(permanent verbannen)
dit verhaal las ik dus ergens ::
Gabber, Hardcore en Darkcore. Misschien zegt het jou op het eerste gezicht niets. Maar Reinier (23) zegt het alles. Als darkcore-dj en feestbeest is Reinier jarenlang in de ban van deze housemuziek geweest. Maar echt gelukkig is hij er nooit van geworden.
Reinier komt uit een net christelijk gezin. Hij heeft een goede relatie met zijn ouders en is thuis gelukkig. Niets aan de hand, zo lijkt het. “Toen ik een jaar of twaalf was, ben ik gaan blowen. Ik had veel oudere en onchristelijke vrienden. Ik baalde van de regels thuis en wilde wel eens uit de band springen. Ik schaamde me voor mijn christelijke achtergrond, ik wilde van dat ‘refo-stempeltje’ af. In de groep wilde ik me dus extra bewijzen.”
“Toen ik voor de eerste keer gabbermuziek hoorde, vond ik het geweldig. Die harde bas, heerlijk. Mijn eerste platen waren van o.a. dj Paul en zo’n nummer van ‘alles naar de kl*te’.”
Reinier is van de echte Hardcore zoals: Thunderdome, Nightmares en Rave the city. Hij gaat af en toe naar dit soort houseparty’s. “Ik begon harddrugs te gebruiken. Dat hoorde bij hardcore. Naast wiet ging ik speed gebruiken. Het was goedkoop en werkte extreem. Daarna kwamen de pillen (XTC red.). In het begin was dat nog heel bijzonder in onze vriendenclub, maar later werd het normaal.”
Studeren
Reinier gaat studeren. Hij kiest voor de ‘hardcore-stad’ Rotterdam. “Van studeren kwam niet zoveel, ik ging veel uit en begon met dj-en. De pillen, speed en cocaïne hoorden erbij. Na drie maanden ben ik met mijn studie gestopt en ben ik gaan werken om mijn drugs te betalen.” Niet lang daarna wordt Reinier door zijn ouders het huis uit gezet. ”Ik was thuis niet meer te handhaven, ik ben op mezelf gaan wonen. “Toen ging het als een sneltrein met de muziek. Ik kon eindelijk hard gaan draaien. Ik kocht goeie draaitafels en was iedere week in de platenzaak te vinden om platen te kopen. Ik ging qua stijl steeds dieper de darkcore in. Ik kocht platen van onder andere: Ruffneck, Enzyme, Supreme Intelligence en Masters of Hardcore.”
Darkcore
“De duistere muziek begon me meer en meer te boeien. Ik zette me af tegen het christelijke. Ik verloor mezelf in de muziek. Alsof ik een nieuwe identiteit had. Ik luisterde niet alleen darkcore, ik was darkcore! Ik praatte alleen nog over muziek, drugs en seks. Ik werd antichristelijk door die muziek. De satan was in die muziek. De duisternis zat in mij. Ik had contacten met mensen die aan satanisme deden en keek horrorfilms als Hellraiser. Het DNA-platenlabel geeft goed aan hoe ik op dat moment was: Dark, Negative & Anti-social.”
Het is inmiddels mei 2003 en Reinier krijgt een badtrip door het gebruik van paddo’s. “Ze brachten me naar het ziekenhuis. Daar heb ik nog zes uur getript. Ik had een doodservaring: stond als het ware voor de hemelpoort. Ik zei tegen God dat hij me moest opnemen. Eigenlijk heel raar voor iemand die zich met satanische zaken bezig hield.” Na deze trip krijgt Reinier last van achtervolgingsangst en faalangst. “Ik begon nog extremer te leven: iedere dag gebruiken en ieder weekend helemaal los.”
