Kef rijdt op een provinciaalse weg waar permanente snelheidscontrole wordt gehouden. Op het moment dat hij een camera voorbijrijdt, ziet hij dat hij geflitst wordt. Omdat hij zeker weet dat hij niet harder dan de toegestane snelheid heeft gereden, besluit hij de proef op de som te nemen: hij keert zijn auto en passeert de camera nog eens, dit keer slechts met 70 km/u. Tot zijn verbazing en ergernis wordt hij weer geflitst.
In een vlaag van woede keert hij zijn auto opnieuw en passeert de camera met slechts 40 km/u. Totaal verbijsterd merkt hij dat hij desondanks weer geflitst wordt. Hij besluit daarop dat de camera kapot moet zijn en besluit maar door te rijden en de bekeuringen af te wachten.
Een paar weken later krijgt hij inderdaad drie bekeuringen, echter niet voor snelheidsovertredingen, maar vanwege het feit dat hij geen gordel droeg.
