Ovide en zijn vriendjes - De pleziertaart
* Ergens midden in de oceaan ligt een heel klein eilandje dat bewoond wordt door Ovide het vogelbekdier en zijn vrienden; Dikbuik de kok, Peli de winkelier, Polo de straatveger en Zozo de domme vriend van Pi, de stoute slang.
- TV dame: “En dan is het nu tijd voor ons wekelijks kookprogramma; “grootse recepten van Vet Vettuwa”. Iedereen naar het fornuis!”
- Vet Vettuwa (op TV): “Vandaag maken we gestoofte zeepaling of hoe maken we een echte boerenschotel met zeepaling uit zee. Eerst wast u de paling goed en dan hakt u hem in flinke stukken. Kijk, dat gaat zo. En dan bakt u de stukken op een vuurtje goudbruin samen met de uitjes en de kruiden. Als de uitjes glazig zijn…”
- Ovide: “En een omelet à la Pi!”
- Zozo: “Pi!”
* En ondertussen ging Zozo naar Pi.
- Zozo: “Pi, kom eens kijken wat ik gevonden heb.”
- Pi: “Dat lijkt wel een kampvuur. Iemand heeft hier vast overnacht.”
- Zozo: “Wat ruikt het raar, hè? Het ruikt… naar lucifers.”
- Pi: “Lucifers? Ja, het ruikt naar zwavel.”
- Zozo: “En dit? Wat is dit?”
- Pi: “Huh? Laat zien. Maar dat is een boek.”
- Zozo: “Wat voor een boek dan?”
- Pi: “Met recepten.”
- Zozo: “Recepten?”
- Pi: “Ja, toverrecepten. Luister maar: Souffle met koortsbui, pepergalgebakjes, tranensoep. Oh! Onderwerpingstaart.”
- Zozo: “Wat is dat, onderwerping?”
- Pi: “Onderwerping betekent gehoorzaamheid. Hmm… Eens kijken… Diegene die ook maar één hapje van deze onderwerpingstaart eet, gedraagt zich daarna als nederige slaaf.”
- Zozo: “Wanneer gaan we de taart maken, Pi?”
- Pi: “Niet zo haastig. Hij moet door een echte kok worden gemaakt, maar hij mag niet weten wat voor een recept het is.”
- TV dame: “En hier volgt het spel waar u allemaal op wacht. Net als elke week; een fles in zee.”
- TV heer: “Goed dan. Goededag. Onze kandidaten staan al klaar om op de fles te gaan vissen. Op de fles met de boodschap die ze moeten ontcijferen om de oplossing van de wedstrijd in handen te krijgen.”
* Pi scheurde het onderwerpingsrecept uit het toverboek. Deed het in een fles en gooide hem vlakbij het huisje van Dikbuik in zee.
* Dikbuik, die neuriend het lekkerste hapje van de wereld stond klaar te maken…
- Dikbuik: “Hé!”
* Pakte de fles…
- Dikbuik: “Dat lijkt wel op een oude wijnfles.”
* …en las de brief.
- Dikbuik: “Ik heb geen hoop meer. Ik vertrouw dit, dit… O, wat is dat onduidelijk geschreven. Ik vertrouw dit toverrecept van pleziertaart aan zee toe. Ik hoop dat het je blij maakt. Een vriend… Pleziertaart? Dat is een goed idee!”
* Bij de winkel van Peli.
- Polo: “Je bezems zijn waardeloos! Dit is de tweede al binnen een maand die stuk gaat.”
- Peli: “Hè Polo, doe toch niet zo boos.”
- Dikbuik: “Geen ruzie meer maken! Ik nodig jullie allemaal uit om bij mij pleziertaart te komen eten. Heel lekker!”
- Peli: “Pleziertaart?”
- Polo: “Is dat een nieuw recept?”
- Dikbuik: “Ja, ik heb het recept gevonden. Maar geloof me, het is echt wonderbaarlijk!”
- Polo: “Goed, dan ga ik Ovide maar eens zoeken.”
*In de keuken van Dikbuik.
- Peli: “Oh, echt waar, wat is hij mooi. En ook heel lekker.”
- Dikbuik: “Kan je niet even wachten Peli. Lekker? Goed dan, alleen maar om te proeven.”
* Bij het huisje van Ovide.
- Polo: “Hé, Ovide!”
- Ovide: “Wat is er?”
- Polo: “Dikbuik heeft een taart gebakken.”
- Ovide: “Zeg Polo, ter gelegenheid waarvan is die taart?”
- Polo: “Dikbuik vond ergens toevallig een eh… een eh…
- Ovide: “Een wat?”
- Polo: “Oh, kijk!”
