soms wou ik dat ik een vlinder was,
en weg kon vliegen als het me teveel werd
gewoon, helemaal vrij zijn
geen zorgen en geen paniek
geen liefde en geen haat
gewoon even niets om me heen
helemaal alleen, vrij om mezelf te zijn
even naar je toe daar boven,
je kunnen knuffelen, praten en alles wat ik wil.
Je zeggen dat ik van je hou,
En dat ik er nog steeds van reel.
Soms denk ik dat ik het terug kan draaien.
Dat ik je gewoon weer over je kale hoofd kan aaien.
En zeggen alles komt goed,
Maar stiekem weet ik dat dat het niet doet.
Onthoud dat ik dag en nacht aan je denk.
Dat is het geschenk ,
Wat jij heb achter gelaten.
Nou moet ik veder zonder jou,
Dat gaat nu echt niet heel gauw
Ik zal je nooit vergeten.
Ook al ben je niet meer in leven.