Bidden
In oktober 2003 gaat het helemaal fout met Reinier. De angst, de duisternis en de drugs stapelen zich op in zijn leven. “Tijdens Thunderdome in Utrecht ben ik helemaal doorgedraaid. Ik ben van de dansvloer gehaald omdat ik daar gebruikte. Een week later had ik een halloweenfeest bij mij thuis georganiseerd, compleet met satanist en drugs. Ik zag duistere dingen en voelde de aanwezigheid van de duivel in mijn huis. Ik stuurde iedereen naar huis. Ik was alleen en toch zag ik van alles om mij heen. Ik dacht: dit moet stoppen! Ik voelde me een speelbal van de duivel. Ik wilde gaan bidden, maar ik had dit al vijf jaar niet gedaan. Ik zei: Heer, laat zien dat u bestaat, dat u me kent en dat u iets met me wilt gaan doen! Ik word gek, help me!”
“De volgende dag belde mijn zus. Ik vertelde dat het niet goed ging. Hierdoor is mijn hele familie voor mij gaan bidden. Ik ben toen radicale keuzes gaan maken. Ik ben gestopt met harddrugs en heb alles weggegooid. In het volgende weekend koos ik om ook met de wiet te stoppen en God te volgen. Ik heb me vervolgens bij De Hoop aangemeld.” Daar komt Reinier in de rust…
“Hier kan ik genezen van psychische en sociale schade die ik de afgelopen jaren opgelopen heb. Ik kon voor het eerst sinds hele lange tijd geen gabber draaien. Muziek was voor mij ook een verslaving. Ik heb mijn muziek (1000 à 1500 platen en cd’s) uiteindelijk weggedaan. Het was een afscheid wat pijn deed (meer als weggaan bij je vriendin). Het was radicaal en definitief. Eén ding weet ik zeker: hardcore maakt je kapot. Voor mij geen duistere muziek meer! Vroeger zei ik: ‘Gabber is dood, hardcore leeft’. Maar nu weet ik: ‘Hardcore maakt dood, maar Jezus leeft!’”
Bron: STR8, jongerenblad van St. De Hoop.
Gabber, Hardcore en Darkcore. Misschien zegt het jou op het eerste gezicht niets. Maar Reinier (23) zegt het alles. Als darkcore-dj en feestbeest is Reinier jarenlang in de ban van deze housemuziek geweest. Maar echt gelukkig is hij er nooit van geworden.
Reinier komt uit een net christelijk gezin. Hij heeft een goede relatie met zijn ouders en is thuis gelukkig. Niets aan de hand, zo lijkt het. “Toen ik een jaar of twaalf was, ben ik gaan blowen. Ik had veel oudere en onchristelijke vrienden. Ik baalde van de regels thuis en wilde wel eens uit de band springen. Ik schaamde me voor mijn christelijke achtergrond, ik wilde van dat ‘refo-stempeltje’ af. In de groep wilde ik me dus extra bewijzen.”
“Toen ik voor de eerste keer gabbermuziek hoorde, vond ik het geweldig. Die harde bas, heerlijk. Mijn eerste platen waren van o.a. dj Paul en zo’n nummer van ‘alles naar de kl*te’.”
Reinier is van de echte Hardcore zoals: Thunderdome, Nightmares en Rave the city. Hij gaat af en toe naar dit soort houseparty’s. “Ik begon harddrugs te gebruiken. Dat hoorde bij hardcore. Naast wiet ging ik speed gebruiken. Het was goedkoop en werkte extreem. Daarna kwamen de pillen (XTC red.). In het begin was dat nog heel bijzonder in onze vriendenclub, maar later werd het normaal.”
Studeren
Reinier gaat studeren. Hij kiest voor de ‘hardcore-stad’ Rotterdam. “Van studeren kwam niet zoveel, ik ging veel uit en begon met dj-en. De pillen, speed en cocaïne hoorden erbij. Na drie maanden ben ik met mijn studie gestopt en ben ik gaan werken om mijn drugs te betalen.” Niet lang daarna wordt Reinier door zijn ouders het huis uit gezet. ”Ik was thuis niet meer te handhaven, ik ben op mezelf gaan wonen. “Toen ging het als een sneltrein met de muziek. Ik kon eindelijk hard gaan draaien. Ik kocht goeie draaitafels en was iedere week in de platenzaak te vinden om platen te kopen. Ik ging qua stijl steeds dieper de darkcore in. Ik kocht platen van onder andere: Ruffneck, Enzyme, Supreme Intelligence en Masters of Hardcore.”
