Partyflock
 
Forumonderwerp · 998513
2336x bekeken
Waarschuw beheerder
Opgepakt omdat je stenen gooit naar voorbijrijdende auto's en dan nog even de fotograaf bedreigen omdat je op beeld wordt vastgelegd. Stoere jongen!

Het agressieve mannetje werd gistermiddag in de Spijkermakersstraat in Den Haag opgepakt, samen met twee andere vermeende stenengooiers.

Hij zal het vast wel allemaal weer niet gedaan hebben

[img width=133 height=200]http://www.telegraaf.nl/multimedia/archive/00160/Ik_maak_je_dood_160787d.jpg[/img]
Ik maak je dood, zoiets roept de arrestant. Klik zegt de fotograaf

bron:http://www.telegraaf.nl/binnenland/3395435/_Stoere_jongen__.html
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
steen tegen zijn hoofd en terug naar dat kamelenland waar die vandaan komt vuile stakker
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Waar is z'n burkini? :rot:
 
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Ik maak je dood


bedreiging met moord..leuk voor de aanklacht (y)
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
dat kamelenland waar die vandaan komt


Den Haag waarschijnlijk... :9
 
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
steen tegen zijn hoofd


Nee joh, tegen zijn papa en mama, vind hij veel leuker.

Mietjes.
 
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Ik maak je dood, zoiets roept de arrestant. Klik zegt de fotograaf


Telegraaf is ongeveer net zoiets als Nijntje?
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 09:31:
Telegraaf is ongeveer net zoiets als Nijntje?


Plaatjes kijken :yes:
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Hij zal het vast wel allemaal weer niet gedaan hebben


Dit mag gewoon in een krant staan? :vaag:
 
Waarschuw beheerder
donateur
scheer de snor van zijn moeder er af :D
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Knoalster op dinsdag 26 februari 2008 om 09:33:
Dit mag gewoon in een krant staan?


waarom niet het is toch zo..
die kut kameel trekt ze bek niet open bedreigd nog een paar agentjes en wordt weer snel de straat opgestuurd.. wat mij betreft worden zulke jongens helemaal de t*f*s ingetrapt en voor half dood achter gelaten
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
donateur
haha wat een taalgebruik!
het lijkt wel een kinderkrant
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van DopeyXXL op dinsdag 26 februari 2008 om 09:38:
haha wat een taalgebruik!
het lijkt wel een kinderkrant


Waarschuw beheerder
heb nergens gelezen dat het een marokaan was!
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:37:
wat mij betreft worden zulke jongens helemaal de t*f*s ingetrapt en voor half dood achter gelaten


Waarschuw beheerder
meschien een slechte jeugd die jonge :)
Waarschuw beheerder
Uitspraak van f@@b. op dinsdag 26 februari 2008 om 09:46:
heb nergens gelezen dat het een marokaan was!


ben je nog niet helemaal wakker ofzo..of vind je dat kut jong op de foto niet op zo'n noord afrikaans klere lijertje lijken dan...
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Knoalster op dinsdag 26 februari 2008 om 09:33:
Dit mag gewoon in een krant staan?


Persvrijheid heet dat, iets wat in het oorspronkelijke land van zijn ouders niet is.




Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
in Den Haag


Zullen ze nu ook wel een koppie thee gaan drinken, ja straffen is niet de goede manier, ze belonen voro hun gedrag dat bevordert de integratie :rot:.
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van toetjuh op dinsdag 26 februari 2008 om 09:48:
meschien een slechte jeugd die jonge


dus dan ga je maar met stenen gooien?
nee sorry hoor dit kan niet door de beugel
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 09:52:
Lekker domme opmerking


hoe denk jij er dan over moraal ridder
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van f@@b. op dinsdag 26 februari 2008 om 09:46:
heb nergens gelezen dat het een marokaan was!


Het zal wel een fransman zijn, die hebben ook van die debiele koppen.
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 09:50:
Persvrijheid heet dat, iets wat in het oorspronkelijke land van zijn ouders niet is.


Denk even na kerel.

Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Stoere jongen!


Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
mannetje


Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Hij zal het vast wel allemaal weer niet gedaan hebben


Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
zoiets


Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Klik zegt de fotograaf


Dit heeft niks met persvrijheid te maken. Dat jullie zo'n schrijfstijl normaal vinden zegt wel genoeg. Ook over telegraaflezers natuurlijk.
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 09:53:
Lekker slim


wat nou, mensen die van niet westerse afkomst zijn, hier dus TE GAST ZIJN!!! onthoud dat goed! horen zich aan de regeltjes te houden net als ons.

Als ik gvd tegen een boom aan pis krijg ik 80 kinkel harde euros boete. en dit ventje komt er wsl met een taakstrafje van 4 uur vanaf.

dat KAN tog NIET!, uit het land gooien met familie en an.

Stel dat ventje gooit een steen de de ruit van je moeders auto, en zij komt daarbij om het leven?.. ga je anders denken geloof me.
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
En het ligt niet aan de opvoeding!!! :S
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 09:58:
Als ik gvd tegen een boom aan pis krijg ik 80 kinkel harde euros boete. en dit ventje komt er wsl met een taakstrafje van 4 uur vanaf.


Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 09:58:
wat nou, mensen die van niet westerse afkomst zijn, hier dus TE GAST ZIJN!!! onthou dat goed!


Dat vind ik dan weer wel erg kort door de bocht, deze generatie is veelal hier geboren.
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
stoeprandje O:)
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Knoalster op dinsdag 26 februari 2008 om 09:56:
Dat jullie zo'n schrijfstijl normaal vinden zegt wel genoeg.


Ben PF gewend he ;) :lol:

Nee je hebt gelijk moet ik toegeven, geen knap staaltje journalistiek, eerder een gefrustreerde fotograaf van die krant die ook effe snel een stukje wilt schrijven omdat hij belaagd is door een kind :lol:
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van bonaparte op dinsdag 26 februari 2008 om 10:01:
deze generatie is veelal hier geboren.


ja dus? dat hun ouders hier de olietankers van de binnen kant schoon schrobden in de jaren 50 kan ik niks aan doen?

Niet Nederlanders zijn in mijn ogen GASTEN hier en zullen dat blijven
die moeten zich even goed aan de regels houden.
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 09:58:
een taakstrafje van 4 uur vanaf.


In vier uur verdien ik bij mijn baas heel wat meer dan


Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 09:58:
80 kinkel harde euros


;)
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:03:
In vier uur verdien ik bij mijn baas heel wat meer dan


je kruipt zeker onder het bureau :yes:
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 10:03:
ja dus? dat hun ouders hier de olietankers van de binnen kant schoon schrobden in de jaren 50 kan ik niks aan doen?

Niet Nederlanders zijn in mijn ogen GASTEN hier en zullen dat blijven
die moeten zich even goed aan de regels houden


stoer hè met een VEEKje een grote mond hebben :S
Waarschuw beheerder
hij heeft vast een nederlands paspoort dus het land uitflikkeren gaat niet.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:53:
hoe denk jij er dan over moraal ridder


Nou je scheert het 'volk' weer lekker over één kam, zéér simpel en krom. Maar goed, jouw interpretatie laat ik nu gewoon in het midden, ik ga er gewoon vanuit dat je niet zo slim bent.

Maareh, 1 ding, als je buurman Ahmed een zoontje heeft die je banden heeft lekgestoken. Zeg je dan tegen je buurman 'Hé Achmed we moeten een hartig woordje spreken....' of zeg je 'Hé kutmarokkaan, het is ook altijd hetzelfde met jullie, rot eens op naar je eigen kamelenland....'? Mensen zoals jij zijn namelijk alleen maar averechts bezig. Het ligt toch echt wel aan de opvoeding, personen van andere afkomst voelen zich bij dit soort gevoelens (in media etc etc) toch écht buitengesloten en gaan zich herenigen in, voor hun, vertrouwde groepen. Ik zeg niet dat ze onschuldig zijn en dat ze zich niet aan de regeltjes hoeven houden. Ze zijn per slot van rekening wel gewoon inwoners van de Nederlandse Staat en zij hebben ook rechten én plichten. Als ze zich niet aan die plichten wensen te houden dan volgt een straf. Een gozertje van nederlandse afkomst zou ook gewoon een taakstraf hebben gekregeng.

JWT

Uitspraak van Knoalster op dinsdag 26 februari 2008 om 09:56:
Ook over telegraaflezers natuurlijk.


Dat sowieso, allemaal op sensatie uit. Maar de juiste en betrouwbare informatie is qua percentage op je hand te tellen. :)
Waarschuw beheerder
staat nergens waarvoor ie die stenen gooide misschien had ie wel een goeie reden.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 10:04:
je kruipt zeker onder het bureau


Niet iedereen heeft dezelfde hobby's als jij.
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 09:50:
Persvrijheid heet dat, iets wat in het oorspronkelijke land van zijn ouders niet is.


Maar ook wee als je een keer wat over een heumeau zegt..persvrijheid? laat me niet lachen :lol:
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:12:
Niet iedereen heeft dezelfde hobby's als jij.


`draai de boel maar om, gedisst vriengd ;).


Uitspraak van f@@b. op dinsdag 26 februari 2008 om 10:10:
misschien had ie wel een goeie reden.


om stenen op voorbij rijdende automobilisten te gooieng?
man daarbij kunnen dooien vallen.. daar heb je tog geen goede reden voor.
mafkees
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 10:42:
om stenen op voorbij rijdende automobilisten te gooieng?


je hebt het hier over de telegraaf he.
kan net zo goed zijn dat ie werd aangereden.
wij zullen de waarheid nooit weten want de telegraaf heeft erover geschreven en die staan nu niet echt bekend om hun gedegen journalistiek.
Waarschuw beheerder
Mensen toch..... een beetje genuanceerder denken mag ook wel eens hoor...

Die arme jongen heeft waarschijnlijk een kutjeugd achter de rug, met ouders die op het sociaal minimum leven.
Die jongen wil maar één keer in zijn leven in een dikke Mercedes rijden. Geld voor een taxi heeft ie niet en door een onschuldig steentje tegen een ruit van een auto te gooien krijgt hij de kans van zijn leven!!
En dan ook nog eens in een auto met alle technische snufjes en zwaailichten en een sirene.
Welke jongen droomt hier niet van!!
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 10:42:
man daarbij kunnen dooien vallen.. daar heb je tog geen goede reden voor.
mafkees


ken wel wat redenen bedenken.
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Goaty op dinsdag 26 februari 2008 om 10:53:
Welke jongen droomt hier niet van!!


:lol:
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van f@@b. op dinsdag 26 februari 2008 om 10:49:
je hebt het hier over de telegraaf he.


ja okee, het is geen kwaliteits krant dat weet ik ook, maaaaaar er zal wel een kern van waarheid in zitten :)
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Goaty op dinsdag 26 februari 2008 om 10:53:
Mensen toch..... een beetje genuanceerder denken mag ook wel eens hoor...


zou je voor de grap de reacties op de telegraaf site eens moeten lezen!
hier op PF reageerd men toch nog iets genuanceerder dan daar :x
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
heb ze ook gelezen ja, haha daat gaat mij ook iets te ver ja
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Goaty op dinsdag 26 februari 2008 om 10:53:
Die arme jongen heeft waarschijnlijk een kutjeugd achter de rug, met ouders die op het sociaal minimum leven.
Die jongen wil maar één keer in zijn leven in een dikke Mercedes rijden. Geld voor een taxi heeft ie niet en door een onschuldig steentje tegen een ruit van een auto te gooien krijgt hij de kans van zijn leven!!
En dan ook nog eens in een auto met alle technische snufjes en zwaailichten en een sirene.
Welke jongen droomt hier niet van!!


:roflol:
Waarschuw beheerder
stenen gooien? allebei zijn handen eraf hakken. En zijn volgende overtreding.. kop eraf.

En niet omdat ie uit een ander land komt. Mogen ze bij iedereen doen, hard aanpakken dat schorrie morrie :yes:
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Cataclysm op dinsdag 26 februari 2008 om 11:13:
En niet omdat ie uit een ander land komt. Mogen ze bij iedereen doen, hard aanpakken dat schorrie morrie


!!

geldt voor iedereen
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Goaty op dinsdag 26 februari 2008 om 10:53:
Welke jongen droomt hier niet van!!


droom van ieder kind :yes:
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van DopeyXXL op dinsdag 26 februari 2008 om 11:03:
zou je voor de grap de reacties op de telegraaf site eens moeten lezen!
hier op PF reageerd men toch nog iets genuanceerder dan daar


whehe

oh ja mijn baas
[img width=512 height=768]http://blogsimages.skynet.be/images/000/343/934_secretaresse.jpg[/img]
;)
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:14:
geldt voor iedereen


dat zeg ik ook ;)
Waarschuw beheerder
zo onder dat buro wil ik ook.
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:17:
oh ja mijn baas


Zijn er nog vacatures? :kwijl:
:lol:
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:17:
oh ja mijn baas


ben benieuwd wat jij doet om 'hoger op' te komen :x
Waarschuw beheerder
ik bied me vrijwillig aan voor overwerk.
Waarschuw beheerder
kut kameel


Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:06:
ik ga er gewoon vanuit dat je niet zo slim bent.


doe dat maar voor het gemak.

Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:06:
als je buurman Ahmed een zoontje heeft die je banden heeft lekgestoken. Zeg je dan tegen je buurman 'Hé Achmed we moeten een hartig woordje spreken....' of zeg je 'Hé kutmarokkaan, het is ook altijd hetzelfde met jullie, rot eens op naar je eigen kamelenland....


ik denk dat ik het laatste zeg op een iets andere manier. Ik heb namelijk geen moer te maken met wat voor opvoeding hun wel of niet gehad hebben.. als zulke mensen het verschil tussen mijn en dijn niet weten of zich niet aan onze normen en waarden kunnen houden dan ben ik er vrij snel klaar mee en mogen ze wat mij betreft terug naar waar ze vandaan komen.

als jij er anders over denkt vind ik dat


Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:06:
zéér simpel en krom


Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:06:
Maar goed, jouw interpretatie laat ik nu gewoon in het midden, ik ga er gewoon vanuit dat je niet zo slim bent.


Waarschuw beheerder
Zijn er al ergens rellen uitgebroken? Die jongen zal vast wel een trauma of blauwe plek hebben opgelopen van meneer agent :yes:
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van DopeyXXL op dinsdag 26 februari 2008 om 11:21:
ben benieuwd wat jij doet om 'hoger op' te komen


volgens de mang die alles kang:



Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 10:04:
je kruipt zeker onder het bureau


:lol:
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 11:24:
en mogen ze wat mij betreft terug naar waar ze vandaan komen.


:gaap: x10
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
nee hoor
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 11:24:
of zich niet aan onze normen en waarden kunnen houden


Het multiculturele drama

Zo energiek als Nederland `de sociale kwestie' van weleer te lijf ging, zo gelaten wordt nu gereageerd op het achterblijven van hele generaties allochtonen en op de vorming van een etnische onderklasse. Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? De maatschappelijke vrede wordt ernstig bedreigd, meent Paul Scheffer.

Soms neemt de culturele verwarring een komische wending. Eerdaags kunnen we op wervingsposters van de gemeentepolitie de volgende tekst verwachten: `Die tulband past ons allemaal'. Het voorstel van de hoofdcommissarissen om de pet naar believen in te ruilen voor een hoofddoekje of tulband laat goed de onzekerheid zien, die de aanwezigheid van meer en meer migranten in Nederland met zich meebrengt. Zo'n buiging naar religieuze voorkeuren is vast goed bedoeld, maar blijkbaar vraagt men zich niet af of deze koestering van eigen identiteit wel samengaat met het streven naar emancipatie.

De achter ons liggende eeuw is getekend door de poging de sociale ongelijkheid terug te dringen. Geen vraagstuk heeft het openbare leven in Nederland zo beroerd als het streven naar verheffing van de verschillende bevolkingsgroepen, opdat eenieder volwaardig burger zou kunnen zijn. Die zorg voor gelijke kansen kwam voort uit angst voor sociaal oproer. Maar dat was niet het enige: in de tweede helft van de negentiende eeuw zien we ook een beschavingsoffensief opkomen.

Over het geheel genomen is deze poging tot integratie geslaagd te noemen. De standen en klassen verloren hun scherpe randen: afkomst werd steeds minder een noodlot. Juist daarom is de gelaten manier waarmee gereageerd wordt op het ontstaan van een nieuwe, veel venijniger tweedeling in de Nederlandse samenleving zo onvoorstelbaar. Want waarom wordt er niet in veel dwingender termen gesproken over het achterblijven van hele generaties allochtonen en over de vorming van een etnische onderklasse? Zo energiek als `de sociale kwestie' van weleer te lijf is gegaan, zo aarzelend wordt nu omgegaan met het multiculturele drama dat zich onder onze ogen voltrekt.

Is dat niet te zwartgallig? Nee, lees onder meer de recente `Rapportage minderheden 1999' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), een studie gewijd aan de positie van allochtonen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Hoewel de verschillen tussen en binnen de etnische groepen aanmerkelijk zijn, lijkt de algehele situatie zorgwekkend. Gemiddeld hebben de allochtone kinderen een aanmerkelijke achterstand in cognitieve ontwikkeling en taalvaardigheid, waardoor de toegang tot de betere banen is afgesloten. In Turkse en Marokkaanse kring treft men meer dan elders kinderen aan zonder enig schooldiploma. Er is volgens het SCP een `aanzienlijke talentenreserve'. Toch blijft de kloof tussen autochtone en allochtone kinderen groot en groeit die zelfs volgens sommige onderzoekers.

Wie alle beschikbare gegevens overziet komt tot een ontnuchterende conclusie: werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit hopen zich op bij de etnische minderheden. En de vooruitzichten zijn over de gehele linie niet gunstig, in weerwil van individuele succesverhalen. Het gaat om enorme aantallen achterblijvers en kanslozen, die de Nederlandse samenleving in toenemende mate zullen belasten.

Volgens de meest terughoudende telling herbergt Nederland nu een kleine anderhalf miljoen allochtonen die worden gerekend tot de zogeheten doelgroepen van het minderhedenbeleid. Dan hebben we het over landen van herkomst als Turkije, Marokko, Suriname, Antillen, en niet over Amerika of Zweden. De voorspelling van het SCP-rapport luidt dat in 2015 twaalf procent van de bevolking, dat wil zeggen rond de twee miljoen burgers, uit deze `doelgroepen' afkomstig is. Zo'n veertig procent van hen zijn asielmigranten uit de Derde Wereld. Belangrijk is ook dat in 2015 ongeveer de helft van de bevolking in de vier grote steden allochtoon zal zijn. Nu al is de schooljeugd er in meerderheid afkomstig uit wat straks enkel nog in naam `minderheden' zijn. Voor alle vijfenveertig grote steden van Nederland zal deze omslag over tien jaar een feit zijn.

Niemand kan dat een geruststellende gedachte vinden. Want het is duidelijk dat de razendsnelle demografische verandering enorme aanpassingsproblemen schept. In alle sectoren van de samenleving zijn de problemen legio: in de gezondheidszorg, het onderwijs, de rechtspraak, de volkshuisvesting en de arbeidsmarkt. Een voorbeeld uit vele: over vijftien jaar zal Nederland rond de één miljoen asielzoekers herbergen. Zeer velen van hen kampen met trauma's wegens de oorlogen of rampen waaraan ze zijn ontkomen en de geestelijke gezondheidszorg wordt geacht daarop een antwoord te geven. De enorme problemen die dat oplevert zijn bekend, maar dat lijkt de pleitbezorgers van een ruimhartig asielbeleid niet erg veel zorgen te baren. Althans je hoort ze er niet vaak over uitweiden. Zoals altijd zijn we beter in het voeren van de vorige oorlog. Momenteel woedt een debat over `excuses' aan de joodse bevolking en onderzoekt een waar leger van wetenschappers de opvang van degenen die na 1945 uit de kampen terugkwamen.

De vraag is: hoe heeft het zo ver kunnen komen? Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat ondanks de zichtbare problemen alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? Komt dat door de economische groei waarmee onrust kan worden afgekocht en de tevreden waarneming dat we hier geen rassenrellen kennen en het dus elders veel slechter gaat?

In 1994 wijdde het kabinet nog wel urgente woorden aan de etnische minderheden: ,,Het kabinet concludeert dat de situatie voor de toekomst uiterst zorgwekkend is. Redenen voor die zorg zijn de stagnerende economische ontwikkeling, de voortdurende immigratie – in het bijzonder van asielzoekers – en de ingrijpende effecten daarvan voor het maatschappelijk draagvlak voor het beleid.'' (`Contourennota Integratiebeleid etnische minderheden'). Het lijkt alsof die zorg is verdampt in de gelukzaligheid van het poldermodel.

Velen leven met het misverstand dat de integratie van de etnische minderheden ongeveer hetzelfde verloop zal hebben als de vreedzame verzoening van religieuze groepen in Nederland. Net als voorheen is het een kwestie van schikken, plooien, afkopen, onderhandelen en geheimhouding. Daarin openbaart zich vooral een grenzeloos geloof in elites. Succesvolle migranten maken het voor hun `achterban' gemakkelijker om zich te vereenzelvigen met de Nederlandse samenleving, zo luidt de onuitgesproken verwachting. Kortom, velen denken dat de regels en gebruiken van de pacificatie-democratie ook de nieuwe verdeeldheid kunnen temperen.

Het doet een beetje denken aan het geloof in de neutraliteitspolitiek aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Toen was eenieder ervan overtuigd dat wat een kwart eeuw eerder was gelukt – namelijk buiten de Eerste Wereldoorlog te blijven – ook nu weer kans van slagen had. En zo verloor een hele natie het zicht op de werkelijkheid.

Met het geloof in de pacificatie is iets vergelijkbaars aan de hand: het heeft gewerkt om de religieuze verdeeldheid te overwinnen en zal nu wel weer werken om de etnische verdeeldheid te beheersen. Maar dan wordt het hoofdstuk `Nationaal saamhorigheidsgevoel' in het klassieke boek uit 1968 over de Nederlandse pacificatie van Arend Lijphart vergeten (`Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek'). Zijn conclusie was: `De sterkte van het Nederlandse nationalisme moet niet worden overdreven, maar het lijdt geen twijfel dat het bestaat'. De levensbeschouwelijke verdeeldheid betrof een gemeenschappelijke geschiedenis, werd in toom gehouden door een algemeen aanvaarde grondwet en kon worden uitgevochten in een en dezelfde taal. Anders gezegd: de zuilen droegen één dak.

