Partyflock
 
Profiel · 478501
Profielafbeelding · wanroijke
Dat ben ik!!!
Deze gebruiker is al geruime tijd niet meer langsgeweest en staat derhalve op non-actief.
Naamerik
WoonplaatsDoesburg (Gelderland)
LandNederland 🇳🇱
Beroepbouwvakker
Geboortedatum
Leeftijd46
Geslachtman
Geaardheidhetero
Favoriete genreshard dance, hard house, hardcore, hardstyle
hardcore, hardstyle, house
Lid sinds24 november 2006 15:59
Statusinactief
Laatst hier7 juni 2007 11:30
Laatste aanpassingvrijdag 24 november 2006 om 16:16

Agenda

Laatst bezochte feest was op zaterdag 2 december 2006: Thunderdome, Jaarbeurs, Utrecht

Statistieken

2393·pagina's bekeken
6Partyflockvrienden
2·evenementen bezocht
1×geciteerd
18·opmerkingen
122·privéberichten verzonden
37·privéberichten ontvangen
Waarschuw beheerder
TOEN zag ik je --
Er was toen veel licht,
de kamer was een bloem die dicht
in eens open uit gaat schijnen,
het licht vloog rond in lijnen.

Ik was heel stil en ik dacht niet veel,
ge hebt gekeken en heel
mijn hoofd is wijd opengewaaid,
zooals 's zomers opengelaaid
boven op een wijd, wijd land,
in een wijd wereldsch open land --
zoo was ik eens in die kamer
in die roode gouddoorlijnde kamer
waar het gasgoudlicht doorvloog op vleugels
vleugslaande wegslaande roeivleugels
in de teere lucht,
in de bevende lucht,
in de lucht die vlucht als je doorgaat --
hoor hoor hoor o ik hoor het,
je teer droog keelstemmetje spreken,
omhoog en wat lager spreken
vlak voor me, ik rook je teer vleesch,
je uitschijnend stillevend vleesch,
ik stikte in je oogenkijken
in dat tintelend bloote kijken
uit dat stil hoofdbewegen,
in dat trillen en dat bewegen
van je handen en je hoofd en je voet
zooals het aan me nu nog doet.
O kon ik maar vinden
het uitvlietend gezwinde
woordenriviersterrelsel
waarin ik het alles vertel
voordat ik weg ga sterven
in het leven waarin ik zoo zwerve.
Maar o schoone tintelkleure
die binnen de groote lichtdeuren
van den zonzomer is,
en al de lichtlichternis,
de hooge heilige mis
van de dagen,
en goudlicht en avondschijn
in de roode kamer die zijn,
waarin zij toen was
met haar lichaam als glas
zoo doorzichtig, zoo lichtig, wilt wezen
samen altijd uitgelezen
in me die haar eenmaal zag
in uw licht roodgoudwitten dag.

Want laat ik maar bibbren
en maar heel wèg sidderen
in woorden opdat niets meer is
dan hare lichternis.