
Bij de ingang gieren de zenuwen door je keel. Twee maanden heb je naar dit feest toegeleefd en vanavond is het zo ver. Het wachten bij de ingang is ondraaglijk. Maar eindelijk ben je aan de beurt, eindelijk mag je naar binnen. Dit moet de hemelpoort zijn. Of de poorten naar de hel, zoals de Naar House stiching buiten durft te beweren. Maar jij weet wel beter: Als er een God bestaat zal Hij ook best van gabbers houden. Want gabbers vieren alleen maar feest. Gabbers proberen het naar hun zin te hebben. En dat doen ze met z'n allen. Als 1 grote familie. 15. 000 geestverwanten vanavond om precies te zijn. Lekker uit je bol. Eenmaal binnen komt de hitte je als een tropische bries tegemoet. De grote zaal is waar je zijn moet. Eerst even wachten tot je vrienden binnen zijn en dan gauw je jas ophangen. Bij de garderobe zie je een groepje bekenden, ze zijn er elke keer bij, net als jij. Gabber-zijn zit in je bloed, gabber-zijn is 'a way of life'. Hardcore is je leven. Even een sanitaire tussenstop en dan langzaam naar de grote zaal schuifelen. Want het is druk vanavond, hardstikke druk. Blije mensen, blije gezichten. Daar aan het einde van de gang doemen de lichten al op. In de verte beukt de bassdrum. Je wordt er als het ware naartoe gezogen, je schap zetten heeft geen zin. Daarbinnen gebeurt het. Binnen is het feest. Een zee van licht, alle kleuren van de regenboog. De lasers doorklieven de hal, een batterij stroboscopen flitst aan en uit. Een reusachtige zaal beneden, 1 deinende massa. Waar is de trap, we moeten afdalen naar de arena... in het hol van de leeuw. Onderweg trap je iemand op de tenen, maar een vriendelijk sorry is genoeg. De beat wordt harder, de juno giert door de enorme geluidsinstallatie. Het geluid is in je onderbuik te voelen, keihard maar niet te. Hardcore moet je namelijk niet alleen horen, maar ook voelen. In je hele lichaam. This must be paradise. De DJ mixt er een nieuwe plaat in. Handen gaan in de lucht, iedereen juicht. De tienduizende voeten gaan van de vloer. Het is een gekkenhuis vanavond. Je maten heb je uit het oog verloren, maar vanavond is iedereen je vriend. Dansen, dansen, dansen, alsof je leven ervan afhangt. Dorst. Degene naast je biedt je een slok aan. Een stuk kauwgom als dank. De beats per minuut gaan omhoog, de voeten volgen het tempo. Iedereen klapt mee op de maat, zingt uit volle borst. Je raakt in een roes, het is als in een droom. Dit feest mag nooit aflopen, het moet eeuwig duren. Even vraag je je af waarom? Waarom in deze gekte? Maar een antwoord op die vraag bestaat niet... Je moet er gewoon bij zijn. Want gabber zijn is een gevoel: een gevoel dat diep van binnen zit!