Wat is de waarde van de aloude methode van vreedzame coëxistentie in geheel nieuwe omstandigheden? Functioneert die nog op dezelfde manier? Is het een teken van zelfvertrouwen om niet teveel nadruk op het eigene van onze samenleving te leggen? De culturele samenhang waarbinnen het verschil kon worden beleefd, is nu veel minder voor handen; er zijn weinig bronnen van saamhorigheid. De vergelijking met de verzuiling gaat niet op. Segregatie in het onderwijs door zwarte en witte scholen is natuurlijk van een geheel andere orde dan de scheiding van openbare en bijzondere scholen.

Ook de rol van de islam is niet zomaar te vergelijken met die van de christelijke godsdiensten in Nederland. ,,Een mogelijk bindende factor aan allochtone zijde is gelegen in het blijvend hoge aandeel van de moslims in de minderhedenbevolking,'' schrijft het SCP bij wijze van `geruststelling' in zijn rapport. Het gaat naar schatting om de helft van de minderheden. Dat wil zeggen, straks is zo'n miljoen inwoners van Nederland moslim. Ook al weten we dat velen de islam in een verwaterde vorm zullen belijden, dan nog is dat is geen vanzelfsprekend gegeven, net zomin als scholen op islamitische grondslag dat zijn.

Misschien zal zich een liberale traditie ontwikkelen in wat wel de `buitengewesten van de islam' wordt genoemd. Vooralsnog is het hervormingsstreven beperkt, uitzonderingen als Mohammed Arkoun daargelaten. De arabist Jan Brugman schrijft in `Het raadsel van de multicultuur' (1998) over de geschiedenis van modernisering binnen de islam: ,,Wie deze modernistische bewegingen enigszins grondig bestudeert, merkt echter al snel dat zij in wezen conservatief zijn gebleven en dat een vergelijking met het christelijk modernisme niet opgaat. (...) Van een fundamentele heroverweging van de centrale leerstukken van de Islam, van de Islamitische Wet, of van de verhouding tussen Islam en staat was geen sprake.''

Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring. Af en toe wordt iets zichtbaar van wat door imams wordt gepreekt en hoort men voorbeelden van haatdragenheid tegenover de samenleving waarvan ze geacht worden deel te zijn. Zo kon in de tijd dat Ed Van Thijn burgemeester van Amsterdam was, de opvatting worden vernomen dat moslims zich niet zouden hoeven te houden aan de wetten van een stad die door een joodse burgemeester werd bestuurd.

Het verschil kan ook anders worden omschreven. De islamitische wet verbindt aan afvalligheid rechtsgevolgen die in ons land onaanvaardbaar zijn: zoals ontbinding van huwelijk, ontzegging uit de ouderlijke macht en verval van erfrechtaanspraken. Of die wetten nu worden nageleefd of niet, vooral in de gezinscultuur kan een aanmerkelijke afstand worden vastgesteld tussen de gangbare omgangsvormen in Nederland en het normbesef binnen de islamitische gemeenschappen. Men leeft nu goeddeels langs elkaar heen en kijkt veel de andere kant op, maar er zijn culturele verschillen die niet vatbaar zijn voor plooien, schikken en afkopen.

We kunnen niet blijven voorbijgaan aan het culturele isolement en de gevoelens van wrok, omdat het misschien minder prettig is die onder ogen te zien. Zohra Acherrat-Stitou, een Marokkaanse psychiater in opleiding zegt in een boeiend interview over haar generatiegenoten: ,,Ze zijn boos op de samenleving, die hun ouders zo gebruikt heeft, en boos op de ouders dat ze zich daar niet tegen verzet hebben. Veel Marokkaanse jongeren, valt mij op, voelen zich slachtoffer. Een slachtoffer voelt zich mishandeld, onbegrepen, niet veilig. Ze moeten van die slachtofferrol af om een identiteit te vinden.'' (de Volkskrant, 5 maart 1997).

Deze woorden vatten samen wat men vaker in Marokkaanse of Turkse of Antilliaanse kring kan horen. Sommigen maken zich ongerust over de wrok en afkeer die ze in de eigen `gemeenschap' bespeuren jegens de Nederlandse samenleving. Tal van deze `slachtoffers' maken namelijk een snelle carrière als dader, wat ook bedreigend is voor de minderheden in Nederland. De angst voor Marokkaanse jongeren is in een stad als Amsterdam inmiddels spreekwoordelijk.

En zo stort het kaartenhuis van de multiculturele samenleving ineen. Alle onuitgesproken verwachtingen, als zou integratie vooral een kwestie van tijd zijn, worden niet bewaarheid. Onder de oppervlakte van het openbare leven drijft een zee van verhalen over de botsing van culturen, die niet of nauwelijks worden gehoord. We leven nu al met de migranten van de derde generatie en de problemen zijn alleen maar groter geworden. Of succesvolle migranten de gehoopte voortrekkersrol spelen is onzeker, want doorgaans weten ze niet hoe snel ze zich moeten losmaken van hun veronderstelde `achterban'.

Het is geen teken van openheid aan zulke waarnemingen voorbij te gaan met een ontspannen pleidooi voor de multiculturele samenleving. Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt. De overgang naar een anonieme stadssamenleving - waar men de wetten niet zo nauw neemt en liever onderhandelt dan straft - is te groot gebleken voor veel migranten. In een tijd die door omvangrijke immigratie wordt getekend, kunnen de vrijheden in Nederland niet met oude middelen worden bestendigd.

De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is. Nodig is een afscheid van de kosmopolitische illusie waarin velen zich wentelen. De wegwerpende manier waarop in Nederland is omgesprongen met nationaal besef werkt namelijk niet uitnodigend. We slaan onszelf op de nationale borst omdat we denken er geen te hebben. Die grenzeloze houding van Nederlanders draagt niet bij tot integratie, omdat daar achter maar al te vaak een afstandelijke en achteloze samenleving schuilgaat.

Nu heerst teveel het postmoderne geschiedenisbeeld waarin elk `wij' onmiddellijk verdacht is. De literatuurwetenschapper Douwe Fokkema schrijft in deze trant: ,,Het is onmogelijk om te zeggen dat `wij' om Kaap de Goede Hoop naar de Oost zijn gevaren of op Nova Zembla hebben overwinterd. Dat waren `wij' niet. Die mensen spraken onze taal niet en volgden andere conventies.'' (NRC Handelsblad, 15 juni 1996). Tollens met zijn romantische verbeelding van de overwintering op Nova Zembla, waarom zouden we ons nog interesseren voor zulke exotische stemmen? Zo wordt elk `wij' onmogelijk, zijn er geen levende tradities meer en kan over het land van herkomst geen verhaal meer worden verteld.

Een gemakzuchtig multiculturalisme maakt school omdat we onvoldoende onder woorden brengen wat onze samenleving bijeenhoudt. We zeggen te weinig over onze grenzen, koesteren geen verhouding tegenover het eigen verleden en bejegenen de taal op een nonchalante manier. Een samenleving die zichzelf verloochent heeft nieuwkomers niets te bieden. Een meerderheid die ontkent meerderheid te zijn, heeft geen oog voor de `hardhandigheid' van integratie, die ook altijd verlies van eigen tradities betekent. En wie niet begrijpt wat er wordt genomen, die heeft ook weinig te geven.

Er worden wel pogingen ondernomen om een verplichtender opvatting van de multiculturele samenleving te verdedigen. Zo werd in een rapport van Entzinger en Van der Zwan (1992) meer nadruk gelegd op inburgering van allochtonen dan tot nog toe gebruikelijk was. Onder meer door het aanbieden van programma's die de immigranten vertrouwd kunnen maken met de Nederlandse taal en cultuur. Dat gaat allemaal niet zo goed, mede wegens gebrek aan middelen. Het wordt door de nationale overheid blijkbaar niet ervaren als een dringende opgave.

Laten we eens beginnen de Nederlandse taal, cultuur en geschiedenis veel serieuzer te nemen. Niet lang geleden merkte iemand in een debat over deze kwestie op: ,,Je gaat Turkse kinderen toch niet lastig vallen met de jaren '40-'45?'' Was dat een verlicht inzicht? Nee, het was een domme poging om kinderen met ouders van elders de mogelijkheid te ontzeggen deel te nemen aan de collectieve herinnering zoals die gestalte krijgt in Nederland. Waarom zouden kinderen die de rest van hun leven hier doorbrengen, niet lastiggevallen worden met de geschiedenis van het land waarin ze leven? Waarom kent ons land geen museum voor contemporaine geschiedenis, zoiets als het `Haus der Geschichte', dat in Duitsland veel belangstelling trekt?

Anil Ramdas kritiseerde de Nederlandse schrijvers wegens hun onvermogen de werkelijkheid van immigranten in hun literatuur tot leven te brengen: ,,Het is toch een formidabele wanprestatie van de Nederlandse vertellers om niet te zien dat hun samenleving in de afgelopen twintig jaar drastisch van kleur en aard is veranderd? Terwijl een miljoen burgers hun dagelijkse vernederingen verbijten kijken de Nederlandse schrijvers een andere kant op. Zo langzamerhand moeten we dat gaan wijten aan moedwil en kwade trouw.'' (NRC Handelsblad, 14 maart 1997).

Zijn waarneming klopt, maar zijn verwijt is onterecht. Aan de literatuur kun je vooralsnog aflezen hoe beperkt de integratie in Nederland is. Voor de meeste schrijvers in Nederland is de `multiculturele samenleving' een verschijnsel van horen zeggen, iets van een vluchtige blik in het straatbeeld. Het is geen onderdeel van hun geleefde werkelijkheid, en, naar men mag aannemen, geldt dat ook voor de meeste burgers in dit land. We leven in Nederland langs elkaar heen: ieder zijn eigen café, zijn eigen school, zijn eigen idolen, zijn eigen muziek, zijn eigen geloof, zijn eigen slager en straks zijn eigen straat of buurt. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat al die oude en nieuwe Nederlanders weinig tot niets van elkaar weten.

Het zou goed zijn mededeelzamer te worden. Nadere kennismaking met de Nederlandse cultuur en geschiedenis hoeft zeker niet kritiekloos te zijn. Integendeel, wie nadruk legt op collectieve herinnering zal ook beseffen dat een discussie over het Nederlandse aandeel in de slavernij geen onzin is. Ook de `zwarte' bladzijden in ons verleden moeten worden besproken. Een dwingender zelfonderzoek naar zulke episoden is één van vele de vragen die de komst van velen uit vroegere koloniën met zich meebrengt.

Wederkerigheid is belangrijk, maar kan niet verhullen dat het gaat om de verdediging van een open samenleving. Dat stelt grenzen aan het culturele veelvoud. De liberale democratie poseert vaak als een neutrale arena waarbinnen culturen kunnen botsen en versmelten. Maar zoals de Rushdie-affaire laat zien, houden neutraliteit en relativisme ergens op. Sterker nog: tolerantie moet worden verdedigd tegenover gewetensdwang. In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen. Religieuze symbolen als hoofddoekjes horen bij het privéleven en niet bij een openbare functie als de politie.

Deze opvatting biedt derhalve geen genoegdoening aan etnische groepen die in de liberale democratie een weigering zien om hun cultuur als van gelijke waarde te erkennen. De Amerikaanse schrijver Norman Podhoretz, zelf afkomstig uit een gezin van Poolse immigranten in Brooklyn, beschrijft het deel hebben aan een gemeenschappelijke cultuur als een `brutal bargain': het verwerven van een plaats in een nieuw land is meestal ook een verraad van de eigen familiegeschiedenis.

Reizen we bij wijze van gedachtenoefening even van Brooklyn naar Veghel. Al die enthousiaste woordvoerders van de multiculturele samenleving die zweren bij het devies `s lands wijs, `s lands eer, wat moeten die nu denken? Erewraak is een cultuureigen uiting en toch geen goed idee. De strafmaat in Turkije is in deze gevallen een geheel andere dan hier en dat lijkt niet iets om over te nemen of zelfs maar begrip voor te tonen. Onze wetten zijn helemaal niet neutraal en toch willen we die niet heroverwegen met het oog op de veranderde samenstelling van de bevolking. Integratie met behoud van eigen identiteit is een vrome leugen, die niet zoals nu door de overheid moet worden aangemoedigd. Oud-minister Van Kemenade merkte onlangs terecht op dat deze nadruk op eigen identiteit ,,ernstig risico loopt sociale ongelijkheid eerder te vergroten dan te verkleinen''. Omdat we jarenlang hebben ontkend immigratieland te zijn hebben we ons niet ontwikkeld tot een integratieland, luidt zijn stelling.

De conclusie is helder: integratie is nu eerder uitzondering dan regel, alleen al omdat het onderwijs uiteenvalt in witte en zwarte scholen en kinderen dus van jongs af aan in gescheiden werelden groot worden. Dat zou een primaire zorg in Nederland moeten zijn. Maar daarover lees je weinig in de cultuurnota van de vorige staatssecretaris Nuis, die volhardt in sympathieke vaagheden over `intercultureel onderwijs', terwijl de werkelijkheid van `spontane' apartheid hard om zich heen grijpt: ,,Met een souplesse die altijd een opvallende karaktertrek van onze cultuur is geweest, wordt het vreemde allengs opgenomen in wat we gewoon vinden.''

De richting van het huidige onderwijs- en cultuurbeleid staat haaks op wat nodig is. We moeten een groot vraagteken plaatsen bij het `onderwijs in eigen taal en cultuur'. Is het niet veel zinvoller de achterstand in beheersing van het Nederlands met alle mogelijke middelen op te heffen? En misschien nog belangrijker: de grondwettelijke vrijheid van onderwijs maakt segregatie mogelijk en gemakkelijk. Gezwegen wordt over de wellevende burgerij die voor haar kinderen hoogwaardig onderwijs koopt. Een minimaal streven zou toch moeten zijn dat scholen enigszins de samenstelling van een stad weerspiegelen en dat in het onderlinge verkeer tussen leerlingen Nederlands wordt gesproken.

Wat helemaal niet serieus wordt genomen, is de wanhoop van talloze leerkrachten. Er wordt zeker geld uitgetrokken om extra aandacht te kunnen geven aan allochtone kinderen. Maar het probleem zit veel dieper. Rector Sjamaar, al dertig jaar werkzaam in de leiding van het Niels Stensen College in Utrecht, trok in het voorjaar van 1998 landelijke aandacht met zijn stelling dat zijn school beter kon sluiten. Door een hoge concentratie allochtone, vooral Marokkaanse, leerlingen (zeventig procent in de brugklassen) liep de school leeg en kon geen volwaardige VWO/Havo-afdeling handhaven. Goede autochtone èn allochtone leerlingen zochten in toenemende mate hun heil elders. Een jaar na zijn hartekreet werd Sjamaar ontslagen.

Toch valt zijn diagnose moeilijk te weerleggen: in de grote steden zal het aantal deelnemers aan VWO/Havo-afdelingen van veertig naar vijfentwintig procent van de leerlingen dalen en derhalve zal in deze steden één op de drie scholen deze afdelingen in de komende jaren zien leeglopen. De maatschappelijke gevolgen zijn straks ingrijpend: ,,De steden zijn woonplaats voor de overwegend donkerder gekleurde onderlagen, die niet of nauwelijks meedoen aan de kennissamenleving en voor de nu nog gebruikelijke medische en sociale minimumvoorzieningen zal in de steden het geld ontbreken. Zo'n samenleving kan beter kastenmaatschappij dan kennismaatschappij heten,'' aldus Sjamaar (NRC Handelsblad, 30 april 1999).

Helaas hebben de bewindslieden van Onderwijs en Cultuur andere dingen aan hun hoofd. Staatssecretaris Van der Ploeg wilde culturele instellingen die niet voldoende aan etniciteit doen een strafkorting opleggen. Dat is nu omgezet in een eveneens absurde bonus op de begroting van de instellingen, die bewijzen van multiculturaliteit kunnen overleggen. Lees verder in de cultuurnota en huiver: ,,In het licht van de ontwikkeling van Nederland als multiculturele samenleving behoeft het kwaliteitsbegrip dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van aanvragen, aanpassing.'' De ene fijne zin rolt over de andere: gesproken wordt over de ,,verrijking van andere culturen'' en ,,de bevordering van diversiteit''. In de vier grote steden wordt ,,een initiator en verkenner voor culturele diversiteit'' aangesteld, een soort van keuringsdienst voor minderheden. Ondertussen omschrijft Van der Ploeg zichzelf als `internationalist' en hekelt zijn critici als `protectionisten'. Maar wie speelt er hier nu eigenlijk voor beschermheilige?

We hebben het uitsluitend gehad over degenen die hier zijn, niet over degenen die nog komen. Uit het voorgaande blijkt wel dat een land waar de integratie mislukt, niet in Europa voorop moet willen lopen met de aantallen mensen die worden opgenomen. Het SCP maakt in het eerder geciteerde rapport terechte kanttekeningen bij het vluchtelingenverdrag: ,,Het uit 1951 daterende verdrag is opgesteld in een tijd dat de wereld er aanmerkelijk anders uitzag dan thans, al was het maar doordat sindsdien de opkomst van de massacommunicatie en de luchtvaart de mentale en fysieke afstand tot de westerse wereld hebben doen verschrompelen. Vermoedelijk is ook niet voorzien dat de mensensmokkel tot een omvangrijke mondiale bedrijfstak zou uitgroeien.''

Natuurlijk hebben landen baat bij de schok van het vreemde. Degenen die zeggen dat landen zich niet kunnen en ook niet moeten willen afschermen van de buitenwereld hebben alle gelijk van de wereld. Nederland heeft zich bijvoorbeeld gemoderniseerd als gevolg van de Napoleontische tijd. Ook immigratie heeft een lange traditie in Nederland, denk maar aan de hugenoten of de joden, en vaak hebben we daar wel bij gevaren. Die algemene overweging betekent echter geen instemming met de huidige omvang en aard van de immigratie, die in menig opzicht eilanden van armoede en onwetendheid in de Nederlandse samenleving schept. De socioloog J.A.A. van Doorn schreef dat ,,de aanwezigheid van de allochtonen, evolutionair gezien, de klok van de Nederlandse geschiedenis een halve eeuw of langer heeft teruggezet'' (`Indische Lessen', 1995).

We hebben een uitzonderlijke tijd achter ons, waarin een zeer ontspannen en welvarende samenleving de teugels heeft laten vieren. De illusie van onkwetsbaarheid was sterk en het leek alsof de vrijheid en verdraagzaamheid zich als vanzelf bestendigden. Die jaren zijn voorbij. Burgers ontlenen momenteel minder rechtszekerheid, sociale bescherming en culturele bevestiging aan de staat. Nu deze hoekstenen van onze tevreden natie zijn gaan schuiven, keren velen zich af van een overheid die zichzelf voortdurend relativeert. De politieke bovenlaag die vroeger over een duidelijke beschavingsmissie beschikte, twijfelt aan zichzelf en verliest meer en meer zijn greep op de maatschappelijke werkelijkheid.

Zo kan men de weigering begrijpen van kabinet en parlement voor iedereen zichtbare en vaak gesignaleerde problemen rondom etnische minderheden in Nederland onder ogen te zien. Een parlementair onderzoek naar het immigratie- en integratiebeleid is nodig, want nu worden hele generaties onder het mom van tolerantie afgeschreven. Het huidige beleid van ruime toelating en beperkte integratie vergroot de ongelijkheid en draagt bij tot een gevoel van vervreemding in de samenleving. De tolerantie kreunt onder de last van achterstallig onderhoud. Het multiculturele drama dat zich voltrekt is dan ook de grootste bedreiging voor de maatschappelijke vrede.
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:06:
Nou je scheert het 'volk' weer lekker over één kam, zéér simpel en krom.


je kan de schuld niet alleen bij hem neerleggen,
wees is eerlijk, wat voor postieve berichten lees je in de krant over die doelgroep???

de maatschappij cq de pers is hier voor een groot deel schuldig aan!!!
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:40:
b]Het multiculturele drama[b]

Zo energiek als Nederland `de sociale kwestie' van weleer te lijf ging, zo gelaten wordt nu gereageerd op het achterblijven van hele generaties allochtonen en op de vorming van een etnische onderklasse. Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? De maatschappelijke vrede wordt ernstig bedreigd, meent Paul Scheffer.

Soms neemt de culturele verwarring een komische wending. Eerdaags kunnen we op wervingsposters van de gemeentepolitie de volgende tekst verwachten: `Die tulband past ons allemaal'. Het voorstel van de hoofdcommissarissen om de pet naar believen in te ruilen voor een hoofddoekje of tulband laat goed de onzekerheid zien, die de aanwezigheid van meer en meer migranten in Nederland met zich meebrengt. Zo'n buiging naar religieuze voorkeuren is vast goed bedoeld, maar blijkbaar vraagt men zich niet af of deze koestering van eigen identiteit wel samengaat met het streven naar emancipatie.

De achter ons liggende eeuw is getekend door de poging de sociale ongelijkheid terug te dringen. Geen vraagstuk heeft het openbare leven in Nederland zo beroerd als het streven naar verheffing van de verschillende bevolkingsgroepen, opdat eenieder volwaardig burger zou kunnen zijn. Die zorg voor gelijke kansen kwam voort uit angst voor sociaal oproer. Maar dat was niet het enige: in de tweede helft van de negentiende eeuw zien we ook een beschavingsoffensief opkomen.

Over het geheel genomen is deze poging tot integratie geslaagd te noemen. De standen en klassen verloren hun scherpe randen: afkomst werd steeds minder een noodlot. Juist daarom is de gelaten manier waarmee gereageerd wordt op het ontstaan van een nieuwe, veel venijniger tweedeling in de Nederlandse samenleving zo onvoorstelbaar. Want waarom wordt er niet in veel dwingender termen gesproken over het achterblijven van hele generaties allochtonen en over de vorming van een etnische onderklasse? Zo energiek als `de sociale kwestie' van weleer te lijf is gegaan, zo aarzelend wordt nu omgegaan met het multiculturele drama dat zich onder onze ogen voltrekt.