Darkcore
“De duistere muziek begon me meer en meer te boeien. Ik zette me af tegen het christelijke. Ik verloor mezelf in de muziek. Alsof ik een nieuwe identiteit had. Ik luisterde niet alleen darkcore, ik was darkcore! Ik praatte alleen nog over muziek, drugs en seks. Ik werd antichristelijk door die muziek. De satan was in die muziek. De duisternis zat in mij. Ik had contacten met mensen die aan satanisme deden en keek horrorfilms als Hellraiser. Het DNA-platenlabel geeft goed aan hoe ik op dat moment was: Dark, Negative & Anti-social.”
Het is inmiddels mei 2003 en Reinier krijgt een badtrip door het gebruik van paddo’s. “Ze brachten me naar het ziekenhuis. Daar heb ik nog zes uur getript. Ik had een doodservaring: stond als het ware voor de hemelpoort. Ik zei tegen God dat hij me moest opnemen. Eigenlijk heel raar voor iemand die zich met satanische zaken bezig hield.” Na deze trip krijgt Reinier last van achtervolgingsangst en faalangst. “Ik begon nog extremer te leven: iedere dag gebruiken en ieder weekend helemaal los.”
Bidden
In oktober 2003 gaat het helemaal fout met Reinier. De angst, de duisternis en de drugs stapelen zich op in zijn leven. “Tijdens Thunderdome in Utrecht ben ik helemaal doorgedraaid. Ik ben van de dansvloer gehaald omdat ik daar gebruikte. Een week later had ik een halloweenfeest bij mij thuis georganiseerd, compleet met satanist en drugs. Ik zag duistere dingen en voelde de aanwezigheid van de duivel in mijn huis. Ik stuurde iedereen naar huis. Ik was alleen en toch zag ik van alles om mij heen. Ik dacht: dit moet stoppen! Ik voelde me een speelbal van de duivel. Ik wilde gaan bidden, maar ik had dit al vijf jaar niet gedaan. Ik zei: Heer, laat zien dat u bestaat, dat u me kent en dat u iets met me wilt gaan doen! Ik word gek, help me!”
“De volgende dag belde mijn zus. Ik vertelde dat het niet goed ging. Hierdoor is mijn hele familie voor mij gaan bidden. Ik ben toen radicale keuzes gaan maken. Ik ben gestopt met harddrugs en heb alles weggegooid. In het volgende weekend koos ik om ook met de wiet te stoppen en God te volgen. Ik heb me vervolgens bij De Hoop aangemeld.” Daar komt Reinier in de rust…
“Hier kan ik genezen van psychische en sociale schade die ik de afgelopen jaren opgelopen heb. Ik kon voor het eerst sinds hele lange tijd geen gabber draaien. Muziek was voor mij ook een verslaving. Ik heb mijn muziek (1000 à 1500 platen en cd’s) uiteindelijk weggedaan. Het was een afscheid wat pijn deed (meer als weggaan bij je vriendin). Het was radicaal en definitief. Eén ding weet ik zeker: hardcore maakt je kapot. Voor mij geen duistere muziek meer! Vroeger zei ik: ‘Gabber is dood, hardcore leeft’. Maar nu weet ik: ‘Hardcore maakt dood, maar Jezus leeft!’”
Bron: STR8, jongerenblad van St. De Hoop.

















![[img]ajaxforum.nl/images/smiles/2004_middelvinger.gif[/img]](https://ajaxforum.nl/images/smiles/2004_middelvinger.gif)







