Partyflock
 
Profiel · 148214
­

Agenda

Laatste feest was op zaterdag 22 februari 2014: Hardcore4life, Maassilo, Rotterdam
Statistieken
± 92718·pagina's bekeken
72Partyflockvrienden
71·favorieten
77·evenementen bezocht
9·winactie deelnemingen
3·flocks
2·polls
8×geciteerd
509·opmerkingen
2·opmerkingen onder foto's
12·waarderingen
3·flockberichten (onderwerpenlijst)
1315·privéberichten verzonden
1021·privéberichten ontvangen
­
­
­

wat wil sonder bier
bier drink je met plezier



59 spreuken waar ik van hou

1. 24 uur in een dag.........24 flesjes in een krat....!Toeval?

2. toch nog altijd beter drinken om te vergeten, dan vergeten om te drinken!

3. beter één biertje aan de bar, dan tien in de krat

4. Goede wijn....is nog geen bier!

5. In bier zitten vrouwelijke hormonen. Als je te veel drinkt ga je zeuren en slecht rijden.

6. drinkelen = drinken + winkelen

7. bier is slecht voor de mens, vooral als het slecht bier is!

8. leg mij eens uit: als je niet mag drinken en rijden,
waarom zijn er dan zoveel parkeerplaatsen bij een café?

9. het gras is groen, de lucht is blauw! Ik ben niet zat, wat klets je nou?

10. beter een buik van het drinken dan een bult van het werken!

11. als de drank is in de man is de wijsheid in de kan.

12. Ons Lief Heerke maakte van water wijn, waarom zou drinken dan zonde zijn?

13. Drink met (je) mate!

14. De tijd dringt, ik drink dus mee!

15. Geniet nooit met mate!

16. In de hemel is geen bier, daarom drinken wij het hier.

17. Wie wil vergeten moet veel drinken.

18. Voor elk wat pils

19. Streep door wat fout is: bilspier - pilsbier

20. Als ik dorst heb ziet niemand het, als ik zit te drinken ziet iedereen het!

21. Drinkt U zat is onze leuze, al was 't met Kriek, Lambiek of Geuze.

22. Ge mot drinken as de pis gaat stinken

23. Bier is hét bewijs dat God van de mensen houdt en ons gelukkig wil zien

24. Als we drinken, worden we dronken. Als we dronken worden vallen we in slaap; als we slapen doen we geen kwaad; als we geen kwaad doen komen we in de hemel; Laat ons dus drinken en naar de hemel gaan!

25. Intelligente mensen móeten soms wel drinken, om hun tijd met sufferds door te kunnen brengen!
26. Ik heb medelijden met mensen die niet drinken: ze voelen zich 's morgens, overdag en 's avonds altijd hetzelfde