Is dat niet te zwartgallig? Nee, lees onder meer de recente `Rapportage minderheden 1999' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), een studie gewijd aan de positie van allochtonen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Hoewel de verschillen tussen en binnen de etnische groepen aanmerkelijk zijn, lijkt de algehele situatie zorgwekkend. Gemiddeld hebben de allochtone kinderen een aanmerkelijke achterstand in cognitieve ontwikkeling en taalvaardigheid, waardoor de toegang tot de betere banen is afgesloten. In Turkse en Marokkaanse kring treft men meer dan elders kinderen aan zonder enig schooldiploma. Er is volgens het SCP een `aanzienlijke talentenreserve'. Toch blijft de kloof tussen autochtone en allochtone kinderen groot en groeit die zelfs volgens sommige onderzoekers.

Wie alle beschikbare gegevens overziet komt tot een ontnuchterende conclusie: werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit hopen zich op bij de etnische minderheden. En de vooruitzichten zijn over de gehele linie niet gunstig, in weerwil van individuele succesverhalen. Het gaat om enorme aantallen achterblijvers en kanslozen, die de Nederlandse samenleving in toenemende mate zullen belasten.

Volgens de meest terughoudende telling herbergt Nederland nu een kleine anderhalf miljoen allochtonen die worden gerekend tot de zogeheten doelgroepen van het minderhedenbeleid. Dan hebben we het over landen van herkomst als Turkije, Marokko, Suriname, Antillen, en niet over Amerika of Zweden. De voorspelling van het SCP-rapport luidt dat in 2015 twaalf procent van de bevolking, dat wil zeggen rond de twee miljoen burgers, uit deze `doelgroepen' afkomstig is. Zo'n veertig procent van hen zijn asielmigranten uit de Derde Wereld. Belangrijk is ook dat in 2015 ongeveer de helft van de bevolking in de vier grote steden allochtoon zal zijn. Nu al is de schooljeugd er in meerderheid afkomstig uit wat straks enkel nog in naam `minderheden' zijn. Voor alle vijfenveertig grote steden van Nederland zal deze omslag over tien jaar een feit zijn.

Niemand kan dat een geruststellende gedachte vinden. Want het is duidelijk dat de razendsnelle demografische verandering enorme aanpassingsproblemen schept. In alle sectoren van de samenleving zijn de problemen legio: in de gezondheidszorg, het onderwijs, de rechtspraak, de volkshuisvesting en de arbeidsmarkt. Een voorbeeld uit vele: over vijftien jaar zal Nederland rond de één miljoen asielzoekers herbergen. Zeer velen van hen kampen met trauma's wegens de oorlogen of rampen waaraan ze zijn ontkomen en de geestelijke gezondheidszorg wordt geacht daarop een antwoord te geven. De enorme problemen die dat oplevert zijn bekend, maar dat lijkt de pleitbezorgers van een ruimhartig asielbeleid niet erg veel zorgen te baren. Althans je hoort ze er niet vaak over uitweiden. Zoals altijd zijn we beter in het voeren van de vorige oorlog. Momenteel woedt een debat over `excuses' aan de joodse bevolking en onderzoekt een waar leger van wetenschappers de opvang van degenen die na 1945 uit de kampen terugkwamen.

De vraag is: hoe heeft het zo ver kunnen komen? Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat ondanks de zichtbare problemen alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? Komt dat door de economische groei waarmee onrust kan worden afgekocht en de tevreden waarneming dat we hier geen rassenrellen kennen en het dus elders veel slechter gaat?

In 1994 wijdde het kabinet nog wel urgente woorden aan de etnische minderheden: ,,Het kabinet concludeert dat de situatie voor de toekomst uiterst zorgwekkend is. Redenen voor die zorg zijn de stagnerende economische ontwikkeling, de voortdurende immigratie – in het bijzonder van asielzoekers – en de ingrijpende effecten daarvan voor het maatschappelijk draagvlak voor het beleid.'' (`Contourennota Integratiebeleid etnische minderheden'). Het lijkt alsof die zorg is verdampt in de gelukzaligheid van het poldermodel.

Velen leven met het misverstand dat de integratie van de etnische minderheden ongeveer hetzelfde verloop zal hebben als de vreedzame verzoening van religieuze groepen in Nederland. Net als voorheen is het een kwestie van schikken, plooien, afkopen, onderhandelen en geheimhouding. Daarin openbaart zich vooral een grenzeloos geloof in elites. Succesvolle migranten maken het voor hun `achterban' gemakkelijker om zich te vereenzelvigen met de Nederlandse samenleving, zo luidt de onuitgesproken verwachting. Kortom, velen denken dat de regels en gebruiken van de pacificatie-democratie ook de nieuwe verdeeldheid kunnen temperen.

Het doet een beetje denken aan het geloof in de neutraliteitspolitiek aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Toen was eenieder ervan overtuigd dat wat een kwart eeuw eerder was gelukt – namelijk buiten de Eerste Wereldoorlog te blijven – ook nu weer kans van slagen had. En zo verloor een hele natie het zicht op de werkelijkheid.

Met het geloof in de pacificatie is iets vergelijkbaars aan de hand: het heeft gewerkt om de religieuze verdeeldheid te overwinnen en zal nu wel weer werken om de etnische verdeeldheid te beheersen. Maar dan wordt het hoofdstuk `Nationaal saamhorigheidsgevoel' in het klassieke boek uit 1968 over de Nederlandse pacificatie van Arend Lijphart vergeten (`Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek'). Zijn conclusie was: `De sterkte van het Nederlandse nationalisme moet niet worden overdreven, maar het lijdt geen twijfel dat het bestaat'. De levensbeschouwelijke verdeeldheid betrof een gemeenschappelijke geschiedenis, werd in toom gehouden door een algemeen aanvaarde grondwet en kon worden uitgevochten in een en dezelfde taal. Anders gezegd: de zuilen droegen één dak.

Wat is de waarde van de aloude methode van vreedzame coëxistentie in geheel nieuwe omstandigheden? Functioneert die nog op dezelfde manier? Is het een teken van zelfvertrouwen om niet teveel nadruk op het eigene van onze samenleving te leggen? De culturele samenhang waarbinnen het verschil kon worden beleefd, is nu veel minder voor handen; er zijn weinig bronnen van saamhorigheid. De vergelijking met de verzuiling gaat niet op. Segregatie in het onderwijs door zwarte en witte scholen is natuurlijk van een geheel andere orde dan de scheiding van openbare en bijzondere scholen.

Ook de rol van de islam is niet zomaar te vergelijken met die van de christelijke godsdiensten in Nederland. ,,Een mogelijk bindende factor aan allochtone zijde is gelegen in het blijvend hoge aandeel van de moslims in de minderhedenbevolking,'' schrijft het SCP bij wijze van `geruststelling' in zijn rapport. Het gaat naar schatting om de helft van de minderheden. Dat wil zeggen, straks is zo'n miljoen inwoners van Nederland moslim. Ook al weten we dat velen de islam in een verwaterde vorm zullen belijden, dan nog is dat is geen vanzelfsprekend gegeven, net zomin als scholen op islamitische grondslag dat zijn.

Misschien zal zich een liberale traditie ontwikkelen in wat wel de `buitengewesten van de islam' wordt genoemd. Vooralsnog is het hervormingsstreven beperkt, uitzonderingen als Mohammed Arkoun daargelaten. De arabist Jan Brugman schrijft in `Het raadsel van de multicultuur' (1998) over de geschiedenis van modernisering binnen de islam: ,,Wie deze modernistische bewegingen enigszins grondig bestudeert, merkt echter al snel dat zij in wezen conservatief zijn gebleven en dat een vergelijking met het christelijk modernisme niet opgaat. (...) Van een fundamentele heroverweging van de centrale leerstukken van de Islam, van de Islamitische Wet, of van de verhouding tussen Islam en staat was geen sprake.''

Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring. Af en toe wordt iets zichtbaar van wat door imams wordt gepreekt en hoort men voorbeelden van haatdragenheid tegenover de samenleving waarvan ze geacht worden deel te zijn. Zo kon in de tijd dat Ed Van Thijn burgemeester van Amsterdam was, de opvatting worden vernomen dat moslims zich niet zouden hoeven te houden aan de wetten van een stad die door een joodse burgemeester werd bestuurd.

Het verschil kan ook anders worden omschreven. De islamitische wet verbindt aan afvalligheid rechtsgevolgen die in ons land onaanvaardbaar zijn: zoals ontbinding van huwelijk, ontzegging uit de ouderlijke macht en verval van erfrechtaanspraken. Of die wetten nu worden nageleefd of niet, vooral in de gezinscultuur kan een aanmerkelijke afstand worden vastgesteld tussen de gangbare omgangsvormen in Nederland en het normbesef binnen de islamitische gemeenschappen. Men leeft nu goeddeels langs elkaar heen en kijkt veel de andere kant op, maar er zijn culturele verschillen die niet vatbaar zijn voor plooien, schikken en afkopen.

We kunnen niet blijven voorbijgaan aan het culturele isolement en de gevoelens van wrok, omdat het misschien minder prettig is die onder ogen te zien. Zohra Acherrat-Stitou, een Marokkaanse psychiater in opleiding zegt in een boeiend interview over haar generatiegenoten: ,,Ze zijn boos op de samenleving, die hun ouders zo gebruikt heeft, en boos op de ouders dat ze zich daar niet tegen verzet hebben. Veel Marokkaanse jongeren, valt mij op, voelen zich slachtoffer. Een slachtoffer voelt zich mishandeld, onbegrepen, niet veilig. Ze moeten van die slachtofferrol af om een identiteit te vinden.'' (de Volkskrant, 5 maart 1997).

Deze woorden vatten samen wat men vaker in Marokkaanse of Turkse of Antilliaanse kring kan horen. Sommigen maken zich ongerust over de wrok en afkeer die ze in de eigen `gemeenschap' bespeuren jegens de Nederlandse samenleving. Tal van deze `slachtoffers' maken namelijk een snelle carrière als dader, wat ook bedreigend is voor de minderheden in Nederland. De angst voor Marokkaanse jongeren is in een stad als Amsterdam inmiddels spreekwoordelijk.

En zo stort het kaartenhuis van de multiculturele samenleving ineen. Alle onuitgesproken verwachtingen, als zou integratie vooral een kwestie van tijd zijn, worden niet bewaarheid. Onder de oppervlakte van het openbare leven drijft een zee van verhalen over de botsing van culturen, die niet of nauwelijks worden gehoord. We leven nu al met de migranten van de derde generatie en de problemen zijn alleen maar groter geworden. Of succesvolle migranten de gehoopte voortrekkersrol spelen is onzeker, want doorgaans weten ze niet hoe snel ze zich moeten losmaken van hun veronderstelde `achterban'.

Het is geen teken van openheid aan zulke waarnemingen voorbij te gaan met een ontspannen pleidooi voor de multiculturele samenleving. Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt. De overgang naar een anonieme stadssamenleving - waar men de wetten niet zo nauw neemt en liever onderhandelt dan straft - is te groot gebleken voor veel migranten. In een tijd die door omvangrijke immigratie wordt getekend, kunnen de vrijheden in Nederland niet met oude middelen worden bestendigd.

De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is. Nodig is een afscheid van de kosmopolitische illusie waarin velen zich wentelen. De wegwerpende manier waarop in Nederland is omgesprongen met nationaal besef werkt namelijk niet uitnodigend. We slaan onszelf op de nationale borst omdat we denken er geen te hebben. Die grenzeloze houding van Nederlanders draagt niet bij tot integratie, omdat daar achter maar al te vaak een afstandelijke en achteloze samenleving schuilgaat.

Nu heerst teveel het postmoderne geschiedenisbeeld waarin elk `wij' onmiddellijk verdacht is. De literatuurwetenschapper Douwe Fokkema schrijft in deze trant: ,,Het is onmogelijk om te zeggen dat `wij' om Kaap de Goede Hoop naar de Oost zijn gevaren of op Nova Zembla hebben overwinterd. Dat waren `wij' niet. Die mensen spraken onze taal niet en volgden andere conventies.'' (NRC Handelsblad, 15 juni 1996). Tollens met zijn romantische verbeelding van de overwintering op Nova Zembla, waarom zouden we ons nog interesseren voor zulke exotische stemmen? Zo wordt elk `wij' onmogelijk, zijn er geen levende tradities meer en kan over het land van herkomst geen verhaal meer worden verteld.

Een gemakzuchtig multiculturalisme maakt school omdat we onvoldoende onder woorden brengen wat onze samenleving bijeenhoudt. We zeggen te weinig over onze grenzen, koesteren geen verhouding tegenover het eigen verleden en bejegenen de taal op een nonchalante manier. Een samenleving die zichzelf verloochent heeft nieuwkomers niets te bieden. Een meerderheid die ontkent meerderheid te zijn, heeft geen oog voor de `hardhandigheid' van integratie, die ook altijd verlies van eigen tradities betekent. En wie niet begrijpt wat er wordt genomen, die heeft ook weinig te geven.

Er worden wel pogingen ondernomen om een verplichtender opvatting van de multiculturele samenleving te verdedigen. Zo werd in een rapport van Entzinger en Van der Zwan (1992) meer nadruk gelegd op inburgering van allochtonen dan tot nog toe gebruikelijk was. Onder meer door het aanbieden van programma's die de immigranten vertrouwd kunnen maken met de Nederlandse taal en cultuur. Dat gaat allemaal niet zo goed, mede wegens gebrek aan middelen. Het wordt door de nationale overheid blijkbaar niet ervaren als een dringende opgave.

Laten we eens beginnen de Nederlandse taal, cultuur en geschiedenis veel serieuzer te nemen. Niet lang geleden merkte iemand in een debat over deze kwestie op: ,,Je gaat Turkse kinderen toch niet lastig vallen met de jaren '40-'45?'' Was dat een verlicht inzicht? Nee, het was een domme poging om kinderen met ouders van elders de mogelijkheid te ontzeggen deel te nemen aan de collectieve herinnering zoals die gestalte krijgt in Nederland. Waarom zouden kinderen die de rest van hun leven hier doorbrengen, niet lastiggevallen worden met de geschiedenis van het land waarin ze leven? Waarom kent ons land geen museum voor contemporaine geschiedenis, zoiets als het `Haus der Geschichte', dat in Duitsland veel belangstelling trekt?

Anil Ramdas kritiseerde de Nederlandse schrijvers wegens hun onvermogen de werkelijkheid van immigranten in hun literatuur tot leven te brengen: ,,Het is toch een formidabele wanprestatie van de Nederlandse vertellers om niet te zien dat hun samenleving in de afgelopen twintig jaar drastisch van kleur en aard is veranderd? Terwijl een miljoen burgers hun dagelijkse vernederingen verbijten kijken de Nederlandse schrijvers een andere kant op. Zo langzamerhand moeten we dat gaan wijten aan moedwil en kwade trouw.'' (NRC Handelsblad, 14 maart 1997).

Zijn waarneming klopt, maar zijn verwijt is onterecht. Aan de literatuur kun je vooralsnog aflezen hoe beperkt de integratie in Nederland is. Voor de meeste schrijvers in Nederland is de `multiculturele samenleving' een verschijnsel van horen zeggen, iets van een vluchtige blik in het straatbeeld. Het is geen onderdeel van hun geleefde werkelijkheid, en, naar men mag aannemen, geldt dat ook voor de meeste burgers in dit land. We leven in Nederland langs elkaar heen: ieder zijn eigen café, zijn eigen school, zijn eigen idolen, zijn eigen muziek, zijn eigen geloof, zijn eigen slager en straks zijn eigen straat of buurt. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat al die oude en nieuwe Nederlanders weinig tot niets van elkaar weten.

Het zou goed zijn mededeelzamer te worden. Nadere kennismaking met de Nederlandse cultuur en geschiedenis hoeft zeker niet kritiekloos te zijn. Integendeel, wie nadruk legt op collectieve herinnering zal ook beseffen dat een discussie over het Nederlandse aandeel in de slavernij geen onzin is. Ook de `zwarte' bladzijden in ons verleden moeten worden besproken. Een dwingender zelfonderzoek naar zulke episoden is één van vele de vragen die de komst van velen uit vroegere koloniën met zich meebrengt.

Wederkerigheid is belangrijk, maar kan niet verhullen dat het gaat om de verdediging van een open samenleving. Dat stelt grenzen aan het culturele veelvoud. De liberale democratie poseert vaak als een neutrale arena waarbinnen culturen kunnen botsen en versmelten. Maar zoals de Rushdie-affaire laat zien, houden neutraliteit en relativisme ergens op. Sterker nog: tolerantie moet worden verdedigd tegenover gewetensdwang. In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen. Religieuze symbolen als hoofddoekjes horen bij het privéleven en niet bij een openbare functie als de politie.

Deze opvatting biedt derhalve geen genoegdoening aan etnische groepen die in de liberale democratie een weigering zien om hun cultuur als van gelijke waarde te erkennen. De Amerikaanse schrijver Norman Podhoretz, zelf afkomstig uit een gezin van Poolse immigranten in Brooklyn, beschrijft het deel hebben aan een gemeenschappelijke cultuur als een `brutal bargain': het verwerven van een plaats in een nieuw land is meestal ook een verraad van de eigen familiegeschiedenis.

Reizen we bij wijze van gedachtenoefening even van Brooklyn naar Veghel. Al die enthousiaste woordvoerders van de multiculturele samenleving die zweren bij het devies `s lands wijs, `s lands eer, wat moeten die nu denken? Erewraak is een cultuureigen uiting en toch geen goed idee. De strafmaat in Turkije is in deze gevallen een geheel andere dan hier en dat lijkt niet iets om over te nemen of zelfs maar begrip voor te tonen. Onze wetten zijn helemaal niet neutraal en toch willen we die niet heroverwegen met het oog op de veranderde samenstelling van de bevolking. Integratie met behoud van eigen identiteit is een vrome leugen, die niet zoals nu door de overheid moet worden aangemoedigd. Oud-minister Van Kemenade merkte onlangs terecht op dat deze nadruk op eigen identiteit ,,ernstig risico loopt sociale ongelijkheid eerder te vergroten dan te verkleinen''. Omdat we jarenlang hebben ontkend immigratieland te zijn hebben we ons niet ontwikkeld tot een integratieland, luidt zijn stelling.

De conclusie is helder: integratie is nu eerder uitzondering dan regel, alleen al omdat het onderwijs uiteenvalt in witte en zwarte scholen en kinderen dus van jongs af aan in gescheiden werelden groot worden. Dat zou een primaire zorg in Nederland moeten zijn. Maar daarover lees je weinig in de cultuurnota van de vorige staatssecretaris Nuis, die volhardt in sympathieke vaagheden over `intercultureel onderwijs', terwijl de werkelijkheid van `spontane' apartheid hard om zich heen grijpt: ,,Met een souplesse die altijd een opvallende karaktertrek van onze cultuur is geweest, wordt het vreemde allengs opgenomen in wat we gewoon vinden.''

De richting van het huidige onderwijs- en cultuurbeleid staat haaks op wat nodig is. We moeten een groot vraagteken plaatsen bij het `onderwijs in eigen taal en cultuur'. Is het niet veel zinvoller de achterstand in beheersing van het Nederlands met alle mogelijke middelen op te heffen? En misschien nog belangrijker: de grondwettelijke vrijheid van onderwijs maakt segregatie mogelijk en gemakkelijk. Gezwegen wordt over de wellevende burgerij die voor haar kinderen hoogwaardig onderwijs koopt. Een minimaal streven zou toch moeten zijn dat scholen enigszins de samenstelling van een stad weerspiegelen en dat in het onderlinge verkeer tussen leerlingen Nederlands wordt gesproken.

Wat helemaal niet serieus wordt genomen, is de wanhoop van talloze leerkrachten. Er wordt zeker geld uitgetrokken om extra aandacht te kunnen geven aan allochtone kinderen. Maar het probleem zit veel dieper. Rector Sjamaar, al dertig jaar werkzaam in de leiding van het Niels Stensen College in Utrecht, trok in het voorjaar van 1998 landelijke aandacht met zijn stelling dat zijn school beter kon sluiten. Door een hoge concentratie allochtone, vooral Marokkaanse, leerlingen (zeventig procent in de brugklassen) liep de school leeg en kon geen volwaardige VWO/Havo-afdeling handhaven. Goede autochtone èn allochtone leerlingen zochten in toenemende mate hun heil elders. Een jaar na zijn hartekreet werd Sjamaar ontslagen.

Toch valt zijn diagnose moeilijk te weerleggen: in de grote steden zal het aantal deelnemers aan VWO/Havo-afdelingen van veertig naar vijfentwintig procent van de leerlingen dalen en derhalve zal in deze steden één op de drie scholen deze afdelingen in de komende jaren zien leeglopen. De maatschappelijke gevolgen zijn straks ingrijpend: ,,De steden zijn woonplaats voor de overwegend donkerder gekleurde onderlagen, die niet of nauwelijks meedoen aan de kennissamenleving en voor de nu nog gebruikelijke medische en sociale minimumvoorzieningen zal in de steden het geld ontbreken. Zo'n samenleving kan beter kastenmaatschappij dan kennismaatschappij heten,'' aldus Sjamaar (NRC Handelsblad, 30 april 1999).

Helaas hebben de bewindslieden van Onderwijs en Cultuur andere dingen aan hun hoofd. Staatssecretaris Van der Ploeg wilde culturele instellingen die niet voldoende aan etniciteit doen een strafkorting opleggen. Dat is nu omgezet in een eveneens absurde bonus op de begroting van de instellingen, die bewijzen van multiculturaliteit kunnen overleggen. Lees verder in de cultuurnota en huiver: ,,In het licht van de ontwikkeling van Nederland als multiculturele samenleving behoeft het kwaliteitsbegrip dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van aanvragen, aanpassing.'' De ene fijne zin rolt over de andere: gesproken wordt over de ,,verrijking van andere culturen'' en ,,de bevordering van diversiteit''. In de vier grote steden wordt ,,een initiator en verkenner voor culturele diversiteit'' aangesteld, een soort van keuringsdienst voor minderheden. Ondertussen omschrijft Van der Ploeg zichzelf als `internationalist' en hekelt zijn critici als `protectionisten'. Maar wie speelt er hier nu eigenlijk voor beschermheilige?

