ZUILICHEM - In de tuin van de buren staat een oranje vlag, en ook aan de versieringen van een nabij geparkeerde auto is te zien dat de nationale voetbaltrots aan het wereldkampioenschap meedoet. Aan de familie Wardak gaat het oranjegevoel echter volledig voorbij. Sterker nog: onder de huidige omstandigheden verlaat het gezin Nederland liever vandaag dan morgen.
De gordijnen van de hoekwoning blijven gesloten, dag en nacht. De oudste twee kinderen van veertien en twaalf zijn al weken de deur niet meer uit geweest. Naar school gaan ze niet, net als hun jongste broertje (. Hun moeder, die niet met haar voornaam in de krant wil, verlaat alleen op gezette tijden de woning om snel even een boodschap te doen. 's Nachts controleert ze regelmatig of haar drie zoons nog wel ademen. Aan nachtrust komt ze zelf amper toe.
Het vluchtelingengezin uit Afghanistan is bang, doodsbang. Bijna vanaf de eerste dag dat ze vanuit het asielzoekerscentrum Stevensbeek neerstreken in Zuilichem, een gehucht onder de rook van Zaltbommel, nu precies twee maanden geleden, is hun beeld van het vrije, democratische en bovenal veilige Nederland wreed verstoord.
?Als er niet snel iets verandert, ga ik desnoods terug naar Afghanistan, ook al is het leven daar voor ons een hel. Maar hier is het niet beter”, zegt de 35-jarige Afghaanse. Eind vorig jaar vluchtte ze met haar drie kinderen naar Nederland, nadat haar echtgenoot geëxecuteerd was na een langdurige gevangenschap.
Nog geen twee dagen duurde de vreugde over hun 'eigen' woning in Zuilichem, het gehucht dat ooit bezit is geweest van de bekende zeventiende eeuwse dichter Constantijn Huijgens. Dat in het dorp anno 1998 ook minder dichterlijke lieden wonen, bemerkten de Wardaks toen ze gebruik hadden gemaakt van de openbare telefooncel.
Een stuk of tien als gabbers uitgedoste tieners omringden plotseling moeder en oudste zoon. Een van hen maakte de Afghanen, onder het tonen van een groot mes, duidelijk dat ze persona non grata waren en maar beter het dorp konden verlaten.
Op Bevrijdingsdag volgde opnieuw een confrontatie met de Zuilichemse gabbers, waarbij de oudste zoon dit keer bewerkt werd met traangas in het gezicht. De Wardaks, nog ernstig getraumatiseerd vanwege de gebeurtenissen in eigen land, raakten totaal overstuur, en sloten zich op in hun eigen woning. Daar werd op een avond ook nog eens langdurig op het raam geklopt. Voor de familie Wardak staat vast dat er in Zuilichem voor haar geen toekomst meer is.