* De dieren waren betoverd.
- Ovide: “Het lijkt wel…”
- Luiaard: “AJ JA, AJ JA”
- Ovide: “Dat is de stem van Luiaard.”
- Polo: “Ohh!”
- Ovide: “En ook de Koala’s. Zijn jullie ziek?”
- Een (vreemd gedragende) Koala: “Nee.”
- Ovide: “Wat is er dan gebeurd?”
- Een Koala: “Dat weet ik niet.”
- Polo: “Hebben jullie iets verkeerd gegeten?”
- Ovide: “Verkeerds gegeten? Ik vraag me af…”
* Ovide en Polo renden naar het huisje van Dikbuik.
- Ovide: “Zeg, wat had die Dikbuik volgens jou nou toch ook alweer gevonden? Ik durf trouwens te wedden dat ze niet met die taart op ons gewacht hebben.”
- Polo: “Dat… Hè?”
* Dikbuik en Peli zaten met grote glazige ogen raar voor zich uit te staren.
- Ovide: “Alles goed met jullie?”
- Dikbuik en Peli tegelijk: “Alles goed meester.”
- Polo: “Ovide!”
- Ovide: “Wacht! Pleziertaart hè? En de inkt is nog nat… en dat recept ziet er niet erg betrouwbaar uit.”
* Pi en Zozo, die buiten in de struiken hadden staan wachten op de resultaten van de tovertaart, de onderwerpingstaart, konden van nieuwsgierighied haast niet meer wachten.
- Pi: “Ze hebben nu alle tijd gehad om te proeven. We gaan kijken… Uitstekend, het is gelukt… Weet je wie ik ben, mijn slaaf?”
- Ovide: “Ja, u bent de meester…”
- Pi: “Hihi!”
- Ovide: “De meester van het uitschot!”
- Pi: “Hè, wat?”
- Ovide: “Ik dacht al dat jij erachter stak! Waar komt dat toverrecept vandaan?”
- Pi: “Hè? Ehh… Uit een fles.”
- Zozo: “Niet waar Pi, weet je nog? Je hebt de bladzijde zelf uit het boek hier gescheurd.”
- Pi: “Hou je kop, idioot!”
- Ovide: “Heb jij Luiaard en de Koala’s vergiftigd?”
- Pi: “Ehh… Nee, nee, dat was ik niet.”
- Zozo: “Dat is waar. Hij wilde alleen jullie allemaal vergiftigen.”
- Pi: “Hou je mond nu eindelijk eens!”
- Ovide: “Geef hier dat boek!”
- Pi: “Nee!”
* Op datzelfde moment…
- Pi: “Oh, wat is dat?”
- Heks: “Hallo, jullie allemaal.”
- Ovide: “Ehh… mevrouw, ehh…”
- Heks: “Mag ik me voorstellen? Felicité. Heks van beroep. Onderweg om mee te doen aan de grote internationale sabbat voor duivelse kookkunsten.”
- Ovide: “Ja, gefeliciteerd, maar…”
- Heks: “Hahahaha! Vannacht heb ik een kleine tussenstop gemaakt op jullie eiland. Schattig eilandje trouwens. Hahaha! En ik moet bekennen om dat te vieren een beetje teveel pleziermakend elixer heb gedronken. Hahaha! Ik geloof dat ik zelfs een paar domme dingen heb uitgehaald. Maar dat herinner ik me niet meer zo heel goed.”
- Ovide: “Haha, dus onze vrienden daar in het bos zijn door u…?”
- Heks: “Oh, dat weet ik wel zeker. Het spijt me echt hoor, maar ik zal alles meteen weer in orde maken. Eens zien…”
* Alle dieren, Luiaard en de Koala-beertjes werden weer normaal. De betovering was verbroken.
- Koala’s: “Alles komt goed voor diegene die… geduld heeft.”
- Heks: “Zo dat is klaar. Maar vannochtend toen ik weer verder ging, ben ik mijn boek met duivelse recepten vergeten. Dat hebben jullie toch niet toevallig gevonden, he?”
- Pi: “Hè? Ja, ehh… Ja, ehh… Natuurlijk.”
- Heks: “Dank je wel, jongeman. Dat is erg vriendelijk… Maar wie heeft gewaagd iets uit dit meesterwerk te scheuren?!”
- Pi: “Beste mevrouw, dit is een vreselijk misverstand.”
- Heks: “Ik zal jullie eens wat misverstanden bijbrengen. Stelletje prutstovenaars!”
* En onder gejuich van Ovide, Polo, Peli en Dikbuik werden Pi de slang en zijn domme vriend Zozo door de heks het bos in gejaagd.