We hebben het uitsluitend gehad over degenen die hier zijn, niet over degenen die nog komen. Uit het voorgaande blijkt wel dat een land waar de integratie mislukt, niet in Europa voorop moet willen lopen met de aantallen mensen die worden opgenomen. Het SCP maakt in het eerder geciteerde rapport terechte kanttekeningen bij het vluchtelingenverdrag: ,,Het uit 1951 daterende verdrag is opgesteld in een tijd dat de wereld er aanmerkelijk anders uitzag dan thans, al was het maar doordat sindsdien de opkomst van de massacommunicatie en de luchtvaart de mentale en fysieke afstand tot de westerse wereld hebben doen verschrompelen. Vermoedelijk is ook niet voorzien dat de mensensmokkel tot een omvangrijke mondiale bedrijfstak zou uitgroeien.''

Natuurlijk hebben landen baat bij de schok van het vreemde. Degenen die zeggen dat landen zich niet kunnen en ook niet moeten willen afschermen van de buitenwereld hebben alle gelijk van de wereld. Nederland heeft zich bijvoorbeeld gemoderniseerd als gevolg van de Napoleontische tijd. Ook immigratie heeft een lange traditie in Nederland, denk maar aan de hugenoten of de joden, en vaak hebben we daar wel bij gevaren. Die algemene overweging betekent echter geen instemming met de huidige omvang en aard van de immigratie, die in menig opzicht eilanden van armoede en onwetendheid in de Nederlandse samenleving schept. De socioloog J.A.A. van Doorn schreef dat ,,de aanwezigheid van de allochtonen, evolutionair gezien, de klok van de Nederlandse geschiedenis een halve eeuw of langer heeft teruggezet'' (`Indische Lessen', 1995).

We hebben een uitzonderlijke tijd achter ons, waarin een zeer ontspannen en welvarende samenleving de teugels heeft laten vieren. De illusie van onkwetsbaarheid was sterk en het leek alsof de vrijheid en verdraagzaamheid zich als vanzelf bestendigden. Die jaren zijn voorbij. Burgers ontlenen momenteel minder rechtszekerheid, sociale bescherming en culturele bevestiging aan de staat. Nu deze hoekstenen van onze tevreden natie zijn gaan schuiven, keren velen zich af van een overheid die zichzelf voortdurend relativeert. De politieke bovenlaag die vroeger over een duidelijke beschavingsmissie beschikte, twijfelt aan zichzelf en verliest meer en meer zijn greep op de maatschappelijke werkelijkheid.

Zo kan men de weigering begrijpen van kabinet en parlement voor iedereen zichtbare en vaak gesignaleerde problemen rondom etnische minderheden in Nederland onder ogen te zien. Een parlementair onderzoek naar het immigratie- en integratiebeleid is nodig, want nu worden hele generaties onder het mom van tolerantie afgeschreven. Het huidige beleid van ruime toelating en beperkte integratie vergroot de ongelijkheid en draagt bij tot een gevoel van vervreemding in de samenleving. De tolerantie kreunt onder de last van achterstallig onderhoud. Het multiculturele drama dat zich voltrekt is dan ook de grootste bedreiging voor de maatschappelijke vrede


zo dat is een stukkie tekst
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:44:
de pers is hier voor een groot deel schuldig aan!!!


Daarom is bovenstaande sukkel ook een telegraaflezer.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:44:
zo dat is een stukkie tekst


Ja, ach. Na het lezen van enigszins neutrale en objectieve teksten is het allemaal nog een beetje te verklaren hoe het één en ander in elkaar steekt.
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
hahaha de telegraaf is een meduim dat houd van oproer kraaien. dat weet je toch. telegraaf word gesponserd door extreem rechts. Hoe kan je een jongen van 15 nou zo in beeld brengen. Wat ie ook fout heeft gedaan.


de grootste pedofielen/hooligans/drugscrimenelen worden altijd met balkjes in de krant gezet. maar een allochtone jongen van 15 word life in beeld gebracht. En dan nog het lef hebben om te zeggen hij zal het vast niet gedaan hebben. Nee en Wilders is vast geen neo nazi.

ik wil graag de naam van ie journalist. Kan iemand mij hierbij helpen.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:40:
Het multiculturele drama

Zo energiek als Nederland `de sociale kwestie' van weleer te lijf ging, zo gelaten wordt nu gereageerd op het achterblijven van hele generaties allochtonen en op de vorming van een etnische onderklasse. Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? De maatschappelijke vrede wordt ernstig bedreigd, meent Paul Scheffer.

Soms neemt de culturele verwarring een komische wending. Eerdaags kunnen we op wervingsposters van de gemeentepolitie de volgende tekst verwachten: `Die tulband past ons allemaal'. Het voorstel van de hoofdcommissarissen om de pet naar believen in te ruilen voor een hoofddoekje of tulband laat goed de onzekerheid zien, die de aanwezigheid van meer en meer migranten in Nederland met zich meebrengt. Zo'n buiging naar religieuze voorkeuren is vast goed bedoeld, maar blijkbaar vraagt men zich niet af of deze koestering van eigen identiteit wel samengaat met het streven naar emancipatie.

De achter ons liggende eeuw is getekend door de poging de sociale ongelijkheid terug te dringen. Geen vraagstuk heeft het openbare leven in Nederland zo beroerd als het streven naar verheffing van de verschillende bevolkingsgroepen, opdat eenieder volwaardig burger zou kunnen zijn. Die zorg voor gelijke kansen kwam voort uit angst voor sociaal oproer. Maar dat was niet het enige: in de tweede helft van de negentiende eeuw zien we ook een beschavingsoffensief opkomen.

Over het geheel genomen is deze poging tot integratie geslaagd te noemen. De standen en klassen verloren hun scherpe randen: afkomst werd steeds minder een noodlot. Juist daarom is de gelaten manier waarmee gereageerd wordt op het ontstaan van een nieuwe, veel venijniger tweedeling in de Nederlandse samenleving zo onvoorstelbaar. Want waarom wordt er niet in veel dwingender termen gesproken over het achterblijven van hele generaties allochtonen en over de vorming van een etnische onderklasse? Zo energiek als `de sociale kwestie' van weleer te lijf is gegaan, zo aarzelend wordt nu omgegaan met het multiculturele drama dat zich onder onze ogen voltrekt.

Is dat niet te zwartgallig? Nee, lees onder meer de recente `Rapportage minderheden 1999' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), een studie gewijd aan de positie van allochtonen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Hoewel de verschillen tussen en binnen de etnische groepen aanmerkelijk zijn, lijkt de algehele situatie zorgwekkend. Gemiddeld hebben de allochtone kinderen een aanmerkelijke achterstand in cognitieve ontwikkeling en taalvaardigheid, waardoor de toegang tot de betere banen is afgesloten. In Turkse en Marokkaanse kring treft men meer dan elders kinderen aan zonder enig schooldiploma. Er is volgens het SCP een `aanzienlijke talentenreserve'. Toch blijft de kloof tussen autochtone en allochtone kinderen groot en groeit die zelfs volgens sommige onderzoekers.

Wie alle beschikbare gegevens overziet komt tot een ontnuchterende conclusie: werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit hopen zich op bij de etnische minderheden. En de vooruitzichten zijn over de gehele linie niet gunstig, in weerwil van individuele succesverhalen. Het gaat om enorme aantallen achterblijvers en kanslozen, die de Nederlandse samenleving in toenemende mate zullen belasten.

Volgens de meest terughoudende telling herbergt Nederland nu een kleine anderhalf miljoen allochtonen die worden gerekend tot de zogeheten doelgroepen van het minderhedenbeleid. Dan hebben we het over landen van herkomst als Turkije, Marokko, Suriname, Antillen, en niet over Amerika of Zweden. De voorspelling van het SCP-rapport luidt dat in 2015 twaalf procent van de bevolking, dat wil zeggen rond de twee miljoen burgers, uit deze `doelgroepen' afkomstig is. Zo'n veertig procent van hen zijn asielmigranten uit de Derde Wereld. Belangrijk is ook dat in 2015 ongeveer de helft van de bevolking in de vier grote steden allochtoon zal zijn. Nu al is de schooljeugd er in meerderheid afkomstig uit wat straks enkel nog in naam `minderheden' zijn. Voor alle vijfenveertig grote steden van Nederland zal deze omslag over tien jaar een feit zijn.

Niemand kan dat een geruststellende gedachte vinden. Want het is duidelijk dat de razendsnelle demografische verandering enorme aanpassingsproblemen schept. In alle sectoren van de samenleving zijn de problemen legio: in de gezondheidszorg, het onderwijs, de rechtspraak, de volkshuisvesting en de arbeidsmarkt. Een voorbeeld uit vele: over vijftien jaar zal Nederland rond de één miljoen asielzoekers herbergen. Zeer velen van hen kampen met trauma's wegens de oorlogen of rampen waaraan ze zijn ontkomen en de geestelijke gezondheidszorg wordt geacht daarop een antwoord te geven. De enorme problemen die dat oplevert zijn bekend, maar dat lijkt de pleitbezorgers van een ruimhartig asielbeleid niet erg veel zorgen te baren. Althans je hoort ze er niet vaak over uitweiden. Zoals altijd zijn we beter in het voeren van de vorige oorlog. Momenteel woedt een debat over `excuses' aan de joodse bevolking en onderzoekt een waar leger van wetenschappers de opvang van degenen die na 1945 uit de kampen terugkwamen.

De vraag is: hoe heeft het zo ver kunnen komen? Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat ondanks de zichtbare problemen alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? Komt dat door de economische groei waarmee onrust kan worden afgekocht en de tevreden waarneming dat we hier geen rassenrellen kennen en het dus elders veel slechter gaat?

In 1994 wijdde het kabinet nog wel urgente woorden aan de etnische minderheden: ,,Het kabinet concludeert dat de situatie voor de toekomst uiterst zorgwekkend is. Redenen voor die zorg zijn de stagnerende economische ontwikkeling, de voortdurende immigratie – in het bijzonder van asielzoekers – en de ingrijpende effecten daarvan voor het maatschappelijk draagvlak voor het beleid.'' (`Contourennota Integratiebeleid etnische minderheden'). Het lijkt alsof die zorg is verdampt in de gelukzaligheid van het poldermodel.

Velen leven met het misverstand dat de integratie van de etnische minderheden ongeveer hetzelfde verloop zal hebben als de vreedzame verzoening van religieuze groepen in Nederland. Net als voorheen is het een kwestie van schikken, plooien, afkopen, onderhandelen en geheimhouding. Daarin openbaart zich vooral een grenzeloos geloof in elites. Succesvolle migranten maken het voor hun `achterban' gemakkelijker om zich te vereenzelvigen met de Nederlandse samenleving, zo luidt de onuitgesproken verwachting. Kortom, velen denken dat de regels en gebruiken van de pacificatie-democratie ook de nieuwe verdeeldheid kunnen temperen.

Het doet een beetje denken aan het geloof in de neutraliteitspolitiek aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Toen was eenieder ervan overtuigd dat wat een kwart eeuw eerder was gelukt – namelijk buiten de Eerste Wereldoorlog te blijven – ook nu weer kans van slagen had. En zo verloor een hele natie het zicht op de werkelijkheid.

Met het geloof in de pacificatie is iets vergelijkbaars aan de hand: het heeft gewerkt om de religieuze verdeeldheid te overwinnen en zal nu wel weer werken om de etnische verdeeldheid te beheersen. Maar dan wordt het hoofdstuk `Nationaal saamhorigheidsgevoel' in het klassieke boek uit 1968 over de Nederlandse pacificatie van Arend Lijphart vergeten (`Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek'). Zijn conclusie was: `De sterkte van het Nederlandse nationalisme moet niet worden overdreven, maar het lijdt geen twijfel dat het bestaat'. De levensbeschouwelijke verdeeldheid betrof een gemeenschappelijke geschiedenis, werd in toom gehouden door een algemeen aanvaarde grondwet en kon worden uitgevochten in een en dezelfde taal. Anders gezegd: de zuilen droegen één dak.

Wat is de waarde van de aloude methode van vreedzame coëxistentie in geheel nieuwe omstandigheden? Functioneert die nog op dezelfde manier? Is het een teken van zelfvertrouwen om niet teveel nadruk op het eigene van onze samenleving te leggen? De culturele samenhang waarbinnen het verschil kon worden beleefd, is nu veel minder voor handen; er zijn weinig bronnen van saamhorigheid. De vergelijking met de verzuiling gaat niet op. Segregatie in het onderwijs door zwarte en witte scholen is natuurlijk van een geheel andere orde dan de scheiding van openbare en bijzondere scholen.

Ook de rol van de islam is niet zomaar te vergelijken met die van de christelijke godsdiensten in Nederland. ,,Een mogelijk bindende factor aan allochtone zijde is gelegen in het blijvend hoge aandeel van de moslims in de minderhedenbevolking,'' schrijft het SCP bij wijze van `geruststelling' in zijn rapport. Het gaat naar schatting om de helft van de minderheden. Dat wil zeggen, straks is zo'n miljoen inwoners van Nederland moslim. Ook al weten we dat velen de islam in een verwaterde vorm zullen belijden, dan nog is dat is geen vanzelfsprekend gegeven, net zomin als scholen op islamitische grondslag dat zijn.

Misschien zal zich een liberale traditie ontwikkelen in wat wel de `buitengewesten van de islam' wordt genoemd. Vooralsnog is het hervormingsstreven beperkt, uitzonderingen als Mohammed Arkoun daargelaten. De arabist Jan Brugman schrijft in `Het raadsel van de multicultuur' (1998) over de geschiedenis van modernisering binnen de islam: ,,Wie deze modernistische bewegingen enigszins grondig bestudeert, merkt echter al snel dat zij in wezen conservatief zijn gebleven en dat een vergelijking met het christelijk modernisme niet opgaat. (...) Van een fundamentele heroverweging van de centrale leerstukken van de Islam, van de Islamitische Wet, of van de verhouding tussen Islam en staat was geen sprake.''

Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring. Af en toe wordt iets zichtbaar van wat door imams wordt gepreekt en hoort men voorbeelden van haatdragenheid tegenover de samenleving waarvan ze geacht worden deel te zijn. Zo kon in de tijd dat Ed Van Thijn burgemeester van Amsterdam was, de opvatting worden vernomen dat moslims zich niet zouden hoeven te houden aan de wetten van een stad die door een joodse burgemeester werd bestuurd.

Het verschil kan ook anders worden omschreven. De islamitische wet verbindt aan afvalligheid rechtsgevolgen die in ons land onaanvaardbaar zijn: zoals ontbinding van huwelijk, ontzegging uit de ouderlijke macht en verval van erfrechtaanspraken. Of die wetten nu worden nageleefd of niet, vooral in de gezinscultuur kan een aanmerkelijke afstand worden vastgesteld tussen de gangbare omgangsvormen in Nederland en het normbesef binnen de islamitische gemeenschappen. Men leeft nu goeddeels langs elkaar heen en kijkt veel de andere kant op, maar er zijn culturele verschillen die niet vatbaar zijn voor plooien, schikken en afkopen.

We kunnen niet blijven voorbijgaan aan het culturele isolement en de gevoelens van wrok, omdat het misschien minder prettig is die onder ogen te zien. Zohra Acherrat-Stitou, een Marokkaanse psychiater in opleiding zegt in een boeiend interview over haar generatiegenoten: ,,Ze zijn boos op de samenleving, die hun ouders zo gebruikt heeft, en boos op de ouders dat ze zich daar niet tegen verzet hebben. Veel Marokkaanse jongeren, valt mij op, voelen zich slachtoffer. Een slachtoffer voelt zich mishandeld, onbegrepen, niet veilig. Ze moeten van die slachtofferrol af om een identiteit te vinden.'' (de Volkskrant, 5 maart 1997).

Deze woorden vatten samen wat men vaker in Marokkaanse of Turkse of Antilliaanse kring kan horen. Sommigen maken zich ongerust over de wrok en afkeer die ze in de eigen `gemeenschap' bespeuren jegens de Nederlandse samenleving. Tal van deze `slachtoffers' maken namelijk een snelle carrière als dader, wat ook bedreigend is voor de minderheden in Nederland. De angst voor Marokkaanse jongeren is in een stad als Amsterdam inmiddels spreekwoordelijk.

En zo stort het kaartenhuis van de multiculturele samenleving ineen. Alle onuitgesproken verwachtingen, als zou integratie vooral een kwestie van tijd zijn, worden niet bewaarheid. Onder de oppervlakte van het openbare leven drijft een zee van verhalen over de botsing van culturen, die niet of nauwelijks worden gehoord. We leven nu al met de migranten van de derde generatie en de problemen zijn alleen maar groter geworden. Of succesvolle migranten de gehoopte voortrekkersrol spelen is onzeker, want doorgaans weten ze niet hoe snel ze zich moeten losmaken van hun veronderstelde `achterban'.

Het is geen teken van openheid aan zulke waarnemingen voorbij te gaan met een ontspannen pleidooi voor de multiculturele samenleving. Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt. De overgang naar een anonieme stadssamenleving - waar men de wetten niet zo nauw neemt en liever onderhandelt dan straft - is te groot gebleken voor veel migranten. In een tijd die door omvangrijke immigratie wordt getekend, kunnen de vrijheden in Nederland niet met oude middelen worden bestendigd.

De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is. Nodig is een afscheid van de kosmopolitische illusie waarin velen zich wentelen. De wegwerpende manier waarop in Nederland is omgesprongen met nationaal besef werkt namelijk niet uitnodigend. We slaan onszelf op de nationale borst omdat we denken er geen te hebben. Die grenzeloze houding van Nederlanders draagt niet bij tot integratie, omdat daar achter maar al te vaak een afstandelijke en achteloze samenleving schuilgaat.

Nu heerst teveel het postmoderne geschiedenisbeeld waarin elk `wij' onmiddellijk verdacht is. De literatuurwetenschapper Douwe Fokkema schrijft in deze trant: ,,Het is onmogelijk om te zeggen dat `wij' om Kaap de Goede Hoop naar de Oost zijn gevaren of op Nova Zembla hebben overwinterd. Dat waren `wij' niet. Die mensen spraken onze taal niet en volgden andere conventies.'' (NRC Handelsblad, 15 juni 1996). Tollens met zijn romantische verbeelding van de overwintering op Nova Zembla, waarom zouden we ons nog interesseren voor zulke exotische stemmen? Zo wordt elk `wij' onmogelijk, zijn er geen levende tradities meer en kan over het land van herkomst geen verhaal meer worden verteld.

Een gemakzuchtig multiculturalisme maakt school omdat we onvoldoende onder woorden brengen wat onze samenleving bijeenhoudt. We zeggen te weinig over onze grenzen, koesteren geen verhouding tegenover het eigen verleden en bejegenen de taal op een nonchalante manier. Een samenleving die zichzelf verloochent heeft nieuwkomers niets te bieden. Een meerderheid die ontkent meerderheid te zijn, heeft geen oog voor de `hardhandigheid' van integratie, die ook altijd verlies van eigen tradities betekent. En wie niet begrijpt wat er wordt genomen, die heeft ook weinig te geven.

Er worden wel pogingen ondernomen om een verplichtender opvatting van de multiculturele samenleving te verdedigen. Zo werd in een rapport van Entzinger en Van der Zwan (1992) meer nadruk gelegd op inburgering van allochtonen dan tot nog toe gebruikelijk was. Onder meer door het aanbieden van programma's die de immigranten vertrouwd kunnen maken met de Nederlandse taal en cultuur. Dat gaat allemaal niet zo goed, mede wegens gebrek aan middelen. Het wordt door de nationale overheid blijkbaar niet ervaren als een dringende opgave.

Laten we eens beginnen de Nederlandse taal, cultuur en geschiedenis veel serieuzer te nemen. Niet lang geleden merkte iemand in een debat over deze kwestie op: ,,Je gaat Turkse kinderen toch niet lastig vallen met de jaren '40-'45?'' Was dat een verlicht inzicht? Nee, het was een domme poging om kinderen met ouders van elders de mogelijkheid te ontzeggen deel te nemen aan de collectieve herinnering zoals die gestalte krijgt in Nederland. Waarom zouden kinderen die de rest van hun leven hier doorbrengen, niet lastiggevallen worden met de geschiedenis van het land waarin ze leven? Waarom kent ons land geen museum voor contemporaine geschiedenis, zoiets als het `Haus der Geschichte', dat in Duitsland veel belangstelling trekt?

Anil Ramdas kritiseerde de Nederlandse schrijvers wegens hun onvermogen de werkelijkheid van immigranten in hun literatuur tot leven te brengen: ,,Het is toch een formidabele wanprestatie van de Nederlandse vertellers om niet te zien dat hun samenleving in de afgelopen twintig jaar drastisch van kleur en aard is veranderd? Terwijl een miljoen burgers hun dagelijkse vernederingen verbijten kijken de Nederlandse schrijvers een andere kant op. Zo langzamerhand moeten we dat gaan wijten aan moedwil en kwade trouw.'' (NRC Handelsblad, 14 maart 1997).

Zijn waarneming klopt, maar zijn verwijt is onterecht. Aan de literatuur kun je vooralsnog aflezen hoe beperkt de integratie in Nederland is. Voor de meeste schrijvers in Nederland is de `multiculturele samenleving' een verschijnsel van horen zeggen, iets van een vluchtige blik in het straatbeeld. Het is geen onderdeel van hun geleefde werkelijkheid, en, naar men mag aannemen, geldt dat ook voor de meeste burgers in dit land. We leven in Nederland langs elkaar heen: ieder zijn eigen café, zijn eigen school, zijn eigen idolen, zijn eigen muziek, zijn eigen geloof, zijn eigen slager en straks zijn eigen straat of buurt. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat al die oude en nieuwe Nederlanders weinig tot niets van elkaar weten.

