Een Surinamer en een Turk zitten op een boot die aan het zinken is.
Ze beginnen met zwemmen tot ze op een eiland aanspoelen.
Op dat eiland worden ze door kannibalen gevangen genomen en het opperhoofd zegt:
"In de pan ermee".
De Surinamer zegt: "Kunnen we iets doen om niet in de
pot te moeten? De kannibaal zegt: "Ja, je moet een opdracht vervullen".
De Surinamer: Geef die opdracht dan maar" en de Turk:"Ja, kom hier met die opdracht".
De kannibaal: Ga in het bos 100 gelijke vruchten zoeken en kom ermee
terug, dan zal je je tweede opdracht krijgen".
De Surinamer is als eerste terug met 100 bosbessen. Het opperhoofd zegt dan tegen de Surinamer: "Stop nu die vruchten 1 voor 1 in je reet zonder te lachen.
Als dit lukt, mag je blijven leven".
De Surinamer krijgt met moeite
99 bosvruchten in zijn gat, maar bij de 100ste bosvrucht, schiet hij in de lach.
Het opperhoofd:"Hoofd eraf en in de pan ermee".
Als hij in de hemel komt vraagt Petrus aan hem:"Ik heb het zo goed in de gaten gehouden en snap echt niet waarom je begon te lachen bij die 100ste vrucht.
Je was er bijna man!" Waarop de Surinamer antwoordt:"Ik
zag die Turk het bos uitkomen met 100 kokosnoten !"