27. Met bier en zang, leeft men lang

28. Als ik de poen had die ik al verzopen had kon ik weer zuipen.

29. Beter een pens van het zuipen dan een buik van het drinken.

30. Drinkt nooit zonder dorst, kust nooit zonder lust

31. Wie drinkt sterft, wie niet drinkt sterft ook!

32. Alle dagen dronken is ook een regelmatig leven!

33. Met gebroken glazen kan men de waard niet betalen.

34. Niet saeghen, maar pinten vragen!

35. Je leerde eerder te drinken dan te eten; uit dankbaarheid mag je dat nooit vergeten!

36. Alcoholvrij-bier is als een BH aan de waslijn: het beste is er al uit!

37. Ieder praat over mijn drinken, maar niemand over mijn dorst

38. Wie is er niet verzot, op 'ne goeie frisse pot

39. Beter áán dan óp de fles !

40. Daar zijn meer oude zuipers dan oude dokters.

41. Een bier met liefde gebrouwen, drink je met verstand!

42. God zij dank, wij zijn weer aan de drank!

43. Bier drinken doe je nooit alleen, tenzij je alleen bent!

44. Als ik zat ben ziet het iedereen, als ik dorst heb ziet het geen een.

45. Biertje, biertje... 'k zal U zuipen, al moet ik op handen en voeten naar huis toe kruipen.

46. Een gezonde ziel kan in geen droog lichaam wonen.

47. Effe denken: is dit nou m'n eerste biertje van vandaag, of m'n loatste van gisteren ?"

48. Ik drink maar bij 2 gelegenheden: als het regent en als het níet regent!

49. Liever Parkinson dan Alzheimer: Ik mors liever een beetje dan dat ik vergeet te drinken.

50. Zolang er maar drank is, heb ik geen drankprobleem!

51. Drinken halveert je leven, maar je ziet dubbel zoveel!

52. Alle menschen hebben geen verstand van bier; doch die er verstand van hebben, die komen hier.

53. Zalig zijn zij die een biertje zuipen: zij verschijnen voor de Heer met dunne beentjes en dikke buiken!

54. Een kameel kan wel 10 dagen werken zonder te drinken; ik kan wel 10 dagen drinken zonder te werken!

55. Het krat raakt leeg, gedachten vervagen; zolang het promillage steeg, hoorde je mij niet klagen!

56. De druppel valt niet ver van de tap!

57. Water laat de palen rotten, zij die het drinken zijn de zotten!

58. Liever gedronken en gestorven dan niet gedronken en tóch bedorven.

59. Ik kan ook bier drinken zónder lol te hebben.

en nu nog 100
1. Hier verdrinken er meer in het glas dan in de zee.
2. Als je hoort hoe het klokje thuis tikt, zit je niet in het café.
3. Een goed café om de hoek is beter dan een verre brouwerij.
4. Als ma van huis is, komt het bier op tafel.
5. Eén biertje maakt nog geen dronkenschap.
6. Bier maakt meer goed, dan vrouwen kapot kunnen maken.
7. Zo dom als een maltdrinker.
8. Hij groeit op voor galg en krat.
9. Het bier niet opdrinken voordat het getapt is.
10. Hoe meer biertjes hoe meer vreugd.
11. Oost west, dorst gelest.
12. De pils aan Maarten geven.
13. Zoals het tapje thuis tapt, tapt het nergens.
14. Joost mag het drinken.
15. Als het bier gedronken is, sluit men de tap.
16. De glazen horen klinken, maar niet weten waar de tap is.
17. Er zit een addertje onder mijn glas.
18. Het twintigste pilsje is een daalder waard.
19. Een pilsje in de zak kopen.
20. Leven als God in het café.
21. Malt als bier verkopen.
22. Wie het onderste uit zijn glas wil, krijgt het schuim op zijn neus.
23. In ieder glas past een pilsje.
24. Wie Amstel zegt, moet ook bier zeggen.
25. Alleen voor bier komt de aap uit mijn mouw.
26. In de kroeg gelogeerd zijn.
27. Weten waar Abraham zijn bier haalt.
28. Het bier bij de buren is altijd koeler.
29. Iemand een biertje van eigen tap geven.
30. Het was echt een bierdop op zijn kant.
31. Wie voor Amstel Malt geboren is, zal nooit Palm drinken.
32. Men moet drinken uit de glazen die men heeft.
33. Hoge glazen vangen veel bier.
34. De pul bij het handvat pakken.
35. Men kan nooit weten hoe een koe een pilsje opent.
36. Men moet geen dode biertjes uit de tap halen.
37. Ze praten over glazen en pullen.
38. Dat is geen zuivere pils.
39. De kogel is door de kroeg.
40. In het land der Malt is Lingens koning.
41. Hij heeft zijn ziel aan de Amstel Malt verkocht.
42. Kleine pulletjes hebben grote oren.
43. De regels aan zijn laarsje lappen.
44. Vechten tegen de bierkaai.
45. Malt verwijt Lingens dat hij soft is.
46. Bier om bier, malt om malt.
47. Het bier wordt nooit zo koud gedronken, als hij wordt getapt.
48. Met een krat bier in huis vallen.
49. Een ezel drinkt niet twee keer van dezelfde Malt.
50. Van de Malt in de Lingens geraken.
51. Met zijn neus in de schuimkraag vallen.
52. Het Bier is niet voor de ganzen gebrouwen.
53. Zelfs de beste drinker verslikt zich wel eens.
54. Het beste pilsje uit de kelder halen.
55. Bier heeft alle woorden.
56. Een pilsje in de kraag vatten.
57. Bier naar de tap dragen.
58. Bier maakt de man.
59. Bier verzoet de arbeid.
60. De pils uit de tap kijken.
61. Bier is een goede dienaar, maar een slechte meester.
62. Lekker bier wordt veel getapt.
63. Eens gedronken blijft gedronken.
64. Hij heeft te diep in het glaasje gekeken.
65. Wie een kuil graaft voor een ander krijgt dorst.
66. Al het goede komt uit de tap.
67. Goedkoop is maltkoop.
68. Geen bier zonder schuim.
69. Morgenstond heeft een kater in de mond.
70. Het is niet alleen bier wat er getapt wordt.
71. Eigen tap is goud waard.
72. Roet in het bier gooien.
73. De beste zuiplappen zitten thuis.
74. Men drinkt het biertje nooit ver van de tap.
75. Waar gedronken wordt, vallen druppels.
76. Wie het bier niet kent, drinkt het niet.
77. Wie het laatst drinkt, lacht het beste.
78. Nu heb je de pinten aan het dansen.
79. Op de verkeerde kruk gezet worden.
80. Over het glas getild worden.
81. Achter het glas drinken.
82. Bier goed, al goed.
83. Wie het bier lust, drinkt het op.
84. Van een fles een vat maken.
85. Hij heeft drie biertjes in één glas.
86. Je vangt meer alcoholisten met bier, dan met ranja.
87. Iemand een Malt aannaaien.
88. Alle wegen leiden naar de kroeg.
89. Beter één biertje in je hand, dan tien op de grond.
90. Voor het tapje gehouden worden.
91. Wie goed doet, bier ontmoet.
92. Wie bier zaait, zal whisky oogsten.
93. De kater in de put vinden.
94. Het schip verging met man en bier.
95. Alcohol in de wonden strooien.
96. Bier maakt blind.
97. Naast de tap zuipen.
98. Bier regeert met ijzeren hand.
99. Als twee zuiplappen vechten om een pint, gaat de derde ermee aan de haal.
100.Ter land, ter zee en in de kroeg





­
­
deede zu dat maar bij mij thuis