Het zou goed zijn mededeelzamer te worden. Nadere kennismaking met de Nederlandse cultuur en geschiedenis hoeft zeker niet kritiekloos te zijn. Integendeel, wie nadruk legt op collectieve herinnering zal ook beseffen dat een discussie over het Nederlandse aandeel in de slavernij geen onzin is. Ook de `zwarte' bladzijden in ons verleden moeten worden besproken. Een dwingender zelfonderzoek naar zulke episoden is één van vele de vragen die de komst van velen uit vroegere koloniën met zich meebrengt.

Wederkerigheid is belangrijk, maar kan niet verhullen dat het gaat om de verdediging van een open samenleving. Dat stelt grenzen aan het culturele veelvoud. De liberale democratie poseert vaak als een neutrale arena waarbinnen culturen kunnen botsen en versmelten. Maar zoals de Rushdie-affaire laat zien, houden neutraliteit en relativisme ergens op. Sterker nog: tolerantie moet worden verdedigd tegenover gewetensdwang. In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen. Religieuze symbolen als hoofddoekjes horen bij het privéleven en niet bij een openbare functie als de politie.

Deze opvatting biedt derhalve geen genoegdoening aan etnische groepen die in de liberale democratie een weigering zien om hun cultuur als van gelijke waarde te erkennen. De Amerikaanse schrijver Norman Podhoretz, zelf afkomstig uit een gezin van Poolse immigranten in Brooklyn, beschrijft het deel hebben aan een gemeenschappelijke cultuur als een `brutal bargain': het verwerven van een plaats in een nieuw land is meestal ook een verraad van de eigen familiegeschiedenis.

Reizen we bij wijze van gedachtenoefening even van Brooklyn naar Veghel. Al die enthousiaste woordvoerders van de multiculturele samenleving die zweren bij het devies `s lands wijs, `s lands eer, wat moeten die nu denken? Erewraak is een cultuureigen uiting en toch geen goed idee. De strafmaat in Turkije is in deze gevallen een geheel andere dan hier en dat lijkt niet iets om over te nemen of zelfs maar begrip voor te tonen. Onze wetten zijn helemaal niet neutraal en toch willen we die niet heroverwegen met het oog op de veranderde samenstelling van de bevolking. Integratie met behoud van eigen identiteit is een vrome leugen, die niet zoals nu door de overheid moet worden aangemoedigd. Oud-minister Van Kemenade merkte onlangs terecht op dat deze nadruk op eigen identiteit ,,ernstig risico loopt sociale ongelijkheid eerder te vergroten dan te verkleinen''. Omdat we jarenlang hebben ontkend immigratieland te zijn hebben we ons niet ontwikkeld tot een integratieland, luidt zijn stelling.

De conclusie is helder: integratie is nu eerder uitzondering dan regel, alleen al omdat het onderwijs uiteenvalt in witte en zwarte scholen en kinderen dus van jongs af aan in gescheiden werelden groot worden. Dat zou een primaire zorg in Nederland moeten zijn. Maar daarover lees je weinig in de cultuurnota van de vorige staatssecretaris Nuis, die volhardt in sympathieke vaagheden over `intercultureel onderwijs', terwijl de werkelijkheid van `spontane' apartheid hard om zich heen grijpt: ,,Met een souplesse die altijd een opvallende karaktertrek van onze cultuur is geweest, wordt het vreemde allengs opgenomen in wat we gewoon vinden.''

De richting van het huidige onderwijs- en cultuurbeleid staat haaks op wat nodig is. We moeten een groot vraagteken plaatsen bij het `onderwijs in eigen taal en cultuur'. Is het niet veel zinvoller de achterstand in beheersing van het Nederlands met alle mogelijke middelen op te heffen? En misschien nog belangrijker: de grondwettelijke vrijheid van onderwijs maakt segregatie mogelijk en gemakkelijk. Gezwegen wordt over de wellevende burgerij die voor haar kinderen hoogwaardig onderwijs koopt. Een minimaal streven zou toch moeten zijn dat scholen enigszins de samenstelling van een stad weerspiegelen en dat in het onderlinge verkeer tussen leerlingen Nederlands wordt gesproken.

Wat helemaal niet serieus wordt genomen, is de wanhoop van talloze leerkrachten. Er wordt zeker geld uitgetrokken om extra aandacht te kunnen geven aan allochtone kinderen. Maar het probleem zit veel dieper. Rector Sjamaar, al dertig jaar werkzaam in de leiding van het Niels Stensen College in Utrecht, trok in het voorjaar van 1998 landelijke aandacht met zijn stelling dat zijn school beter kon sluiten. Door een hoge concentratie allochtone, vooral Marokkaanse, leerlingen (zeventig procent in de brugklassen) liep de school leeg en kon geen volwaardige VWO/Havo-afdeling handhaven. Goede autochtone èn allochtone leerlingen zochten in toenemende mate hun heil elders. Een jaar na zijn hartekreet werd Sjamaar ontslagen.

Toch valt zijn diagnose moeilijk te weerleggen: in de grote steden zal het aantal deelnemers aan VWO/Havo-afdelingen van veertig naar vijfentwintig procent van de leerlingen dalen en derhalve zal in deze steden één op de drie scholen deze afdelingen in de komende jaren zien leeglopen. De maatschappelijke gevolgen zijn straks ingrijpend: ,,De steden zijn woonplaats voor de overwegend donkerder gekleurde onderlagen, die niet of nauwelijks meedoen aan de kennissamenleving en voor de nu nog gebruikelijke medische en sociale minimumvoorzieningen zal in de steden het geld ontbreken. Zo'n samenleving kan beter kastenmaatschappij dan kennismaatschappij heten,'' aldus Sjamaar (NRC Handelsblad, 30 april 1999).

Helaas hebben de bewindslieden van Onderwijs en Cultuur andere dingen aan hun hoofd. Staatssecretaris Van der Ploeg wilde culturele instellingen die niet voldoende aan etniciteit doen een strafkorting opleggen. Dat is nu omgezet in een eveneens absurde bonus op de begroting van de instellingen, die bewijzen van multiculturaliteit kunnen overleggen. Lees verder in de cultuurnota en huiver: ,,In het licht van de ontwikkeling van Nederland als multiculturele samenleving behoeft het kwaliteitsbegrip dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van aanvragen, aanpassing.'' De ene fijne zin rolt over de andere: gesproken wordt over de ,,verrijking van andere culturen'' en ,,de bevordering van diversiteit''. In de vier grote steden wordt ,,een initiator en verkenner voor culturele diversiteit'' aangesteld, een soort van keuringsdienst voor minderheden. Ondertussen omschrijft Van der Ploeg zichzelf als `internationalist' en hekelt zijn critici als `protectionisten'. Maar wie speelt er hier nu eigenlijk voor beschermheilige?

We hebben het uitsluitend gehad over degenen die hier zijn, niet over degenen die nog komen. Uit het voorgaande blijkt wel dat een land waar de integratie mislukt, niet in Europa voorop moet willen lopen met de aantallen mensen die worden opgenomen. Het SCP maakt in het eerder geciteerde rapport terechte kanttekeningen bij het vluchtelingenverdrag: ,,Het uit 1951 daterende verdrag is opgesteld in een tijd dat de wereld er aanmerkelijk anders uitzag dan thans, al was het maar doordat sindsdien de opkomst van de massacommunicatie en de luchtvaart de mentale en fysieke afstand tot de westerse wereld hebben doen verschrompelen. Vermoedelijk is ook niet voorzien dat de mensensmokkel tot een omvangrijke mondiale bedrijfstak zou uitgroeien.''

Natuurlijk hebben landen baat bij de schok van het vreemde. Degenen die zeggen dat landen zich niet kunnen en ook niet moeten willen afschermen van de buitenwereld hebben alle gelijk van de wereld. Nederland heeft zich bijvoorbeeld gemoderniseerd als gevolg van de Napoleontische tijd. Ook immigratie heeft een lange traditie in Nederland, denk maar aan de hugenoten of de joden, en vaak hebben we daar wel bij gevaren. Die algemene overweging betekent echter geen instemming met de huidige omvang en aard van de immigratie, die in menig opzicht eilanden van armoede en onwetendheid in de Nederlandse samenleving schept. De socioloog J.A.A. van Doorn schreef dat ,,de aanwezigheid van de allochtonen, evolutionair gezien, de klok van de Nederlandse geschiedenis een halve eeuw of langer heeft teruggezet'' (`Indische Lessen', 1995).

We hebben een uitzonderlijke tijd achter ons, waarin een zeer ontspannen en welvarende samenleving de teugels heeft laten vieren. De illusie van onkwetsbaarheid was sterk en het leek alsof de vrijheid en verdraagzaamheid zich als vanzelf bestendigden. Die jaren zijn voorbij. Burgers ontlenen momenteel minder rechtszekerheid, sociale bescherming en culturele bevestiging aan de staat. Nu deze hoekstenen van onze tevreden natie zijn gaan schuiven, keren velen zich af van een overheid die zichzelf voortdurend relativeert. De politieke bovenlaag die vroeger over een duidelijke beschavingsmissie beschikte, twijfelt aan zichzelf en verliest meer en meer zijn greep op de maatschappelijke werkelijkheid.

Zo kan men de weigering begrijpen van kabinet en parlement voor iedereen zichtbare en vaak gesignaleerde problemen rondom etnische minderheden in Nederland onder ogen te zien. Een parlementair onderzoek naar het immigratie- en integratiebeleid is nodig, want nu worden hele generaties onder het mom van tolerantie afgeschreven. Het huidige beleid van ruime toelating en beperkte integratie vergroot de ongelijkheid en draagt bij tot een gevoel van vervreemding in de samenleving. De tolerantie kreunt onder de last van achterstallig onderhoud. Het multiculturele drama dat zich voltrekt is dan ook de grootste bedreiging voor de maatschappelijke vrede.


Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:40:
Het multiculturele drama

Zo energiek als Nederland `de sociale kwestie' van weleer te lijf ging, zo gelaten wordt nu gereageerd op het achterblijven van hele generaties allochtonen en op de vorming van een etnische onderklasse. Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? De maatschappelijke vrede wordt ernstig bedreigd, meent Paul Scheffer.

Soms neemt de culturele verwarring een komische wending. Eerdaags kunnen we op wervingsposters van de gemeentepolitie de volgende tekst verwachten: `Die tulband past ons allemaal'. Het voorstel van de hoofdcommissarissen om de pet naar believen in te ruilen voor een hoofddoekje of tulband laat goed de onzekerheid zien, die de aanwezigheid van meer en meer migranten in Nederland met zich meebrengt. Zo'n buiging naar religieuze voorkeuren is vast goed bedoeld, maar blijkbaar vraagt men zich niet af of deze koestering van eigen identiteit wel samengaat met het streven naar emancipatie.

De achter ons liggende eeuw is getekend door de poging de sociale ongelijkheid terug te dringen. Geen vraagstuk heeft het openbare leven in Nederland zo beroerd als het streven naar verheffing van de verschillende bevolkingsgroepen, opdat eenieder volwaardig burger zou kunnen zijn. Die zorg voor gelijke kansen kwam voort uit angst voor sociaal oproer. Maar dat was niet het enige: in de tweede helft van de negentiende eeuw zien we ook een beschavingsoffensief opkomen.

Over het geheel genomen is deze poging tot integratie geslaagd te noemen. De standen en klassen verloren hun scherpe randen: afkomst werd steeds minder een noodlot. Juist daarom is de gelaten manier waarmee gereageerd wordt op het ontstaan van een nieuwe, veel venijniger tweedeling in de Nederlandse samenleving zo onvoorstelbaar. Want waarom wordt er niet in veel dwingender termen gesproken over het achterblijven van hele generaties allochtonen en over de vorming van een etnische onderklasse? Zo energiek als `de sociale kwestie' van weleer te lijf is gegaan, zo aarzelend wordt nu omgegaan met het multiculturele drama dat zich onder onze ogen voltrekt.

Is dat niet te zwartgallig? Nee, lees onder meer de recente `Rapportage minderheden 1999' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), een studie gewijd aan de positie van allochtonen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Hoewel de verschillen tussen en binnen de etnische groepen aanmerkelijk zijn, lijkt de algehele situatie zorgwekkend. Gemiddeld hebben de allochtone kinderen een aanmerkelijke achterstand in cognitieve ontwikkeling en taalvaardigheid, waardoor de toegang tot de betere banen is afgesloten. In Turkse en Marokkaanse kring treft men meer dan elders kinderen aan zonder enig schooldiploma. Er is volgens het SCP een `aanzienlijke talentenreserve'. Toch blijft de kloof tussen autochtone en allochtone kinderen groot en groeit die zelfs volgens sommige onderzoekers.

Wie alle beschikbare gegevens overziet komt tot een ontnuchterende conclusie: werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit hopen zich op bij de etnische minderheden. En de vooruitzichten zijn over de gehele linie niet gunstig, in weerwil van individuele succesverhalen. Het gaat om enorme aantallen achterblijvers en kanslozen, die de Nederlandse samenleving in toenemende mate zullen belasten.

Volgens de meest terughoudende telling herbergt Nederland nu een kleine anderhalf miljoen allochtonen die worden gerekend tot de zogeheten doelgroepen van het minderhedenbeleid. Dan hebben we het over landen van herkomst als Turkije, Marokko, Suriname, Antillen, en niet over Amerika of Zweden. De voorspelling van het SCP-rapport luidt dat in 2015 twaalf procent van de bevolking, dat wil zeggen rond de twee miljoen burgers, uit deze `doelgroepen' afkomstig is. Zo'n veertig procent van hen zijn asielmigranten uit de Derde Wereld. Belangrijk is ook dat in 2015 ongeveer de helft van de bevolking in de vier grote steden allochtoon zal zijn. Nu al is de schooljeugd er in meerderheid afkomstig uit wat straks enkel nog in naam `minderheden' zijn. Voor alle vijfenveertig grote steden van Nederland zal deze omslag over tien jaar een feit zijn.

Niemand kan dat een geruststellende gedachte vinden. Want het is duidelijk dat de razendsnelle demografische verandering enorme aanpassingsproblemen schept. In alle sectoren van de samenleving zijn de problemen legio: in de gezondheidszorg, het onderwijs, de rechtspraak, de volkshuisvesting en de arbeidsmarkt. Een voorbeeld uit vele: over vijftien jaar zal Nederland rond de één miljoen asielzoekers herbergen. Zeer velen van hen kampen met trauma's wegens de oorlogen of rampen waaraan ze zijn ontkomen en de geestelijke gezondheidszorg wordt geacht daarop een antwoord te geven. De enorme problemen die dat oplevert zijn bekend, maar dat lijkt de pleitbezorgers van een ruimhartig asielbeleid niet erg veel zorgen te baren. Althans je hoort ze er niet vaak over uitweiden. Zoals altijd zijn we beter in het voeren van de vorige oorlog. Momenteel woedt een debat over `excuses' aan de joodse bevolking en onderzoekt een waar leger van wetenschappers de opvang van degenen die na 1945 uit de kampen terugkwamen.

De vraag is: hoe heeft het zo ver kunnen komen? Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat ondanks de zichtbare problemen alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? Komt dat door de economische groei waarmee onrust kan worden afgekocht en de tevreden waarneming dat we hier geen rassenrellen kennen en het dus elders veel slechter gaat?

In 1994 wijdde het kabinet nog wel urgente woorden aan de etnische minderheden: ,,Het kabinet concludeert dat de situatie voor de toekomst uiterst zorgwekkend is. Redenen voor die zorg zijn de stagnerende economische ontwikkeling, de voortdurende immigratie – in het bijzonder van asielzoekers – en de ingrijpende effecten daarvan voor het maatschappelijk draagvlak voor het beleid.'' (`Contourennota Integratiebeleid etnische minderheden'). Het lijkt alsof die zorg is verdampt in de gelukzaligheid van het poldermodel.

Velen leven met het misverstand dat de integratie van de etnische minderheden ongeveer hetzelfde verloop zal hebben als de vreedzame verzoening van religieuze groepen in Nederland. Net als voorheen is het een kwestie van schikken, plooien, afkopen, onderhandelen en geheimhouding. Daarin openbaart zich vooral een grenzeloos geloof in elites. Succesvolle migranten maken het voor hun `achterban' gemakkelijker om zich te vereenzelvigen met de Nederlandse samenleving, zo luidt de onuitgesproken verwachting. Kortom, velen denken dat de regels en gebruiken van de pacificatie-democratie ook de nieuwe verdeeldheid kunnen temperen.

Het doet een beetje denken aan het geloof in de neutraliteitspolitiek aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Toen was eenieder ervan overtuigd dat wat een kwart eeuw eerder was gelukt – namelijk buiten de Eerste Wereldoorlog te blijven – ook nu weer kans van slagen had. En zo verloor een hele natie het zicht op de werkelijkheid.

Met het geloof in de pacificatie is iets vergelijkbaars aan de hand: het heeft gewerkt om de religieuze verdeeldheid te overwinnen en zal nu wel weer werken om de etnische verdeeldheid te beheersen. Maar dan wordt het hoofdstuk `Nationaal saamhorigheidsgevoel' in het klassieke boek uit 1968 over de Nederlandse pacificatie van Arend Lijphart vergeten (`Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek'). Zijn conclusie was: `De sterkte van het Nederlandse nationalisme moet niet worden overdreven, maar het lijdt geen twijfel dat het bestaat'. De levensbeschouwelijke verdeeldheid betrof een gemeenschappelijke geschiedenis, werd in toom gehouden door een algemeen aanvaarde grondwet en kon worden uitgevochten in een en dezelfde taal. Anders gezegd: de zuilen droegen één dak.

Wat is de waarde van de aloude methode van vreedzame coëxistentie in geheel nieuwe omstandigheden? Functioneert die nog op dezelfde manier? Is het een teken van zelfvertrouwen om niet teveel nadruk op het eigene van onze samenleving te leggen? De culturele samenhang waarbinnen het verschil kon worden beleefd, is nu veel minder voor handen; er zijn weinig bronnen van saamhorigheid. De vergelijking met de verzuiling gaat niet op. Segregatie in het onderwijs door zwarte en witte scholen is natuurlijk van een geheel andere orde dan de scheiding van openbare en bijzondere scholen.

Ook de rol van de islam is niet zomaar te vergelijken met die van de christelijke godsdiensten in Nederland. ,,Een mogelijk bindende factor aan allochtone zijde is gelegen in het blijvend hoge aandeel van de moslims in de minderhedenbevolking,'' schrijft het SCP bij wijze van `geruststelling' in zijn rapport. Het gaat naar schatting om de helft van de minderheden. Dat wil zeggen, straks is zo'n miljoen inwoners van Nederland moslim. Ook al weten we dat velen de islam in een verwaterde vorm zullen belijden, dan nog is dat is geen vanzelfsprekend gegeven, net zomin als scholen op islamitische grondslag dat zijn.

Misschien zal zich een liberale traditie ontwikkelen in wat wel de `buitengewesten van de islam' wordt genoemd. Vooralsnog is het hervormingsstreven beperkt, uitzonderingen als Mohammed Arkoun daargelaten. De arabist Jan Brugman schrijft in `Het raadsel van de multicultuur' (1998) over de geschiedenis van modernisering binnen de islam: ,,Wie deze modernistische bewegingen enigszins grondig bestudeert, merkt echter al snel dat zij in wezen conservatief zijn gebleven en dat een vergelijking met het christelijk modernisme niet opgaat. (...) Van een fundamentele heroverweging van de centrale leerstukken van de Islam, van de Islamitische Wet, of van de verhouding tussen Islam en staat was geen sprake.''

Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring. Af en toe wordt iets zichtbaar van wat door imams wordt gepreekt en hoort men voorbeelden van haatdragenheid tegenover de samenleving waarvan ze geacht worden deel te zijn. Zo kon in de tijd dat Ed Van Thijn burgemeester van Amsterdam was, de opvatting worden vernomen dat moslims zich niet zouden hoeven te houden aan de wetten van een stad die door een joodse burgemeester werd bestuurd.

Het verschil kan ook anders worden omschreven. De islamitische wet verbindt aan afvalligheid rechtsgevolgen die in ons land onaanvaardbaar zijn: zoals ontbinding van huwelijk, ontzegging uit de ouderlijke macht en verval van erfrechtaanspraken. Of die wetten nu worden nageleefd of niet, vooral in de gezinscultuur kan een aanmerkelijke afstand worden vastgesteld tussen de gangbare omgangsvormen in Nederland en het normbesef binnen de islamitische gemeenschappen. Men leeft nu goeddeels langs elkaar heen en kijkt veel de andere kant op, maar er zijn culturele verschillen die niet vatbaar zijn voor plooien, schikken en afkopen.

We kunnen niet blijven voorbijgaan aan het culturele isolement en de gevoelens van wrok, omdat het misschien minder prettig is die onder ogen te zien. Zohra Acherrat-Stitou, een Marokkaanse psychiater in opleiding zegt in een boeiend interview over haar generatiegenoten: ,,Ze zijn boos op de samenleving, die hun ouders zo gebruikt heeft, en boos op de ouders dat ze zich daar niet tegen verzet hebben. Veel Marokkaanse jongeren, valt mij op, voelen zich slachtoffer. Een slachtoffer voelt zich mishandeld, onbegrepen, niet veilig. Ze moeten van die slachtofferrol af om een identiteit te vinden.'' (de Volkskrant, 5 maart 1997).

Deze woorden vatten samen wat men vaker in Marokkaanse of Turkse of Antilliaanse kring kan horen. Sommigen maken zich ongerust over de wrok en afkeer die ze in de eigen `gemeenschap' bespeuren jegens de Nederlandse samenleving. Tal van deze `slachtoffers' maken namelijk een snelle carrière als dader, wat ook bedreigend is voor de minderheden in Nederland. De angst voor Marokkaanse jongeren is in een stad als Amsterdam inmiddels spreekwoordelijk.

