten me er niet onder te laten krijgen.


Weblog

Vrijwel meteen ben ik begonnen met het bijhouden van een weblog op Hyves. In het begin nog met enige schroom, want wie zat er nou op mijn verhaal te wachten? Maar al snel ontdekte ik dat er heel veel mensen waren die zich gesteund voelden door mijn internetdagboek. Mensen die zelf in moeilijke omstandigheden verkeerden, mailden me hoezeer ze geholpen waren door mijn stukjes. Dat maakte en maakt me heel gelukkig.
Ik wil mensen graag iets meegeven vanuit mijn eigen ervaring; dat je goed op jezelf moet letten en naar een dokter moet stappen als je twijfelt over plekjes die zich vreemd of anders gedragen dan normaal. En natuurlijk op alle vlakken goed voor jezelf zorgen, want dat is uiteindelijk waar het mee begint.
Ik voel me gehoord door mijn blogs, want mensen doen iets met de dingen die ik over mijn ziekte schrijf en ik word gerespecteerd om wie ik ben. Dat voelt ontzettend fijn. Daarnaast geven ze mij enorm veel kracht en liefde door hun reacties. Dat heb ik heel hard nodig!
Ik heb me vaak alleen en eenzaam gevoeld in mijn leven. Durfde nooit goed contact te onderhouden met andere mensen. Bang dat ze me niet leuk zouden vinden. Mijn ziekte heeft gemaakt dat ik schijt heb aan wat anderen van me vinden. Ik ben veel opener geworden. En daarmee blijk ik mensen naar me toe te trekken.


Onverwachte wendingen

In de maanden tussen april 2008 en nu heb ik alle behandelingen die de dokters mij adviseerden ondergaan, waaronder een zware experimentele. Dat terwijl ik wist dat de kans dat ze mijn leven zouden verlengen, van genezing was al geen sprake meer, slechts 15 procent was.
Ze hebben niet geholpen. Dan komt het moment waarop de arts zegt: ‘Sorry, we kunnen niets meer voor je doen, hooguit de pijn bestrijden. Je bent uitbehandeld.’ Ik heb nog gevraagd: ‘Kan ik misschien naar een ander ziekenhuis? Naar een ander land? Een andere planeet dan?’ Maar er was niets meer volgens de arts.
Dat kwam niet als een schok. Ik wist het wel. Melanoomkanker is zeer moeilijk te behandelen als het eenmaal uitgezaaid is. Ik merkte aan mijn lichaam dat noch chemokuren, noch bestralingen het aantal bulten lieten afnemen. Er kwamen er alleen maar meer bij, wat we ook probeerden.
Melanoomkanker is een ziekte met onverwachte wendingen. Ze kunnen nu een scan maken, niets zien en morgen zit er plotseling wel een gezwel. Je past je aan. Het is zoals het is.


Tumor

Ik heb nu ook een tumor achter mijn oog. Daar schrok ik eerst nogal van. Bang dat ik blind zou worden en dan nergens meer heen kon, omdat ik geen auto meer zou mogen rijden. Maar toen realiseerde ik me dat ik lieve broertjes heb die mijn chauffeur willen zijn. En zusjes en vriend(inn)en die voor me klaar staan. Ik heb wel de salontafel weggehaald. Ik liep er steeds tegenaan. Ik weet dat het nu ieder moment afgelopen kan zijn. Misschien heb ik nog een week. Misschien een maand, misschien een half jaar. Ik genees niet meer. Of ik moet het achtste wereldwonder zijn. Ik sta er zo min mogelijk bij stil. Ik heb afspraken gemaakt met de huisarts en de wijkverpleegkundige over wanneer ze moeten ingrijpen en tot hoe ver ik wil gaan. Ik heb ook knobbels op mijn hoofd. Als die uitzaaiingen naar binnen slaan, worden mijn hersens aangetast en dat wil ik niet. Ik wil niet teveel in verval raken.


Afscheid nemen

Beetje bij beetje ben ik bezig met afscheid nemen. Sinds dit jaar geef ik mijn dierbaren op hun verjaardagen niet alleen een cadeautje uit winkels, maar ook iets van mezelf. Ik wil dat ze straks iets tastbaars van me hebben.
Ook heb ik mijn eigen (rouw)kaart opgesteld met de boodschap dat het beter is om korter, intens en gelukkig te leven dan oud te worden en depressief en eenzaam te zijn.
Belangrijk voor mijn kinderen is dat het contact met mijn ex-man en zijn familie er is en blijft. Ooit vormden wij een gezin met onze twee zoons. Als ik er niet meer ben, zullen zij samen verder moeten.
Mijn ex-man zal als vader alle taken van mij overnemen. Gelukkig heb ik het gevoel dat hij dat ook gaat doen. Hij zal doen wat nodig is met de hulp van onze families, daar ben ik van overtuigd.
Ik ben niet bang voor de toekomst van mijn kinderen zonder mij. Ik heb hen geleerd iets moois te maken van elke dag. Ze gaan het wel redden. Ik heb ze genoeg meegegeven om straks verder te kunnen.
Nee, ik heb nooit gedacht: waarom ik? Of: het is niet eerlijk. Toen ik zo depressief was, waren er momenten waarop ik uit het leven wilde stappen. Wie ben ik dan nu om te zeggen dat het oneerlijk is dat ik zo vroeg zal sterven.
Ik leef in het moment. En uit dat ogenblik, uit het nu, probeer ik alles te halen wat erin zit. Ik ga af en toe nog uit, vier dan uitbundig feest en doe alsof ik nog minstens vijf jaar heb.
Ik maak van mijn laatste periode in dit leven een toptijd! Als ik er straks niet meer ben, wil ik dat mensen zich mij herinneren als iemand die tot op het laatste moment enorm van het leven heeft genoten. Dat gaat me lukken. En dan ben ik misschien niet meer in leven, ik heb tóch mijn strijd gewonnen!”