En zo stort het kaartenhuis van de multiculturele samenleving ineen. Alle onuitgesproken verwachtingen, als zou integratie vooral een kwestie van tijd zijn, worden niet bewaarheid. Onder de oppervlakte van het openbare leven drijft een zee van verhalen over de botsing van culturen, die niet of nauwelijks worden gehoord. We leven nu al met de migranten van de derde generatie en de problemen zijn alleen maar groter geworden. Of succesvolle migranten de gehoopte voortrekkersrol spelen is onzeker, want doorgaans weten ze niet hoe snel ze zich moeten losmaken van hun veronderstelde `achterban'.

Het is geen teken van openheid aan zulke waarnemingen voorbij te gaan met een ontspannen pleidooi voor de multiculturele samenleving. Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt. De overgang naar een anonieme stadssamenleving - waar men de wetten niet zo nauw neemt en liever onderhandelt dan straft - is te groot gebleken voor veel migranten. In een tijd die door omvangrijke immigratie wordt getekend, kunnen de vrijheden in Nederland niet met oude middelen worden bestendigd.

De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is. Nodig is een afscheid van de kosmopolitische illusie waarin velen zich wentelen. De wegwerpende manier waarop in Nederland is omgesprongen met nationaal besef werkt namelijk niet uitnodigend. We slaan onszelf op de nationale borst omdat we denken er geen te hebben. Die grenzeloze houding van Nederlanders draagt niet bij tot integratie, omdat daar achter maar al te vaak een afstandelijke en achteloze samenleving schuilgaat.

Nu heerst teveel het postmoderne geschiedenisbeeld waarin elk `wij' onmiddellijk verdacht is. De literatuurwetenschapper Douwe Fokkema schrijft in deze trant: ,,Het is onmogelijk om te zeggen dat `wij' om Kaap de Goede Hoop naar de Oost zijn gevaren of op Nova Zembla hebben overwinterd. Dat waren `wij' niet. Die mensen spraken onze taal niet en volgden andere conventies.'' (NRC Handelsblad, 15 juni 1996). Tollens met zijn romantische verbeelding van de overwintering op Nova Zembla, waarom zouden we ons nog interesseren voor zulke exotische stemmen? Zo wordt elk `wij' onmogelijk, zijn er geen levende tradities meer en kan over het land van herkomst geen verhaal meer worden verteld.

Een gemakzuchtig multiculturalisme maakt school omdat we onvoldoende onder woorden brengen wat onze samenleving bijeenhoudt. We zeggen te weinig over onze grenzen, koesteren geen verhouding tegenover het eigen verleden en bejegenen de taal op een nonchalante manier. Een samenleving die zichzelf verloochent heeft nieuwkomers niets te bieden. Een meerderheid die ontkent meerderheid te zijn, heeft geen oog voor de `hardhandigheid' van integratie, die ook altijd verlies van eigen tradities betekent. En wie niet begrijpt wat er wordt genomen, die heeft ook weinig te geven.

Er worden wel pogingen ondernomen om een verplichtender opvatting van de multiculturele samenleving te verdedigen. Zo werd in een rapport van Entzinger en Van der Zwan (1992) meer nadruk gelegd op inburgering van allochtonen dan tot nog toe gebruikelijk was. Onder meer door het aanbieden van programma's die de immigranten vertrouwd kunnen maken met de Nederlandse taal en cultuur. Dat gaat allemaal niet zo goed, mede wegens gebrek aan middelen. Het wordt door de nationale overheid blijkbaar niet ervaren als een dringende opgave.

Laten we eens beginnen de Nederlandse taal, cultuur en geschiedenis veel serieuzer te nemen. Niet lang geleden merkte iemand in een debat over deze kwestie op: ,,Je gaat Turkse kinderen toch niet lastig vallen met de jaren '40-'45?'' Was dat een verlicht inzicht? Nee, het was een domme poging om kinderen met ouders van elders de mogelijkheid te ontzeggen deel te nemen aan de collectieve herinnering zoals die gestalte krijgt in Nederland. Waarom zouden kinderen die de rest van hun leven hier doorbrengen, niet lastiggevallen worden met de geschiedenis van het land waarin ze leven? Waarom kent ons land geen museum voor contemporaine geschiedenis, zoiets als het `Haus der Geschichte', dat in Duitsland veel belangstelling trekt?

Anil Ramdas kritiseerde de Nederlandse schrijvers wegens hun onvermogen de werkelijkheid van immigranten in hun literatuur tot leven te brengen: ,,Het is toch een formidabele wanprestatie van de Nederlandse vertellers om niet te zien dat hun samenleving in de afgelopen twintig jaar drastisch van kleur en aard is veranderd? Terwijl een miljoen burgers hun dagelijkse vernederingen verbijten kijken de Nederlandse schrijvers een andere kant op. Zo langzamerhand moeten we dat gaan wijten aan moedwil en kwade trouw.'' (NRC Handelsblad, 14 maart 1997).

Zijn waarneming klopt, maar zijn verwijt is onterecht. Aan de literatuur kun je vooralsnog aflezen hoe beperkt de integratie in Nederland is. Voor de meeste schrijvers in Nederland is de `multiculturele samenleving' een verschijnsel van horen zeggen, iets van een vluchtige blik in het straatbeeld. Het is geen onderdeel van hun geleefde werkelijkheid, en, naar men mag aannemen, geldt dat ook voor de meeste burgers in dit land. We leven in Nederland langs elkaar heen: ieder zijn eigen café, zijn eigen school, zijn eigen idolen, zijn eigen muziek, zijn eigen geloof, zijn eigen slager en straks zijn eigen straat of buurt. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat al die oude en nieuwe Nederlanders weinig tot niets van elkaar weten.

Het zou goed zijn mededeelzamer te worden. Nadere kennismaking met de Nederlandse cultuur en geschiedenis hoeft zeker niet kritiekloos te zijn. Integendeel, wie nadruk legt op collectieve herinnering zal ook beseffen dat een discussie over het Nederlandse aandeel in de slavernij geen onzin is. Ook de `zwarte' bladzijden in ons verleden moeten worden besproken. Een dwingender zelfonderzoek naar zulke episoden is één van vele de vragen die de komst van velen uit vroegere koloniën met zich meebrengt.

Wederkerigheid is belangrijk, maar kan niet verhullen dat het gaat om de verdediging van een open samenleving. Dat stelt grenzen aan het culturele veelvoud. De liberale democratie poseert vaak als een neutrale arena waarbinnen culturen kunnen botsen en versmelten. Maar zoals de Rushdie-affaire laat zien, houden neutraliteit en relativisme ergens op. Sterker nog: tolerantie moet worden verdedigd tegenover gewetensdwang. In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen. Religieuze symbolen als hoofddoekjes horen bij het privéleven en niet bij een openbare functie als de politie.

Deze opvatting biedt derhalve geen genoegdoening aan etnische groepen die in de liberale democratie een weigering zien om hun cultuur als van gelijke waarde te erkennen. De Amerikaanse schrijver Norman Podhoretz, zelf afkomstig uit een gezin van Poolse immigranten in Brooklyn, beschrijft het deel hebben aan een gemeenschappelijke cultuur als een `brutal bargain': het verwerven van een plaats in een nieuw land is meestal ook een verraad van de eigen familiegeschiedenis.

Reizen we bij wijze van gedachtenoefening even van Brooklyn naar Veghel. Al die enthousiaste woordvoerders van de multiculturele samenleving die zweren bij het devies `s lands wijs, `s lands eer, wat moeten die nu denken? Erewraak is een cultuureigen uiting en toch geen goed idee. De strafmaat in Turkije is in deze gevallen een geheel andere dan hier en dat lijkt niet iets om over te nemen of zelfs maar begrip voor te tonen. Onze wetten zijn helemaal niet neutraal en toch willen we die niet heroverwegen met het oog op de veranderde samenstelling van de bevolking. Integratie met behoud van eigen identiteit is een vrome leugen, die niet zoals nu door de overheid moet worden aangemoedigd. Oud-minister Van Kemenade merkte onlangs terecht op dat deze nadruk op eigen identiteit ,,ernstig risico loopt sociale ongelijkheid eerder te vergroten dan te verkleinen''. Omdat we jarenlang hebben ontkend immigratieland te zijn hebben we ons niet ontwikkeld tot een integratieland, luidt zijn stelling.

De conclusie is helder: integratie is nu eerder uitzondering dan regel, alleen al omdat het onderwijs uiteenvalt in witte en zwarte scholen en kinderen dus van jongs af aan in gescheiden werelden groot worden. Dat zou een primaire zorg in Nederland moeten zijn. Maar daarover lees je weinig in de cultuurnota van de vorige staatssecretaris Nuis, die volhardt in sympathieke vaagheden over `intercultureel onderwijs', terwijl de werkelijkheid van `spontane' apartheid hard om zich heen grijpt: ,,Met een souplesse die altijd een opvallende karaktertrek van onze cultuur is geweest, wordt het vreemde allengs opgenomen in wat we gewoon vinden.''

De richting van het huidige onderwijs- en cultuurbeleid staat haaks op wat nodig is. We moeten een groot vraagteken plaatsen bij het `onderwijs in eigen taal en cultuur'. Is het niet veel zinvoller de achterstand in beheersing van het Nederlands met alle mogelijke middelen op te heffen? En misschien nog belangrijker: de grondwettelijke vrijheid van onderwijs maakt segregatie mogelijk en gemakkelijk. Gezwegen wordt over de wellevende burgerij die voor haar kinderen hoogwaardig onderwijs koopt. Een minimaal streven zou toch moeten zijn dat scholen enigszins de samenstelling van een stad weerspiegelen en dat in het onderlinge verkeer tussen leerlingen Nederlands wordt gesproken.

Wat helemaal niet serieus wordt genomen, is de wanhoop van talloze leerkrachten. Er wordt zeker geld uitgetrokken om extra aandacht te kunnen geven aan allochtone kinderen. Maar het probleem zit veel dieper. Rector Sjamaar, al dertig jaar werkzaam in de leiding van het Niels Stensen College in Utrecht, trok in het voorjaar van 1998 landelijke aandacht met zijn stelling dat zijn school beter kon sluiten. Door een hoge concentratie allochtone, vooral Marokkaanse, leerlingen (zeventig procent in de brugklassen) liep de school leeg en kon geen volwaardige VWO/Havo-afdeling handhaven. Goede autochtone èn allochtone leerlingen zochten in toenemende mate hun heil elders. Een jaar na zijn hartekreet werd Sjamaar ontslagen.

Toch valt zijn diagnose moeilijk te weerleggen: in de grote steden zal het aantal deelnemers aan VWO/Havo-afdelingen van veertig naar vijfentwintig procent van de leerlingen dalen en derhalve zal in deze steden één op de drie scholen deze afdelingen in de komende jaren zien leeglopen. De maatschappelijke gevolgen zijn straks ingrijpend: ,,De steden zijn woonplaats voor de overwegend donkerder gekleurde onderlagen, die niet of nauwelijks meedoen aan de kennissamenleving en voor de nu nog gebruikelijke medische en sociale minimumvoorzieningen zal in de steden het geld ontbreken. Zo'n samenleving kan beter kastenmaatschappij dan kennismaatschappij heten,'' aldus Sjamaar (NRC Handelsblad, 30 april 1999).

Helaas hebben de bewindslieden van Onderwijs en Cultuur andere dingen aan hun hoofd. Staatssecretaris Van der Ploeg wilde culturele instellingen die niet voldoende aan etniciteit doen een strafkorting opleggen. Dat is nu omgezet in een eveneens absurde bonus op de begroting van de instellingen, die bewijzen van multiculturaliteit kunnen overleggen. Lees verder in de cultuurnota en huiver: ,,In het licht van de ontwikkeling van Nederland als multiculturele samenleving behoeft het kwaliteitsbegrip dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van aanvragen, aanpassing.'' De ene fijne zin rolt over de andere: gesproken wordt over de ,,verrijking van andere culturen'' en ,,de bevordering van diversiteit''. In de vier grote steden wordt ,,een initiator en verkenner voor culturele diversiteit'' aangesteld, een soort van keuringsdienst voor minderheden. Ondertussen omschrijft Van der Ploeg zichzelf als `internationalist' en hekelt zijn critici als `protectionisten'. Maar wie speelt er hier nu eigenlijk voor beschermheilige?

We hebben het uitsluitend gehad over degenen die hier zijn, niet over degenen die nog komen. Uit het voorgaande blijkt wel dat een land waar de integratie mislukt, niet in Europa voorop moet willen lopen met de aantallen mensen die worden opgenomen. Het SCP maakt in het eerder geciteerde rapport terechte kanttekeningen bij het vluchtelingenverdrag: ,,Het uit 1951 daterende verdrag is opgesteld in een tijd dat de wereld er aanmerkelijk anders uitzag dan thans, al was het maar doordat sindsdien de opkomst van de massacommunicatie en de luchtvaart de mentale en fysieke afstand tot de westerse wereld hebben doen verschrompelen. Vermoedelijk is ook niet voorzien dat de mensensmokkel tot een omvangrijke mondiale bedrijfstak zou uitgroeien.''

Natuurlijk hebben landen baat bij de schok van het vreemde. Degenen die zeggen dat landen zich niet kunnen en ook niet moeten willen afschermen van de buitenwereld hebben alle gelijk van de wereld. Nederland heeft zich bijvoorbeeld gemoderniseerd als gevolg van de Napoleontische tijd. Ook immigratie heeft een lange traditie in Nederland, denk maar aan de hugenoten of de joden, en vaak hebben we daar wel bij gevaren. Die algemene overweging betekent echter geen instemming met de huidige omvang en aard van de immigratie, die in menig opzicht eilanden van armoede en onwetendheid in de Nederlandse samenleving schept. De socioloog J.A.A. van Doorn schreef dat ,,de aanwezigheid van de allochtonen, evolutionair gezien, de klok van de Nederlandse geschiedenis een halve eeuw of langer heeft teruggezet'' (`Indische Lessen', 1995).

We hebben een uitzonderlijke tijd achter ons, waarin een zeer ontspannen en welvarende samenleving de teugels heeft laten vieren. De illusie van onkwetsbaarheid was sterk en het leek alsof de vrijheid en verdraagzaamheid zich als vanzelf bestendigden. Die jaren zijn voorbij. Burgers ontlenen momenteel minder rechtszekerheid, sociale bescherming en culturele bevestiging aan de staat. Nu deze hoekstenen van onze tevreden natie zijn gaan schuiven, keren velen zich af van een overheid die zichzelf voortdurend relativeert. De politieke bovenlaag die vroeger over een duidelijke beschavingsmissie beschikte, twijfelt aan zichzelf en verliest meer en meer zijn greep op de maatschappelijke werkelijkheid.

Zo kan men de weigering begrijpen van kabinet en parlement voor iedereen zichtbare en vaak gesignaleerde problemen rondom etnische minderheden in Nederland onder ogen te zien. Een parlementair onderzoek naar het immigratie- en integratiebeleid is nodig, want nu worden hele generaties onder het mom van tolerantie afgeschreven. Het huidige beleid van ruime toelating en beperkte integratie vergroot de ongelijkheid en draagt bij tot een gevoel van vervreemding in de samenleving. De tolerantie kreunt onder de last van achterstallig onderhoud. Het multiculturele drama dat zich voltrekt is dan ook de grootste bedreiging voor de maatschappelijke vrede.


laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Goaty op dinsdag 26 februari 2008 om 10:53:
Die arme jongen heeft waarschijnlijk een kutjeugd achter de rug, met ouders die op het sociaal minimum leven.
Die jongen wil maar één keer in zijn leven in een dikke Mercedes rijden. Geld voor een taxi heeft ie niet en door een onschuldig steentje tegen een ruit van een auto te gooien krijgt hij de kans van zijn leven!!
En dan ook nog eens in een auto met alle technische snufjes en zwaailichten en een sirene.
Welke jongen droomt hier niet van!!


:roflol:

Ken er een heleboel die daar dus NIET van dromen...
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:53:
ik wil graag de naam van ie journalist. Kan iemand mij hierbij helpen.


:lol:8)
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:40:
Het multiculturele drama


Kan je het niet samenvatten? Je denkt toch niet dat iemand dit gaat lezen..
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:53:
hahaha de telegraaf is een meduim dat houd van oproer kraaien. dat weet je toch. telegraaf word gesponserd door extreem rechts. Hoe kan je een jongen van 15 nou zo in beeld brengen. Wat ie ook fout heeft gedaan.


de grootste pedofielen/hooligans/drugscrimenelen worden altijd met balkjes in de krant gezet. maar een allochtone jongen van 15 word life in beeld gebracht. En dan nog het lef hebben om te zeggen hij zal het vast niet gedaan hebben. Nee en Wilders is vast geen neo nazi.

ik wil graag de naam van ie journalist. Kan iemand mij hierbij helpen.


Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:45:
Daarom is bovenstaande sukkel ook een telegraaflezer.


je weet het mooi te brengen Ronnie boy (Y)

maar ik blijf erbij

Uitspraak van De prins op het dikke paard op dinsdag 26 februari 2008 om 12:01:
wit laken overheen, half ingraven en dan even je steentje bij dragen


 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:00:
Kan je het niet samenvatten? Je denkt toch niet dat iemand dit gaat lezen..


hier een samenvatting


Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:40:
Het multiculturele drama

Zo energiek als Nederland `de sociale kwestie' van weleer te lijf ging, zo gelaten wordt nu gereageerd op het achterblijven van hele generaties allochtonen en op de vorming van een etnische onderklasse. Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? De maatschappelijke vrede wordt ernstig bedreigd, meent Paul Scheffer.

Soms neemt de culturele verwarring een komische wending. Eerdaags kunnen we op wervingsposters van de gemeentepolitie de volgende tekst verwachten: `Die tulband past ons allemaal'. Het voorstel van de hoofdcommissarissen om de pet naar believen in te ruilen voor een hoofddoekje of tulband laat goed de onzekerheid zien, die de aanwezigheid van meer en meer migranten in Nederland met zich meebrengt. Zo'n buiging naar religieuze voorkeuren is vast goed bedoeld, maar blijkbaar vraagt men zich niet af of deze koestering van eigen identiteit wel samengaat met het streven naar emancipatie.

De achter ons liggende eeuw is getekend door de poging de sociale ongelijkheid terug te dringen. Geen vraagstuk heeft het openbare leven in Nederland zo beroerd als het streven naar verheffing van de verschillende bevolkingsgroepen, opdat eenieder volwaardig burger zou kunnen zijn. Die zorg voor gelijke kansen kwam voort uit angst voor sociaal oproer. Maar dat was niet het enige: in de tweede helft van de negentiende eeuw zien we ook een beschavingsoffensief opkomen.

Over het geheel genomen is deze poging tot integratie geslaagd te noemen. De standen en klassen verloren hun scherpe randen: afkomst werd steeds minder een noodlot. Juist daarom is de gelaten manier waarmee gereageerd wordt op het ontstaan van een nieuwe, veel venijniger tweedeling in de Nederlandse samenleving zo onvoorstelbaar. Want waarom wordt er niet in veel dwingender termen gesproken over het achterblijven van hele generaties allochtonen en over de vorming van een etnische onderklasse? Zo energiek als `de sociale kwestie' van weleer te lijf is gegaan, zo aarzelend wordt nu omgegaan met het multiculturele drama dat zich onder onze ogen voltrekt.

Is dat niet te zwartgallig? Nee, lees onder meer de recente `Rapportage minderheden 1999' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), een studie gewijd aan de positie van allochtonen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Hoewel de verschillen tussen en binnen de etnische groepen aanmerkelijk zijn, lijkt de algehele situatie zorgwekkend. Gemiddeld hebben de allochtone kinderen een aanmerkelijke achterstand in cognitieve ontwikkeling en taalvaardigheid, waardoor de toegang tot de betere banen is afgesloten. In Turkse en Marokkaanse kring treft men meer dan elders kinderen aan zonder enig schooldiploma. Er is volgens het SCP een `aanzienlijke talentenreserve'. Toch blijft de kloof tussen autochtone en allochtone kinderen groot en groeit die zelfs volgens sommige onderzoekers.

Wie alle beschikbare gegevens overziet komt tot een ontnuchterende conclusie: werkloosheid, armoede, schooluitval en criminaliteit hopen zich op bij de etnische minderheden. En de vooruitzichten zijn over de gehele linie niet gunstig, in weerwil van individuele succesverhalen. Het gaat om enorme aantallen achterblijvers en kanslozen, die de Nederlandse samenleving in toenemende mate zullen belasten.

Volgens de meest terughoudende telling herbergt Nederland nu een kleine anderhalf miljoen allochtonen die worden gerekend tot de zogeheten doelgroepen van het minderhedenbeleid. Dan hebben we het over landen van herkomst als Turkije, Marokko, Suriname, Antillen, en niet over Amerika of Zweden. De voorspelling van het SCP-rapport luidt dat in 2015 twaalf procent van de bevolking, dat wil zeggen rond de twee miljoen burgers, uit deze `doelgroepen' afkomstig is. Zo'n veertig procent van hen zijn asielmigranten uit de Derde Wereld. Belangrijk is ook dat in 2015 ongeveer de helft van de bevolking in de vier grote steden allochtoon zal zijn. Nu al is de schooljeugd er in meerderheid afkomstig uit wat straks enkel nog in naam `minderheden' zijn. Voor alle vijfenveertig grote steden van Nederland zal deze omslag over tien jaar een feit zijn.

Niemand kan dat een geruststellende gedachte vinden. Want het is duidelijk dat de razendsnelle demografische verandering enorme aanpassingsproblemen schept. In alle sectoren van de samenleving zijn de problemen legio: in de gezondheidszorg, het onderwijs, de rechtspraak, de volkshuisvesting en de arbeidsmarkt. Een voorbeeld uit vele: over vijftien jaar zal Nederland rond de één miljoen asielzoekers herbergen. Zeer velen van hen kampen met trauma's wegens de oorlogen of rampen waaraan ze zijn ontkomen en de geestelijke gezondheidszorg wordt geacht daarop een antwoord te geven. De enorme problemen die dat oplevert zijn bekend, maar dat lijkt de pleitbezorgers van een ruimhartig asielbeleid niet erg veel zorgen te baren. Althans je hoort ze er niet vaak over uitweiden. Zoals altijd zijn we beter in het voeren van de vorige oorlog. Momenteel woedt een debat over `excuses' aan de joodse bevolking en onderzoekt een waar leger van wetenschappers de opvang van degenen die na 1945 uit de kampen terugkwamen.

De vraag is: hoe heeft het zo ver kunnen komen? Waarom denken we het ons te kunnen veroorloven generaties immigranten te zien mislukken en een verondersteld reservoir aan talent onbenut te laten? En waaraan ontlenen we het vertrouwen dat ondanks de zichtbare problemen alles wel op zijn pootjes terecht zal komen? Komt dat door de economische groei waarmee onrust kan worden afgekocht en de tevreden waarneming dat we hier geen rassenrellen kennen en het dus elders veel slechter gaat?

In 1994 wijdde het kabinet nog wel urgente woorden aan de etnische minderheden: ,,Het kabinet concludeert dat de situatie voor de toekomst uiterst zorgwekkend is. Redenen voor die zorg zijn de stagnerende economische ontwikkeling, de voortdurende immigratie – in het bijzonder van asielzoekers – en de ingrijpende effecten daarvan voor het maatschappelijk draagvlak voor het beleid.'' (`Contourennota Integratiebeleid etnische minderheden'). Het lijkt alsof die zorg is verdampt in de gelukzaligheid van het poldermodel.

Velen leven met het misverstand dat de integratie van de etnische minderheden ongeveer hetzelfde verloop zal hebben als de vreedzame verzoening van religieuze groepen in Nederland. Net als voorheen is het een kwestie van schikken, plooien, afkopen, onderhandelen en geheimhouding. Daarin openbaart zich vooral een grenzeloos geloof in elites. Succesvolle migranten maken het voor hun `achterban' gemakkelijker om zich te vereenzelvigen met de Nederlandse samenleving, zo luidt de onuitgesproken verwachting. Kortom, velen denken dat de regels en gebruiken van de pacificatie-democratie ook de nieuwe verdeeldheid kunnen temperen.

Het doet een beetje denken aan het geloof in de neutraliteitspolitiek aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Toen was eenieder ervan overtuigd dat wat een kwart eeuw eerder was gelukt – namelijk buiten de Eerste Wereldoorlog te blijven – ook nu weer kans van slagen had. En zo verloor een hele natie het zicht op de werkelijkheid.

Met het geloof in de pacificatie is iets vergelijkbaars aan de hand: het heeft gewerkt om de religieuze verdeeldheid te overwinnen en zal nu wel weer werken om de etnische verdeeldheid te beheersen. Maar dan wordt het hoofdstuk `Nationaal saamhorigheidsgevoel' in het klassieke boek uit 1968 over de Nederlandse pacificatie van Arend Lijphart vergeten (`Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek'). Zijn conclusie was: `De sterkte van het Nederlandse nationalisme moet niet worden overdreven, maar het lijdt geen twijfel dat het bestaat'. De levensbeschouwelijke verdeeldheid betrof een gemeenschappelijke geschiedenis, werd in toom gehouden door een algemeen aanvaarde grondwet en kon worden uitgevochten in een en dezelfde taal. Anders gezegd: de zuilen droegen één dak.

Wat is de waarde van de aloude methode van vreedzame coëxistentie in geheel nieuwe omstandigheden? Functioneert die nog op dezelfde manier? Is het een teken van zelfvertrouwen om niet teveel nadruk op het eigene van onze samenleving te leggen? De culturele samenhang waarbinnen het verschil kon worden beleefd, is nu veel minder voor handen; er zijn weinig bronnen van saamhorigheid. De vergelijking met de verzuiling gaat niet op. Segregatie in het onderwijs door zwarte en witte scholen is natuurlijk van een geheel andere orde dan de scheiding van openbare en bijzondere scholen.

Ook de rol van de islam is niet zomaar te vergelijken met die van de christelijke godsdiensten in Nederland. ,,Een mogelijk bindende factor aan allochtone zijde is gelegen in het blijvend hoge aandeel van de moslims in de minderhedenbevolking,'' schrijft het SCP bij wijze van `geruststelling' in zijn rapport. Het gaat naar schatting om de helft van de minderheden. Dat wil zeggen, straks is zo'n miljoen inwoners van Nederland moslim. Ook al weten we dat velen de islam in een verwaterde vorm zullen belijden, dan nog is dat is geen vanzelfsprekend gegeven, net zomin als scholen op islamitische grondslag dat zijn.

Misschien zal zich een liberale traditie ontwikkelen in wat wel de `buitengewesten van de islam' wordt genoemd. Vooralsnog is het hervormingsstreven beperkt, uitzonderingen als Mohammed Arkoun daargelaten. De arabist Jan Brugman schrijft in `Het raadsel van de multicultuur' (1998) over de geschiedenis van modernisering binnen de islam: ,,Wie deze modernistische bewegingen enigszins grondig bestudeert, merkt echter al snel dat zij in wezen conservatief zijn gebleven en dat een vergelijking met het christelijk modernisme niet opgaat. (...) Van een fundamentele heroverweging van de centrale leerstukken van de Islam, van de Islamitische Wet, of van de verhouding tussen Islam en staat was geen sprake.''

Waar het vooral om gaat, is dat de scheiding van staat en kerk niet werkelijk is aanvaard in islamitische kring. Af en toe wordt iets zichtbaar van wat door imams wordt gepreekt en hoort men voorbeelden van haatdragenheid tegenover de samenleving waarvan ze geacht worden deel te zijn. Zo kon in de tijd dat Ed Van Thijn burgemeester van Amsterdam was, de opvatting worden vernomen dat moslims zich niet zouden hoeven te houden aan de wetten van een stad die door een joodse burgemeester werd bestuurd.

Het verschil kan ook anders worden omschreven. De islamitische wet verbindt aan afvalligheid rechtsgevolgen die in ons land onaanvaardbaar zijn: zoals ontbinding van huwelijk, ontzegging uit de ouderlijke macht en verval van erfrechtaanspraken. Of die wetten nu worden nageleefd of niet, vooral in de gezinscultuur kan een aanmerkelijke afstand worden vastgesteld tussen de gangbare omgangsvormen in Nederland en het normbesef binnen de islamitische gemeenschappen. Men leeft nu goeddeels langs elkaar heen en kijkt veel de andere kant op, maar er zijn culturele verschillen die niet vatbaar zijn voor plooien, schikken en afkopen.

We kunnen niet blijven voorbijgaan aan het culturele isolement en de gevoelens van wrok, omdat het misschien minder prettig is die onder ogen te zien. Zohra Acherrat-Stitou, een Marokkaanse psychiater in opleiding zegt in een boeiend interview over haar generatiegenoten: ,,Ze zijn boos op de samenleving, die hun ouders zo gebruikt heeft, en boos op de ouders dat ze zich daar niet tegen verzet hebben. Veel Marokkaanse jongeren, valt mij op, voelen zich slachtoffer. Een slachtoffer voelt zich mishandeld, onbegrepen, niet veilig. Ze moeten van die slachtofferrol af om een identiteit te vinden.'' (de Volkskrant, 5 maart 1997).

Deze woorden vatten samen wat men vaker in Marokkaanse of Turkse of Antilliaanse kring kan horen. Sommigen maken zich ongerust over de wrok en afkeer die ze in de eigen `gemeenschap' bespeuren jegens de Nederlandse samenleving. Tal van deze `slachtoffers' maken namelijk een snelle carrière als dader, wat ook bedreigend is voor de minderheden in Nederland. De angst voor Marokkaanse jongeren is in een stad als Amsterdam inmiddels spreekwoordelijk.

En zo stort het kaartenhuis van de multiculturele samenleving ineen. Alle onuitgesproken verwachtingen, als zou integratie vooral een kwestie van tijd zijn, worden niet bewaarheid. Onder de oppervlakte van het openbare leven drijft een zee van verhalen over de botsing van culturen, die niet of nauwelijks worden gehoord. We leven nu al met de migranten van de derde generatie en de problemen zijn alleen maar groter geworden. Of succesvolle migranten de gehoopte voortrekkersrol spelen is onzeker, want doorgaans weten ze niet hoe snel ze zich moeten losmaken van hun veronderstelde `achterban'.

Het is geen teken van openheid aan zulke waarnemingen voorbij te gaan met een ontspannen pleidooi voor de multiculturele samenleving. Al die apologeten van de diversiteit zijn niet geïnteresseerd in wat zich in de grote steden van Nederland afspeelt. De overgang naar een anonieme stadssamenleving - waar men de wetten niet zo nauw neemt en liever onderhandelt dan straft - is te groot gebleken voor veel migranten. In een tijd die door omvangrijke immigratie wordt getekend, kunnen de vrijheden in Nederland niet met oude middelen worden bestendigd.

De cultuur van het gedogen, die nu op haar grenzen stuit, gaat hand in hand met een zelfbeeld dat onwaarachtig is. Nodig is een afscheid van de kosmopolitische illusie waarin velen zich wentelen. De wegwerpende manier waarop in Nederland is omgesprongen met nationaal besef werkt namelijk niet uitnodigend. We slaan onszelf op de nationale borst omdat we denken er geen te hebben. Die grenzeloze houding van Nederlanders draagt niet bij tot integratie, omdat daar achter maar al te vaak een afstandelijke en achteloze samenleving schuilgaat.

Nu heerst teveel het postmoderne geschiedenisbeeld waarin elk `wij' onmiddellijk verdacht is. De literatuurwetenschapper Douwe Fokkema schrijft in deze trant: ,,Het is onmogelijk om te zeggen dat `wij' om Kaap de Goede Hoop naar de Oost zijn gevaren of op Nova Zembla hebben overwinterd. Dat waren `wij' niet. Die mensen spraken onze taal niet en volgden andere conventies.'' (NRC Handelsblad, 15 juni 1996). Tollens met zijn romantische verbeelding van de overwintering op Nova Zembla, waarom zouden we ons nog interesseren voor zulke exotische stemmen? Zo wordt elk `wij' onmogelijk, zijn er geen levende tradities meer en kan over het land van herkomst geen verhaal meer worden verteld.

Een gemakzuchtig multiculturalisme maakt school omdat we onvoldoende onder woorden brengen wat onze samenleving bijeenhoudt. We zeggen te weinig over onze grenzen, koesteren geen verhouding tegenover het eigen verleden en bejegenen de taal op een nonchalante manier. Een samenleving die zichzelf verloochent heeft nieuwkomers niets te bieden. Een meerderheid die ontkent meerderheid te zijn, heeft geen oog voor de `hardhandigheid' van integratie, die ook altijd verlies van eigen tradities betekent. En wie niet begrijpt wat er wordt genomen, die heeft ook weinig te geven.

Er worden wel pogingen ondernomen om een verplichtender opvatting van de multiculturele samenleving te verdedigen. Zo werd in een rapport van Entzinger en Van der Zwan (1992) meer nadruk gelegd op inburgering van allochtonen dan tot nog toe gebruikelijk was. Onder meer door het aanbieden van programma's die de immigranten vertrouwd kunnen maken met de Nederlandse taal en cultuur. Dat gaat allemaal niet zo goed, mede wegens gebrek aan middelen. Het wordt door de nationale overheid blijkbaar niet ervaren als een dringende opgave.

Laten we eens beginnen de Nederlandse taal, cultuur en geschiedenis veel serieuzer te nemen. Niet lang geleden merkte iemand in een debat over deze kwestie op: ,,Je gaat Turkse kinderen toch niet lastig vallen met de jaren '40-'45?'' Was dat een verlicht inzicht? Nee, het was een domme poging om kinderen met ouders van elders de mogelijkheid te ontzeggen deel te nemen aan de collectieve herinnering zoals die gestalte krijgt in Nederland. Waarom zouden kinderen die de rest van hun leven hier doorbrengen, niet lastiggevallen worden met de geschiedenis van het land waarin ze leven? Waarom kent ons land geen museum voor contemporaine geschiedenis, zoiets als het `Haus der Geschichte', dat in Duitsland veel belangstelling trekt?

Anil Ramdas kritiseerde de Nederlandse schrijvers wegens hun onvermogen de werkelijkheid van immigranten in hun literatuur tot leven te brengen: ,,Het is toch een formidabele wanprestatie van de Nederlandse vertellers om niet te zien dat hun samenleving in de afgelopen twintig jaar drastisch van kleur en aard is veranderd? Terwijl een miljoen burgers hun dagelijkse vernederingen verbijten kijken de Nederlandse schrijvers een andere kant op. Zo langzamerhand moeten we dat gaan wijten aan moedwil en kwade trouw.'' (NRC Handelsblad, 14 maart 1997).

Zijn waarneming klopt, maar zijn verwijt is onterecht. Aan de literatuur kun je vooralsnog aflezen hoe beperkt de integratie in Nederland is. Voor de meeste schrijvers in Nederland is de `multiculturele samenleving' een verschijnsel van horen zeggen, iets van een vluchtige blik in het straatbeeld. Het is geen onderdeel van hun geleefde werkelijkheid, en, naar men mag aannemen, geldt dat ook voor de meeste burgers in dit land. We leven in Nederland langs elkaar heen: ieder zijn eigen café, zijn eigen school, zijn eigen idolen, zijn eigen muziek, zijn eigen geloof, zijn eigen slager en straks zijn eigen straat of buurt. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat al die oude en nieuwe Nederlanders weinig tot niets van elkaar weten.

Het zou goed zijn mededeelzamer te worden. Nadere kennismaking met de Nederlandse cultuur en geschiedenis hoeft zeker niet kritiekloos te zijn. Integendeel, wie nadruk legt op collectieve herinnering zal ook beseffen dat een discussie over het Nederlandse aandeel in de slavernij geen onzin is. Ook de `zwarte' bladzijden in ons verleden moeten worden besproken. Een dwingender zelfonderzoek naar zulke episoden is één van vele de vragen die de komst van velen uit vroegere koloniën met zich meebrengt.

Wederkerigheid is belangrijk, maar kan niet verhullen dat het gaat om de verdediging van een open samenleving. Dat stelt grenzen aan het culturele veelvoud. De liberale democratie poseert vaak als een neutrale arena waarbinnen culturen kunnen botsen en versmelten. Maar zoals de Rushdie-affaire laat zien, houden neutraliteit en relativisme ergens op. Sterker nog: tolerantie moet worden verdedigd tegenover gewetensdwang. In het openbare leven behoort geen plaats te zijn voor stromingen die de scheiding van staat en kerk of de gelijke rechten van man en vrouw willen opheffen. Religieuze symbolen als hoofddoekjes horen bij het privéleven en niet bij een openbare functie als de politie.

Deze opvatting biedt derhalve geen genoegdoening aan etnische groepen die in de liberale democratie een weigering zien om hun cultuur als van gelijke waarde te erkennen. De Amerikaanse schrijver Norman Podhoretz, zelf afkomstig uit een gezin van Poolse immigranten in Brooklyn, beschrijft het deel hebben aan een gemeenschappelijke cultuur als een `brutal bargain': het verwerven van een plaats in een nieuw land is meestal ook een verraad van de eigen familiegeschiedenis.

Reizen we bij wijze van gedachtenoefening even van Brooklyn naar Veghel. Al die enthousiaste woordvoerders van de multiculturele samenleving die zweren bij het devies `s lands wijs, `s lands eer, wat moeten die nu denken? Erewraak is een cultuureigen uiting en toch geen goed idee. De strafmaat in Turkije is in deze gevallen een geheel andere dan hier en dat lijkt niet iets om over te nemen of zelfs maar begrip voor te tonen. Onze wetten zijn helemaal niet neutraal en toch willen we die niet heroverwegen met het oog op de veranderde samenstelling van de bevolking. Integratie met behoud van eigen identiteit is een vrome leugen, die niet zoals nu door de overheid moet worden aangemoedigd. Oud-minister Van Kemenade merkte onlangs terecht op dat deze nadruk op eigen identiteit ,,ernstig risico loopt sociale ongelijkheid eerder te vergroten dan te verkleinen''. Omdat we jarenlang hebben ontkend immigratieland te zijn hebben we ons niet ontwikkeld tot een integratieland, luidt zijn stelling.

De conclusie is helder: integratie is nu eerder uitzondering dan regel, alleen al omdat het onderwijs uiteenvalt in witte en zwarte scholen en kinderen dus van jongs af aan in gescheiden werelden groot worden. Dat zou een primaire zorg in Nederland moeten zijn. Maar daarover lees je weinig in de cultuurnota van de vorige staatssecretaris Nuis, die volhardt in sympathieke vaagheden over `intercultureel onderwijs', terwijl de werkelijkheid van `spontane' apartheid hard om zich heen grijpt: ,,Met een souplesse die altijd een opvallende karaktertrek van onze cultuur is geweest, wordt het vreemde allengs opgenomen in wat we gewoon vinden.''

De richting van het huidige onderwijs- en cultuurbeleid staat haaks op wat nodig is. We moeten een groot vraagteken plaatsen bij het `onderwijs in eigen taal en cultuur'. Is het niet veel zinvoller de achterstand in beheersing van het Nederlands met alle mogelijke middelen op te heffen? En misschien nog belangrijker: de grondwettelijke vrijheid van onderwijs maakt segregatie mogelijk en gemakkelijk. Gezwegen wordt over de wellevende burgerij die voor haar kinderen hoogwaardig onderwijs koopt. Een minimaal streven zou toch moeten zijn dat scholen enigszins de samenstelling van een stad weerspiegelen en dat in het onderlinge verkeer tussen leerlingen Nederlands wordt gesproken.

Wat helemaal niet serieus wordt genomen, is de wanhoop van talloze leerkrachten. Er wordt zeker geld uitgetrokken om extra aandacht te kunnen geven aan allochtone kinderen. Maar het probleem zit veel dieper. Rector Sjamaar, al dertig jaar werkzaam in de leiding van het Niels Stensen College in Utrecht, trok in het voorjaar van 1998 landelijke aandacht met zijn stelling dat zijn school beter kon sluiten. Door een hoge concentratie allochtone, vooral Marokkaanse, leerlingen (zeventig procent in de brugklassen) liep de school leeg en kon geen volwaardige VWO/Havo-afdeling handhaven. Goede autochtone èn allochtone leerlingen zochten in toenemende mate hun heil elders. Een jaar na zijn hartekreet werd Sjamaar ontslagen.

Toch valt zijn diagnose moeilijk te weerleggen: in de grote steden zal het aantal deelnemers aan VWO/Havo-afdelingen van veertig naar vijfentwintig procent van de leerlingen dalen en derhalve zal in deze steden één op de drie scholen deze afdelingen in de komende jaren zien leeglopen. De maatschappelijke gevolgen zijn straks ingrijpend: ,,De steden zijn woonplaats voor de overwegend donkerder gekleurde onderlagen, die niet of nauwelijks meedoen aan de kennissamenleving en voor de nu nog gebruikelijke medische en sociale minimumvoorzieningen zal in de steden het geld ontbreken. Zo'n samenleving kan beter kastenmaatschappij dan kennismaatschappij heten,'' aldus Sjamaar (NRC Handelsblad, 30 april 1999).

Helaas hebben de bewindslieden van Onderwijs en Cultuur andere dingen aan hun hoofd. Staatssecretaris Van der Ploeg wilde culturele instellingen die niet voldoende aan etniciteit doen een strafkorting opleggen. Dat is nu omgezet in een eveneens absurde bonus op de begroting van de instellingen, die bewijzen van multiculturaliteit kunnen overleggen. Lees verder in de cultuurnota en huiver: ,,In het licht van de ontwikkeling van Nederland als multiculturele samenleving behoeft het kwaliteitsbegrip dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van aanvragen, aanpassing.'' De ene fijne zin rolt over de andere: gesproken wordt over de ,,verrijking van andere culturen'' en ,,de bevordering van diversiteit''. In de vier grote steden wordt ,,een initiator en verkenner voor culturele diversiteit'' aangesteld, een soort van keuringsdienst voor minderheden. Ondertussen omschrijft Van der Ploeg zichzelf als `internationalist' en hekelt zijn critici als `protectionisten'. Maar wie speelt er hier nu eigenlijk voor beschermheilige?

We hebben het uitsluitend gehad over degenen die hier zijn, niet over degenen die nog komen. Uit het voorgaande blijkt wel dat een land waar de integratie mislukt, niet in Europa voorop moet willen lopen met de aantallen mensen die worden opgenomen. Het SCP maakt in het eerder geciteerde rapport terechte kanttekeningen bij het vluchtelingenverdrag: ,,Het uit 1951 daterende verdrag is opgesteld in een tijd dat de wereld er aanmerkelijk anders uitzag dan thans, al was het maar doordat sindsdien de opkomst van de massacommunicatie en de luchtvaart de mentale en fysieke afstand tot de westerse wereld hebben doen verschrompelen. Vermoedelijk is ook niet voorzien dat de mensensmokkel tot een omvangrijke mondiale bedrijfstak zou uitgroeien.''

Natuurlijk hebben landen baat bij de schok van het vreemde. Degenen die zeggen dat landen zich niet kunnen en ook niet moeten willen afschermen van de buitenwereld hebben alle gelijk van de wereld. Nederland heeft zich bijvoorbeeld gemoderniseerd als gevolg van de Napoleontische tijd. Ook immigratie heeft een lange traditie in Nederland, denk maar aan de hugenoten of de joden, en vaak hebben we daar wel bij gevaren. Die algemene overweging betekent echter geen instemming met de huidige omvang en aard van de immigratie, die in menig opzicht eilanden van armoede en onwetendheid in de Nederlandse samenleving schept. De socioloog J.A.A. van Doorn schreef dat ,,de aanwezigheid van de allochtonen, evolutionair gezien, de klok van de Nederlandse geschiedenis een halve eeuw of langer heeft teruggezet'' (`Indische Lessen', 1995).

We hebben een uitzonderlijke tijd achter ons, waarin een zeer ontspannen en welvarende samenleving de teugels heeft laten vieren. De illusie van onkwetsbaarheid was sterk en het leek alsof de vrijheid en verdraagzaamheid zich als vanzelf bestendigden. Die jaren zijn voorbij. Burgers ontlenen momenteel minder rechtszekerheid, sociale bescherming en culturele bevestiging aan de staat. Nu deze hoekstenen van onze tevreden natie zijn gaan schuiven, keren velen zich af van een overheid die zichzelf voortdurend relativeert. De politieke bovenlaag die vroeger over een duidelijke beschavingsmissie beschikte, twijfelt aan zichzelf en verliest meer en meer zijn greep op de maatschappelijke werkelijkheid.

Zo kan men de weigering begrijpen van kabinet en parlement voor iedereen zichtbare en vaak gesignaleerde problemen rondom etnische minderheden in Nederland onder ogen te zien. Een parlementair onderzoek naar het immigratie- en integratiebeleid is nodig, want nu worden hele generaties onder het mom van tolerantie afgeschreven. Het huidige beleid van ruime toelating en beperkte integratie vergroot de ongelijkheid en draagt bij tot een gevoel van vervreemding in de samenleving. De tolerantie kreunt onder de last van achterstallig onderhoud. Het multiculturele drama dat zich voltrekt is dan ook de grootste bedreiging voor de maatschappelijke vrede.laatste aanpassing 26 februari 2008 11:41


;)
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:00:
Kan je het niet samenvatten? Je denkt toch niet dat iemand dit gaat lezen..


Mensen die vaker dingen 'lezen' zullen dit heus niet overslaan.




Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 12:03:
je weet het mooi te brengen Ronnie boy

maar ik blijf erbij


(y), jij je ding.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:03:
hahaha de telegraaf is een meduim dat houd van oproer kraaien. dat weet je toch. telegraaf word gesponserd door extreem rechts. Hoe kan je een jongen van 15 nou zo in beeld brengen. Wat ie ook fout heeft gedaan.


de grootste pedofielen/hooligans/drugscrimenelen worden altijd met balkjes in de krant gezet. maar een allochtone jongen van 15 word life in beeld gebracht. En dan nog het lef hebben om te zeggen hij zal het vast niet gedaan hebben. Nee en Wilders is vast geen neo nazi.

ik wil graag de naam van ie journalist. Kan iemand mij hierbij helpen.


Artiest {SHOWLIST artist 52097, 65558}
Waarschuw beheerder
Marokkaan of geen marokkaan, iemand die stenen gooit naar mijn auto die kan kennis maken met mijn bumper:).
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Het agressieve mannetje werd gistermiddag in de Spijkermakersstraat in Den Haag opgepakt


@ Ron:

Ben jij niet gebeld dan? Tegenwoordig wordt Ron standaard gebeld bij een arrestatie toch???
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Mongrel op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
bumper


ik verkies liever de trekhaak
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Mongrel op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
iemand die stenen gooit naar mijn auto die kan kennis maken met mijn bumper


Nee dat doen we pas als ze tasjes roven
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Mongrel op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
die kan kennis maken met mijn bumper.


kijk dan wel uit dat je hem niet dood rijd want je weet wat er gebeurt met mensen die dat soort dingen doen :S
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:17:
Nee dat doen we pas als ze tasjes roven


gaat je auto dan, ligt binnen een dag bij de sloop
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:16:
Ben jij niet gebeld dan? Tegenwoordig wordt Ron standaard gebeld bij een arrestatie toch???


:lol:

Ja, door Anita.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:00:
Kan je het niet samenvatten?


Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:08:
Het multiculturele drama


dat zegt toch alles al. niet goed multicultureel . mijn mening .
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:26:
Ja, door Anita.


Ja nee ok, dan is het goed...
Misschien moet je anders die wout even bedreigen.....
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Ik maak je dood, zoiets roept de arrestant


haha:roflol:

op de trein naar het oosten dermee(y)
Waarschuw beheerder
Uitspraak van DopeyXXL op dinsdag 26 februari 2008 om 12:17:
ik verkies liever de trekhaak


dat is natuurlijk ook een optie



Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 12:19:
kijk dan wel uit dat je hem niet dood rijd want je weet wat er gebeurt met mensen die dat soort dingen doen


haha ja dat is helemaal triest, en mensen maar brullen dat t om discriminatie ging, degene die in de auto zat is zelf een Surinaamse. Als ze mijn moeder was dan was ik echt trots geweest mbt op haar aktie(Y).
 
Waarschuw beheerder
onschuldig
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:40:
dat zegt toch alles al. niet goed multicultureel . mijn mening .


:yes:
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
Hoe kan je een jongen van 15 nou zo in beeld brengen. Wat ie ook fout heeft gedaan.


en die mensen die in de rijdende auto,s zaten dan!
waaraan hebben die mensen een ongeluk te danken??
ik vind dat ze al die sukkels te schande moeten zetten, misschien worden mensen dan een keer wakker.

Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
de grootste pedofielen/hooligans/drugscrimenelen worden altijd met balkjes in de krant gezet


die mogen ze van mij ook helemaal publiekelijk bekend maken.
Waarschuw beheerder
Ik zeg niet dat ik wel had verwacht dat het een arabier was maar ik wist het wel.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Sonny B. Good op dinsdag 26 februari 2008 om 17:37:
Ik zeg niet dat ik wel had verwacht dat het een arabier was maar ik wist het wel.


8)
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Sonny B. Good op dinsdag 26 februari 2008 om 17:37:
een arabier


Toeval??



Dacht ut niet :p
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 11:24:
rot eens op naar je eigen kamelenland....


Idd, kunnen ze op kamelen stenen gaan gooie (y)
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
steen tegen zijn hoofd en terug naar dat kamelenland waar die vandaan komt vuile stakker


Helemaal mee eens met deze reactie:respect:
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 09:26:
Waar is z'n burkini?


Hahaha meteen over zn kop trekken, ziet ie niks:lol:
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van f@@b. op dinsdag 26 februari 2008 om 09:46:
heb nergens gelezen dat het een marokaan was!


Het is geen Marokkaan, maar gewoon een jongen (zoals overal en iedereen O:) )
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
donateur
die kop man :roflol:
kan ni anders tis een buitenglanjder
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
Ik maak je dood, zoiets roept de arrestant. Klik zegt de fotograaf


Ik ga je dood maak ik zweer!!
 
Waarschuw beheerder
Hij krijgt een advocaat van de staat........
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 20:10:
Hij krijgt een advocaat van de staat........


[img width=268 height=599 cacheid=000f1563002aa68f68580d4e1a022ce5c7]http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/thumb/8/85/Deoroller_DB.jpg/268px-Deoroller_DB.jpg[/img]

Pro deo soms???
Mijn belastingcenten...

:nocheer:
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Tic Tac Hooligan op dinsdag 26 februari 2008 om 20:01:
Ik ga je dood maak ik zweer!!


Ik jouw gaan doodvermoorden ik weet waar jouw huis woont.
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Sonny B. Good op dinsdag 26 februari 2008 om 17:37:
Ik zeg niet dat ik wel had verwacht dat het een arabier was maar ik wist het wel.


:lol:
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 11:53:
Wilders is vast geen neo nazi


:frusty:
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 20:15:
ik weet waar jouw huis woont.


En waar je bed slaapt:D
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op dinsdag 26 februari 2008 om 20:29:
En waar je bed slaapt


wacht maar ik ga me broer haleng.....
Waarschuw beheerder
ik zou m 50,- geven als ik 1x mag uithalen op z'n hoofd! achterlijke figuren!
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Mike..- op dinsdag 26 februari 2008 om 22:15:
ik zou m 50,- geven


Hij 'krijgt' al een uitkering, dus jouw geld heeft ie niet meer nodig :p

Met dat soort gasten hier, kan je beter je geld uitgeven aan een goede verzekering b)
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van * Bianca * op woensdag 27 februari 2008 om 13:57:
Al moet ik toegeven dat het een stuk aantrekkelijker wordt om mn gaspedaal wat verder in te trappen als zo'n aap oversteekt


:D

Maargoed, misschien is het over een kam scheren... Maar het zijn wel steeds dezelfde he :z
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van Mike..- op dinsdag 26 februari 2008 om 22:15:
ik zou m 50,- geven als ik 1x mag uithalen op z'n hoofd! achterlijke figuren!


Ik zou bereid zijn een paar 10tjes uit te geven voor een doos hollow point kogels die ik vervolgens op zn kop leeg mag schieten :)
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 14:07:
kam scheren...


Scheer jij je kam?
Waarschuw beheerder
Uitspraak van * Bianca * op woensdag 27 februari 2008 om 13:59:
Hij 'krijgt' al een uitkering, dus jouw geld heeft ie niet meer nodig

Met dat soort gasten hier, kan je beter je geld uitgeven aan een goede verzekering


hoe kan een 15-jarig jochie nou een uitkering krijgen???????
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Soul Survivor op woensdag 27 februari 2008 om 14:21:
hoe kan een 15-jarig jochie nou een uitkering krijgen???????


:lol:
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Soul Survivor op woensdag 27 februari 2008 om 14:21:
hoe kan een 15-jarig jochie nou een uitkering krijgen???????


Waar staat dat ie 15 is? :|
Waarschuw beheerder
Uitspraak van * Bianca * op woensdag 27 februari 2008 om 14:30:
Waar staat dat ie 15 is?


blijkt dat niet uit de hele berichtgeving? uh...de foto's??
dit is gewoon een baldadig pubertje die zich verveelt in de schoolvakantie

iedere puber doet wel ns baldadig en wordt wel ns opgeladen...maar meestal niet met een fotograaf van de Telegraaf erbij

daarnaast vind ik het ook raar dat normaal altijd met balkjes enzo gewerkt moet worden , en deze jongen zomaar openlijk in de krant komt, nog voor zn zaak voor de rechter is geweest (onschuldig tot het tegendeel bewezen is?.....iemand..?...;) )
Waarschuw beheerder
en de "nieuwswaarde" van het bericht ontgaat me ook ff
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van Soul Survivor op woensdag 27 februari 2008 om 14:35:
dit is gewoon een baldadig pubertje die zich verveelt in de schoolvakantie


ehmm hij heb wel een erg dikke kop voor iemand van 15...
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van * Bianca * op woensdag 27 februari 2008 om 14:30:
Waar staat dat ie 15 is?


Denk niet dat hij al 18 is nee, en als hij 16 was had ie zo'n mooi scootertje
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Soul Survivor op woensdag 27 februari 2008 om 14:35:
daarnaast vind ik het ook raar dat normaal altijd met balkjes enzo gewerkt moet worden , en deze jongen zomaar openlijk in de krant komt, nog voor zn zaak voor de rechter is geweest (


zal nog een staartje krijgen denk ik.
laatste aanpassing
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op woensdag 27 februari 2008 om 14:38:
ehmm hij heb wel een erg dikke kop voor iemand van 15...


in VS lopen kinderen van 6 rond die deze jongen een pak rammel zouden geven ;)
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Soul Survivor op woensdag 27 februari 2008 om 14:44:
in VS lopen kinderen van 6 rond die deze jongen een pak rammel zouden geven


Nog beter, die zouden hem zo neerknallen met het pistooltje van pa.
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 10:06:
Nou je scheert het 'volk' weer lekker over één kam, zéér simpel en krom. Maar goed, jouw interpretatie laat ik nu gewoon in het midden, ik ga er gewoon vanuit dat je niet zo slim bent.

Maareh, 1 ding, als je buurman Ahmed een zoontje heeft die je banden heeft lekgestoken. Zeg je dan tegen je buurman 'Hé Achmed we moeten een hartig woordje spreken....' of zeg je 'Hé kutmarokkaan, het is ook altijd hetzelfde met jullie, rot eens op naar je eigen kamelenland....'? Mensen zoals jij zijn namelijk alleen maar averechts bezig. Het ligt toch echt wel aan de opvoeding, personen van andere afkomst voelen zich bij dit soort gevoelens (in media etc etc) toch écht buitengesloten en gaan zich herenigen in, voor hun, vertrouwde groepen. Ik zeg niet dat ze onschuldig zijn en dat ze zich niet aan de regeltjes hoeven houden. Ze zijn per slot van rekening wel gewoon inwoners van de Nederlandse Staat en zij hebben ook rechten én plichten. Als ze zich niet aan die plichten wensen te houden dan volgt een straf. Een gozertje van nederlandse afkomst zou ook gewoon een taakstraf hebben gekregeng.


Hulde!
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van permanent verbannen op woensdag 27 februari 2008 om 14:38:
ehmm hij heb wel een erg dikke kop voor iemand van 15


Couscous:honger:
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Fietsketting op woensdag 27 februari 2008 om 15:31:
Maareh, 1 ding, als je buurman Ahmed een zoontje heeft die je banden heeft lekgestoken


Dan neem ik dat busje terug die ik mijn marokkanse buurman heb geschonken zodat hij met zijn familie naar Marokko kan, want anders was het of de koffer bleef thuis of het kind bleef thuis.
 
Waarschuw beheerder
Stoere jongen ja (Y)
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 15:45:
Dan neem ik dat busje terug die ik mijn marokkanse buurman heb geschonken zodat hij met zijn familie naar Marokko kan, want anders was het of de koffer bleef thuis of het kind bleef thuis.


Hahaha heb jij die politiek correcte kutreclame ook al gezien?:P
Waarschuw beheerder
Uitspraak van Mongrel op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
Marokkaan of geen marokkaan, iemand die stenen gooit naar mijn auto die kan kennis maken met mijn bumper.


Totaal mee eens!!
 
Waarschuw beheerder
er zijn heel veel mensen die zeiken van,,,,,,,,,,,nou waarom moet er nou weer bijgezet worden dat het een marokkaan was





hier de oplossing...gewoon een fototje dr bij
 
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van Sonny B. Good op woensdag 27 februari 2008 om 17:49:
Hahaha heb jij die politiek correcte kutreclame ook al gezien?


echt he, win je een geldbedrag en dan ga je geld aan je buurman geven zodat ie een nieuwe bus kan kopen om zijn familie uit marokko naar Nederland te halen :s
Waarschuw beheerder
omdat iedereen dat toch kan zien op de foto
 
Waarschuw beheerder
Ik vind dat deze jongen geholpen moet worden!
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 18:22:
Ik vind dat deze jongen geholpen moet worden!


mmmh, nekschot?
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 14:07:
Al moet ik toegeven dat het een stuk aantrekkelijker wordt om mn gaspedaal wat verder in te trappen als zo'n aap oversteekt


:lol:
Uitspraak van Maiky Maik op woensdag 27 februari 2008 om 17:54:
Uitspraak van Dedicated By Blood op dinsdag 26 februari 2008 om 12:12:
Marokkaan of geen marokkaan, iemand die stenen gooit naar mijn auto die kan kennis maken met mijn bumper.

Totaal mee eens!!


mee eens (Y)
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 18:22:
Ik vind dat deze jongen geholpen moet worden!


Op de foto zie je toch dat die politiemensen hem helpen over te steken? :rot:
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van permanent verbannen op woensdag 27 februari 2008 om 19:00:
Op de foto zie je toch dat die politiemensen hem helpen over te steken?


Nobel van die agent:lol:
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op woensdag 27 februari 2008 om 19:00:
Op de foto zie je toch dat die politiemensen hem helpen over te steken?


Dat is inderdaad al een mooi en nobel gebaar. Een begin van het hulpverlenende proces. Kijk, kijk nou eens goed naar de foto van deze jongeman. Vraag je af waarom hij stenen gooit naar voorbijrijdende auto's ? Kijk in je hart.

Heb je al goed naar zijn hoofd gekeken? Zijn open en intelligente blik leert ons dat we hier te maken hebben met een individu dat geen aansluiting vind in de Nederlandse maatschappij. Daarom gooit hij stenen naar voorbijrijdende auto's en haalt hij wellicht nog meer rottigheid uit dat de krant niet haalt.

Een leuke relatie zal voor deze verbaal-gehandicapte ook al een onmogelijke opgave zijn, ik vermoed dat het enige geluid wat hij tegen dames kan voortbrengen en mengeling van gesisssssssss...en lekkertje is.

Met een kopje thee en een schouderklop veilig terug naar huis, daarna gezellig bijkletsen over zijn avontuur in de pliesieauto met zijn vriendjes op de hoek van de straat.

En een buurtvader die eens per 2 dagen vraagt hoe het met hem gaat. Zo lossen we dat op.

Nogmaals, deze jongen heeft hulp nodig!
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 19:55:
Nogmaals, deze jongen heeft hulp nodig!


een baksteen op zijn hoofd, even kijken hoevaak jongeman dan nog bakstenen op auto's gooit:).
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 19:55:
Dat is inderdaad al een mooi en nobel gebaar. Een begin van het hulpverlenende proces. Kijk, kijk nou eens goed naar de foto van deze jongeman. Vraag je af waarom hij stenen gooit naar voorbijrijdende auto's ? Kijk in je hart.

Heb je al goed naar zijn hoofd gekeken? Zijn open en intelligente blik leert ons dat we hier te maken hebben met een individu dat geen aansluiting vind in de Nederlandse maatschappij. Daarom gooit hij stenen naar voorbijrijdende auto's en haalt hij wellicht nog meer rottigheid uit dat de krant niet haalt.

Een leuke relatie zal voor deze verbaal-gehandicapte ook al een onmogelijke opgave zijn, ik vermoed dat het enige geluid wat hij tegen dames kan voortbrengen en mengeling van gesisssssssss...en lekkertje is.

Met een kopje thee en een schouderklop veilig terug naar huis, daarna gezellig bijkletsen over zijn avontuur in de pliesieauto met zijn vriendjes op de hoek van de straat.

En een buurtvader die eens per 2 dagen vraagt hoe het met hem gaat. Zo lossen we dat op.

Nogmaals, deze jongen heeft hulp nodig!


Heel mooi gezegd:cheer:
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 19:55:
Heb je al goed naar zijn hoofd gekeken?


:lol:

(en vooral wat je daarna opschrijft :roflol: )
 
Waarschuw beheerder
Uitspraak van permanent verbannen op woensdag 27 februari 2008 om 20:05:
Heel mooi gezegd


Tis toch potjandorie om te janken, deze maatschappij!
Uitspraak van permanent verbannen op woensdag 27 februari 2008 om 20:05:
(en vooral wat je daarna opschrijft )


Foto's zeggen vaak meer dan woorden!
Waarschuw beheerder
Check die dikke neger eens.. :o
Daar hebben ze 2 cellen voor nodig!
laatste aanpassing
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van Kaasvlinder op dinsdag 26 februari 2008 om 09:25:
agressieve mannetje


[img width=320 height=500]http://www.nozzman.nl/images/edities/188.gif[/img]
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 19:55:
Nogmaals, deze jongen heeft hulp nodig!


Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 20:01:
een baksteen op zijn hoofd


Waarschuw beheerder
whahaha wat een aap, btw Spijkermakersstraat is best wel ghetto. Thug life die jongen zeg. B)
 
Waarschuw beheerder
Zyklon B M&M's voeren. :P
Waarschuw beheerder
hij loopt alweer op vrije voeten...
http://www.nu.nl/news/1456071/10/Alkmaarse_bussen_bekogeld_met_stenen.html
 
Waarschuw beheerder
Hadden ze er maar een balkje voor gedaan, dat jong is hondslelijk
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 18:00:
win je een geldbedrag en dan ga je geld aan je buurman geven zodat ie een nieuwe bus kan kopen om zijn familie uit Nederland naar Marokko terug te brengen


:P
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van verwijderd op woensdag 27 februari 2008 om 19:55:
deze jongen heeft hulp nodig!


De politie heeft maandag aan het Christoffel Plantijpad in Slotervaart bij acht jongens twaalf nepwapens in beslag genomen.
De politie ontdekte de nepwapens na een tip. Agenten zagen de groep filmopnames maken waarbij zij de onder andere een nepriotgun en een namaak-machinepistool gebruikten. Ook werd een bivakmuts gedragen.
Vier jongens van 10, 13, 14 en 15 jaar werden aangehouden. De drie oudsten zijn doorverwezen naar Bureau Halt. De jongste kreeg een alternatieve straf, de zogeheten STOP-reactie, speciaal voor kinderen jonger dan twaalf jaar.


*zucht*
 
Waarschuw beheerder
focking niet normaal gewoon..

dat joch met zn vriendjes wordt opgepakt omdat ze met stenen naar autos smijten (hun fout)
politie is getuigen van het feit dat hij die fotograaf met de dood bedreigt. (wederom zijn fout)

hij
- krijgt een advocaat
- wordt niet hardhandig afgevoerd
- een lift naar zn cel in een lekker warme auto

(wil dr nog niet in dood gevonden worden maar dat is een zijstraat)

kort samen gevat: welkom in Nederland..:/
Waarschuw beheerder
dood trappe,,,teringjochie
 
Waarschuw beheerder
donateur
dit had ik al, altijd willen weten.
 
Waarschuw beheerder
Zal eens niet zo wezen :gaap:
 
Waarschuw beheerder
donateur
Uitspraak van verwijderd op dinsdag 26 februari 2008 om 09:31:
Telegraaf is ongeveer net zoiets als Nijntje


Uitspraak van DopeyXXL op dinsdag 26 februari 2008 om 09:38:
haha wat een taalgebruik!
het lijkt wel een kinderkrant


telegraaf = krant voor goedgelovige mensen.
Waarschuw beheerder
Wat een rare jongen zeg. Heeft hij soms geen opvoeding gehad of zo?
Waarschuw beheerder
Uitspraak van verre neef op vrijdag 29 februari 2008 om 10:40:
Heeft hij soms geen opvoeding gehad of zo?


tuurlijk heeft ie geen opvoeding gehad... ouders kennen geen 8 kinder groot brengen in een huis waar 4 slaapkamers zijn....
Waarschuw beheerder
donateur
"Het is zo'n lieve jongen, hij doet nooit wat!"

Bullshit.
 
Waarschuw beheerder
(permanent verbannen)
Uitspraak van *mr.T* op donderdag 28 februari 2008 om 22:01:
dood trappe,,,teringjochie


[img width=1024 height=657]http://www.dumpert.nl/mediabase/foto/5c633a31_ANP_6672267.jpg[/img]
Waarschuw beheerder
donateur
Huuuu peerd.